Zoeken naar een nieuwe orde der dingen

‘Staat er in het protocol van de mensen die achterblijven iets over wanneer je weer buiten kunt gaan spelen zonder dat mensen je schaamteloos vinden?’ Paula Cid, neonatoloog van begin veertig, verliest in Met planten leren praten, de debuutroman van Marta Orriols, haar partner Mauro. Hij zat op de fiets en werd geschept door een passerende auto. En zo staat Paula er opeens alleen voor.

Neonatologie is het medisch specialisme dat zich bezighoudt met de behandeling van zieke en vroeggeboren zuigelingen. Je vindt in een ziekenhuis niet snel een hoek, waar het leven zo klein en weerloos is als daar. Door Paula Cid juist op die afdeling te laten werken, zet Orriols meteen de toon voor deze roman over de kwetsbaarheid van het leven, het minuscule, uiterste begin en het soms zo onverwachte einde. Daar komt bij dat Mauro ook nog een plantenman was, iemand die van zaadjes en stekjes, volgroeide planten wist te maken. Ja, Marta Orriols, weet hoe metaforen werken.

Als in het leven alles naar verwachting verloopt, bezie je de dood van anderen gemakkelijk van een afstand. Terroristische aanvallen, frontale botsingen, overstromingen met veel slachtoffers, je merkt ze vaak nauwelijks op. Paula herinnert zich meteen op de eerste bladzijde hoe kort de schrik doorgaans duurde als zulke pechvogels in het nieuws ter sprake kwamen. Dat is nu anders geworden. Op de bladzijden die volgen, dringen steeds meer gedachten zich op, die met het verleden te maken hebben, met het nog onverwerkte nu en de plotselinge ongrijpbaarheid van de toekomst.

Ze haalt lieve herinneringen op, krijgt te maken met gepaste en minder gepaste opmerkingen van familie en vrienden, moet zich overal een nieuwe houding aanmeten, zo solitair opeens, en zich teweer stellen op haar werk, dat ze met andere ogen beziet, worstelt met schuldgevoelens en realiseert zich hevig hoe leeg het huis geworden is:

Een pot mayonaise. Twee biertjes. Een stuk groente dat alleen nog maar een met fluwelig schimmel bedekt zacht hoopje is. Twee yoghurtjes die al een week geleden over de datum heen waren. Ik pak er eentje. Een bijna lege pot sinaasappelmarmelade en het gezoem van de koelkast. Verder niets. Welkom thuis.

Met planten leren praten is daarmee een lange oefening in zelfonderzoek, die ook gevolgen heeft voor Paula’s omgang met anderen. Maar voor ze haar leven weer een beetje kan oppakken, een nieuwe orde der dingen kan stichten, moet ze een langdurig rouwproces doorstaan, een ongemakkelijke rite de passage, die er voor een vrouw van nog maar begin veertig heel anders uitziet dan voor een zeventig- of tachtigjarige: ‘Het licht van mijn gezicht is uit’. Aan een verse relatie, zoals met de goedmoedige timmerman Quim, durft ze lang niet te denken, tot de gedragingen van Mauro, de maanden voor zijn dood, ten volle tot haar doordringen en ze inziet dat het hoofdstuk met hem hoe dan ook afgesloten zou zijn geweest.

Het is niet iedere schrijver gegeven om een hele roman puur te kunnen baseren op dergelijke gedachten en gevoelens en de gedragingen die daarbij horen, zonder in herhalingen te vallen en te gaan vervelen. Orriols schreef geruime tijd voor literaire platforms en tijdschriften, publiceerde al een verhalenbundel, maar dit is toch nog maar haar debuutroman. Dit beseft hebbende, is Met planten leren praten een veelbelovend werk. De veelheid aan invalshoeken en de rijkheid van haar taal maken het haar lezers mogelijk zich te kunnen inleven in Paula’s situatie, die het niet gemakkelijk heeft ‘een pad naar de weg’ te vinden ‘om uit het gat te komen’. Enige beroepsdeformatie helpt haar daarbij:

Ik heb maar een paar uur geslapen, maar de statistieken over de kwaliteit van mijn slaap van de afgelopen maanden in aanmerking genomen, heb ik het gemiddelde ruimschoots overtroffen. Ik ben uitgerust opgestaan en wilde geloven dat de dingen zouden gaan veranderen.

Dat de roman tenslotte, vele tientallen bladzijden lang, moeizaam naar een einde zoekt en daarbij de eerdere, onopgesmukte stijl grotendeels wordt losgelaten, is ronduit jammer en ook onnodig. Orriols lijkt er de nieuwe levensfase van haar protagonist mee te hebben willen onderstrepen, maar het loopt allemaal uit in een teleurstellend, nogal pathetisch slotstuk.

André Keikes

Marta Orriols – Met planten leren praten. Vertaald uit het Catalaans door Pieter Lamberts. Prometheus, Amsterdam, 286 blz. €19,99.