Recensie: Andrej Koerkov – Drie jaar onder vuur
Mattenkloppen tegen de Russen
Sinds de Russische invasie in Oekraïne heeft Andrej Koerkov zijn pen als romanschrijver aan de wilgen gehangen. De voortdurende angst voor Russische aanvallen en de onrust die dat met zich meebrengt, verjagen de concentratie die nodig is om een roman te voltooien, zo heeft de auteur in interviews laten weten.
Toch heeft Koerkov, een van de bekendste schrijvers van Oekraïne, de pen niet neergelegd, verre van dat. Sinds de inval in 2022 schrijft hij korte essays en overpeinzingen over wat hij om zich heen ziet gebeuren. Die doorspekt hij met actuele ontwikkelingen in zijn land en in de rest van de wereld.
Veel van die verhalen vinden hun weg naar de onafhankelijke Engelstalige website Kyiv Post en ook naar tal van buitenlandse media. In Nederland zijn Koerkovs verhalen over de Russische bezetting in boekvorm verschenen bij uitgeverij Balans. In 2022 verscheen Dagboek van een invasie, in 2024 Onze dagelijkse oorlog en onlangs verscheen het derde deel onder de titel Drie jaar onder vuur.
Wat opvalt aan zijn beschouwingen is de onderkoelde manier waarop Koerkov schrijft over de ellende die zijn land door de Russische aanvallen moet doorstaan. Zijn vertellingen zijn nergens larmoyant, maar beogen vooral te beschrijven hoe de oorlog doorwerkt tot in alle poriën van de samenleving, die ondertussen probeert om zo goed en zo kwaad als mogelijk is het dagelijks leven te laten doorgaan.
Zo schrijft hij over Anantoly Potiy, die even buiten Kyiv een kwekerij van tropische vruchtbomen had opgezet. Vanwege de invasie had hij zijn kwekerij, die na de inval verstoken was van gas, water en elektriciteit, een aantal weken in de steek moeten laten. Na terugkeer bleken alle gewassen het gebrek aan water en warmte overleefd te hebben. Nuchter noteert Koerkov: ‘Je zou kunnen zeggen dat de verbijsterende overleving van deze bomen een weerspiegeling is van de onverwachte onverzettelijkheid waarmee de Oekraïners met tegenslag omgaan. Ze hadden nooit kunnen verwachten dat ze in zichzelf zouden kunnen ontdekken wat nodig is om te overleven in een land dat voortdurend wordt aangevallen door een kwaadaardige en machtige buurman.’
Zo zitten Koerkovs beschouwingen vol met kleine constateringen die staan voor iets veel groters en duidelijk maken hoe de oorlog doordringt tot in alle vezels van de samenleving. Als zijn zoon terugkomt van een avondje uit naar een stand-upcomedyvoorstelling en vertelt dat er maar negen mensen in het publiek zaten, constateert Koerkov: ‘Nieuwe grappen en anekdotes zijn een zeldzaamheid geworden. Dit is alarmerend omdat Oekraïners humor altijd op prijs hebben gesteld. Nog niet zo lang geleden zou het een serieuze belediging zijn geweest als je zei dat iemand geen gevoel voor humor had. De tijden zijn veranderd.’
Ook op de muzieksmaak drukt de oorlog zijn stempel, zo blijkt uit Koerkovs observaties. Als Touareg-rebellen in Mali erin zijn geslaagd om huurlingen van het Russische Wagner-legioen in een hinderlaag te lokken, leidt dat onder jongeren direct tot een groeiende interesse in de muziek van deze bevolkingsgroep en mogen bands als Tinariwen zich verheugen in een toenemende populariteit in Oekraïne.
Een steeds terugkerend onderwerp zijn de zorgen van veel Oekraïners over de mobilisatie. Mannen in de dienstplichtige leeftijd die voor of kort na de invasie naar het buitenland zijn gevlucht, worden direct na een eventuele terugkeer geronseld voor het leger. De brigades die met deze taak belast zijn, worden door velen gevreesd.
Opmerkelijk is verder de manier waarop tieners in Oekraïne door de Russen worden geronseld om ‘verzetsdaden’ te plegen. Het begint vaak met het spuiten van anti-Oekraïense graffiti, waar ze een paar honderd dollar voor vangen. Vervolgens worden ze ingezet voor grotere klussen, zoals het in brand steken van militaire voertuigen. Zo trachten de Russen Oekraïne ook van binnenuit te ondermijnen.
Toch probeert Koerkov ook lichtpuntjes te ontwaren. Zo schrijft hij over een filmpje dat viraal ging op sociale media, waarop te zien is hoe een man tijdens een raketaanval op de stad Charkiv in zijn tuin een tapijt met een mattenklopper te lijf gaat. ‘Ik zag het filmpje ook en kon een glimlach niet onderdrukken. Dat iemand tijdens een luchtaanval een vloerkleed stond schoon te kloppen, was in mijn ogen een openlijke trotsering van de Russische agressors.’
Op geopolitiek gebied maakt Koerkov zich vooral grote zorgen over het aantreden van de Amerikaanse president Donald Trump. Direct na diens verkiezing schetst hij in slechts één enkele pagina op profetische wijze precies de ontwikkelingen die de wereld de afgelopen maanden heeft kunnen aanschouwen inzake de Amerikaanse houding ten opzichte van Oekraïne. Zijn conclusie is uitermate somber: ‘Zonder Amerikaanse hulp kan Oekraïne uiteindelijk in een hopeloze situatie belanden, en dan vormen ongunstige onderhandelingen met Rusland de enige uitweg uit de oorlog. Dit zal er weer toe leiden dat nog meer mensen Oekraïne verlaten, vooral jonge mensen.’
Van de Amerikanen heeft Oekraïne niets te verwachten zolang Trump aan de macht is. Het lot van dat land kan de Amerikaanse president geen bal schelen, hij is alleen geïnteresseerd in de grondstoffen waarover Oekraïne beschikt. ‘In dat geval is het lot van Oekraïne afhankelijk van de Europese Unie en andere democratische landen die begrijpen dat dit een conflict is tussen wereldwijd autoritarisme en wereldwijde democratie.’ Ook hier slaat Koerkov de spijker op de kop.
Roeland Sprey
Andrej Koerkov – Drie jaar onder vuur. De verwoesting van Oekraïne. Balans, Amsterdam. 208 blz. € 24,50.

