Op het nieuwe Tzum-filmpje hiernaast aan de rechterkant leest K. Schippers tijdens het festival Dichters in de Prinsentuin het gedicht ‘Vulpen, zwart’. Wie echter het festivalboekje Dagelijks brood heeft gekocht, ziet dat het gedicht in de bundel ‘Vulpen, groen gevlamd’ heet. Wat is er veranderd? Heel veel, als je naar het gedicht luistert. lees verder ›
Nieuws: K. Schippers verandert groen gevlamde vulpen in zwarte vulpen
Nieuws: Zon keert terug bij Dichters in de Prinsentuin
Nieuws: Regen spelbreker bij Dichters in de Prinsentuin
Er zijn allerlei nevenprogramma’s, maar het hoofdprogramma van Dichters in de Prinsentuin, het grootste poëziefestival in de open lucht, vindt toch plaats op donderdag en vrijdag. De dertiende editie begon inderdaad ongelukkig. Allereerst zat Judith Herzberg die de middag opende weer te mopperen op mensen die fotograferen (‘zo’n rare gewoonte’). Bij het volgende optreden begon het te regenen en dat duurde ongeveer anderhalf uur. Voor het eerst in het dertienjarig bestaan van Dichters in de Prinsentuin viel er zoveel regen. Daardoor ontbrak de lome sfeer van in het gras liggende luisteraars. Morgen zal alles beter worden. lees verder ›
Reportage: Godfried Bomans in Haarlem
In het zaaltje bovenin museum De Hallen zit een vrouw hardop lachend te kijken naar het grote scherm voor zich. Godfried Bomans houdt een lezing waarin hij alle hoogtepunten van Nederland heeft genoemd: het Drielandenpunt, maar ook Joseph Luns. Hoe lang zouden mensen nog om zo’n grap kunnen lachen? De tentoonstelling waarmee de Haarlemse schrijver ruim wordt geëerd, zou ook wel eens de laatste kunnen zijn die aan hem gewijd wordt. lees verder ›
Recensie: Benny Lindelauf – De hemel van Heivisj
Een verloren droom
‘Dit boek moet je lezen,’ zei auteur Tjibbe Veldkamp toen ik door de kinderboekenwinkel liep en hem om een goeie tip vroeg. De hemel van Heivisj van Benny Lindelauf was volgens hem een absolute aanrader. Het is de opvolger van Negen Open Armen en kent dezelfde personages, maar is heel goed apart te lezen. Toen ik De hemel van Heivisj uithad, zag ik dat ik het eerste deel zelfs ongelezen in de kast had staan. Daar moet verandering in komen, want Veldkamp had gelijk: De hemel van Heivisj is een echte aanrader. lees verder ›
Gedicht: Thomas Möhlmann – Slaaplied
Slaaplied
Er gaan dagelijks kranen, deuren open
en dicht met een vergelijkbare beweging
er schommelen kleine golven van
en naar de romp, er zijn mensen op
en klaar om de stad in te gaan
en mensen voor wie het bedtijd is
maar ook als we slapen bieden de dagen
onderdak aan wie ademhaalt en de nachten
wrijven zacht hun balsem op de huid
van iedereen die ligt, in het donker
in genade, in het zwakke schijnsel
de lucht zwaar en zoet van sinaasappels
het volkomen misplaatste volkomen
vertrouwen, ik vind je mooi en toch
verdwijnen er elke dag golven, kinderen,
steden, verlangens, zijn er altijd mensen
voor wie het bedtijd, mensen
voor wie het altijd bedtijd is.
Thomas Möhlmann lees verder ›
Foto: Paul Auster
Je hebt mannen die mooi oud worden en je hebt mannen die er mooi uitzagen toen ze zo rond de twintig waren. Paul Auster hoort een beetje bij de laatste categorie. Hij sleept zijn verloren gegane jeugd mee op zijn gezicht. Dat is niet erg, schrijvers mogen dat.
Kun je aan het gezicht van iemand zien hoe zijn boeken zijn? Ik zie een licht kwaadaardig trekje, een flinke dosis ironie in de Modiglianiogen, wenkbrauwen die niet weten wat ze willen, neergaande lijnen bij de mondhoeken, maar toch een glimlach: hier zit iemand die je goedmoedig beentje weet te lichten. Of schrijf je al die kenmerken aan hem toe omdat je juist die boeken kent en zit hier een schrijver gewoon lekker op een terras, terwijl achter hem een aantal mensen lawaai maken en voor hem een man met een Leica zit die ‘Smile’ zegt.
Artistiek Bureau: Astrale liefde
Je krijgt als lezer toch een beetje argwaan, als een roman niet meteen met het verhaal begint, maar opent met bladzijden vol aanbevelingen. Het was in het fin-de-siècle een terugkerende uitgeverstruc. Het waren echter niet de beste romans die dit extra duwtje in de rug kregen. De Terugweg (1929) van Adriaan Trabak is een interessant boek, maar lekker weg lezen doet het niet, al beweren Van Deyssel, Querido c.s. het tegendeel in hun inleidende aanbevelingen. De roman Astrale liefde (1916) van Johan Hora Adema begint pas nadat o.a. Kloos, Van Logchem, Reddingius de schrijver hun lof hebben toegezwaaid voor zijn boek Thea, waarvan Astrale liefde de ‘tweede omgewerkte druk’ is.









