Jeanne Bieruma Oosting tekende en schilderde al vanaf zeer jonge leeftijd, tot ergernis van haar steile ouders. Die zagen haar liever wat nuttigs doen. Maar daaraan had Jeanne geen boodschap. Ze werkte onvermoeibaar door, haar lange leven lang. Ze had geen kinderen, en geen lief. ‘Gelukkig maar voor hem,’ zegt ze. ‘Ik zou een zeer slechte huisvrouw zijn geweest. En gelukkig maar voor mezelf ook. Want je kan zo’n kerel ook niet met een plak chocolade naar bed sturen, tenslotte.’

8