In het onderzoek naar het leven van F. Harmsen van Beek (1927-2009) – resulterend in de biografie Hemelse mevrouw Frederike die maandag 5 november verschijnt) vond ik een viertal interessante ongepubliceerde gedichten. Ze dateren waarschijnlijk uit de jaren tachtig of negentig. Een ervan is een klacht die cirkelt rond de vraag waar de liefde is heengegaan. Het begint als een spel met het Franstalige lied van François Villon, ‘où sont les neiges d’antan’ (waar is de sneeuw van vroeger):

‘Where, waar has all the love gone…’

tja, the music en

de dauw van vroeger, verhaal niet van die neiges, die
koninginnen, passies, wreedheden verkleed als poëzie,

nu oude kinderen; en die, die latere maar niet nù
al oude mannen: als knapen zingen, wenen ze welhaast

op heden in St. Pauls Cathedral, Ach neem m’n van
deceptie mal à la Dürer gebroken vleugels af,

laat me nederig kruipen, blij op ooghoogte te zijn met
mijn ook sterfelijke hond. Engelen en/of vogels, vervuild,

schuilen op vergiftige wolkenbossen: ze zijn haast gone.
Meneer de astre solaire, nou ja en Vrouwe Maan mèt het

mannetje: ik vraag je weet iemand nog van dat wezen en
ook dat daar een takkebos bij hoorde en z’n hondje, wie

weet nog diens naam? Herinnering aan droom in Mid-
summer night’s dream. Nee. The love has gone. En de

nieuwsgierigheid zonder voyeurism. Het plaine ver-
langen naar weten hoe het zat of zit eventueel,

ai vergeet maar. Maar mij niet die nog weet, op het
nippertje, hoe het ook weer was, de dagen voordat de

liefde was gone, vergaan. Muziek verdwenen en god
ontluisterd, de honden, de kinderen door hun ouders

begraven, o god, hond van weleer, die heilige dagen.
Toen sneeuw, niet van vroeger, verse, en hemelse muziek en

Liefde, niet van toen, maar nu, liefde nog niet was vergaan.

Where has all the love gone’ is een levenslied van de Amerikaanse countryzanger Hank Snow. Dan volgen de ijle jongenssopranen en de tekening van Dürer van Melancholia als een engel met gebroken vleugels. Het op voet van gelijkheid met de geliefde honden leven en het mannetje in de maan waar kinderen zo van houden: al deze elementen komen langs in dit vernuftig in elkaar grijpende intertekstuele spel dat een onstilbaar heimwee oproept naar de dagen dat de liefde nog niet was vergaan.

Een ander ongepubliceerd gedicht dat opdook is dit lieftallige vers over het leven van een moeder met haar kind. Het dateert uit de periode dat de herinnering aan de kleine Gilles (Harmsen van Beeks zoon) de sombere realiteit van zijn volwassen bestaan kon compenseren: hij raakte verslaafd. Hier lijkt iemand aan het woord te zijn die gaat sterven en haar kind vraagt – hoopvol opdraagt – zich haar als volgt te herinneren:

Hoopvol dienstbevel: Zo moet je
aan me denken later: als in een flits voorbijrennend,
een schaal 90 stuks zelfgemaakte, rococo-ver-
schillend gedecoreerde petitfourtjes op delftsblauw
voor me uit: je kleine razende huishoudmuis, de
uitvindster van het fijnzinnige, liefde en tastbaarheid
daarvan ontwikkelende, kuis-merkwaardige neuzen-
spel: zij die tot op halfhogere leeftijd bleef bebroedde, die
sprookjes vrolijk omveranderde voor je goede nacht, De
verliezerin van sleutels, zodat we ze tenslotte helemaal
weglieten en ik nooit meer de gevel hoefde te beklimmen
om je weer in je roodwitblauwe bed te kunnen dwingen.
Zo moet je aan me denken, als ik eens alleen te pletter zal
slaan en jij omdat we dat niet meer samen kunnen be-
staan. Dood tegenover. Zoals altijd met al die on
vergetelijke dieren en Oma, en wij weenden in het trappen
huis v.wege de acoustiek, Of radeloos, gras nota bene
aten, aan de rand van die slordig bewoonde vijver, waar
achter, op de Hercules Segherachtig beboste heuvels, het
uitgebreide geheime kerkhof was onder waarlijke acacia’s, en al die kussen,
vergeet ze niet, ik bedoel vooral die. Die, nadat ik je soms een opdonder gaf. O
herinner de ontelbare malen, ontelbaar erg, erg lange
minuten, en God weet hoe lang dat is, onuithoudbaar ten
slotte: we elkaars ogen hebben bekeken, als diamantairs,
professionals, tot draaierigheid op zoek om achter een waardebe
paling v. onbegrijpelijk soort karaats te komen waarover je gelezen had en weten wou
‘de ogen zijn de spiegel van de, welke dan, ziel?’
Hoe ver we daarmee zijn opgeschoten, dat weet ik niet,
maar zo wil ik dat je aan ons blijft denken. In onderzoek. Als zijnde blij toe
dat ik deze buitengewoon geheime gegevens
publiceer heeft iets ruws indien niet erger, maar
denk nimmer dat zo iemand als ik zoiets als, als
dit, voor poëzie slijt of verslijt. En ruw zijn we
gewend, nietwaar. Er bestaat iets, noem het
prijsgeven, een contradictio etc, vergeet al die
verheven principes, want in dit geval, er bestaat iets
dat nòg onbetamelijker is. En dat is: helemáál niets.

Tenslotte, eerst vóór jou, was er, wat op je leek,
niets en ná mij, komt logischerwijs alles op hetzelfde neer. Behalve herinnering, vandaar dus.
Drieëntwintig jaar heb ik zonder je geleefd, zonder
je te missen. Doe nu hetzelfde, per gratie, dat
zal nu alles zoveel lieflijker maken, aanvaardbaar,
misschien, hoewel ik denk van toch niet, leven is
waarschijnlijk een ernstig bedoelde maar dodelijke verkleedpartij,
achter de schermen zien we elkaar wederom, oorspronkelijk goed en naakt, terug.
Millioenen millioen voor ons hebben het
gedaan en niet overleefd, wel liefde. Zo sterk, er is niks tegen bestand
liefde noch dood/behalve. Je weet wel. Vandaar.

Dit is een ‘prijsgeven’ van ‘geheime gegevens’, het is niet bedoeld als gedicht (‘denk nimmer dat zo iemand als ik dit voor poëzie verslijt’), wat Harmsen van Beeks ambivalente verhouding tot de poëzie illustreert. Ze gelooft er niet in. Toch kiest ze een poëtische vorm voor deze prachtige herinneringen aan het leven met het beminde kind, in het besef van haar eigen naderende dood. Dat hij eerder dood zou gaan dan zij (Gilles stierf in 2006) is hier nog niet aan de orde.

Maaike Meijer

Hemelse mevrouw Frederike. Een biografie van F. Harmsen van Beek (De Bezige Bij) verschijnt 5 november. Presentatie op maandagvond 5 november, Lutherse kerk (Singel 411) 20.00 uur, gratis toegang, aanmelden bij info@debezige bij.nl.

0

Reacties