Een ouderwetse progressief

De organisatie en opvattingen van de EU, de verwaarloosde Europese defensie, woke, het Nederlands in Vlaanderen, De Midden-Oostenkwestie, Oekraïne, Greta Thunberg, al deze zeer uiteenlopende thema’s die vandaag de dag spelen, houden de onverschrokken Vlaamse journaliste en columniste Mia Doornaert bezig. En ze wil er graag over in debat, want ze neemt nooit genoegen met de veelal ‘politiek correcte’ koekoek-eenzang in politiek en media. Zelf denken is een plicht, wordt wel duidelijk uit haar nieuwste bundel essays: Alles welbeschouwd.

Dat Doornaert daarmee vaak tegen gevoelige schenen schopt, mag duidelijk zijn. Doornaert kwam in haar werkzame leven op talrijke plekken in binnen- en buitenland en interviewde vele politieke en maatschappelijke grootheden. Ze was voorzitster van de Vereniging van Beroepsjournalisten in België en later van de Internationale Federatie van Journalisten, van de Commissie Persvrijheid van de Unesco en de World Press Freedom Prize. Op haar 62ste werd ze rechterhand van de Belgische premier Yves Leterme, met name op het gebied van internationale politiek en schreef ze zijn toespraak voor de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Doornaert is voorwaar geen kleine dame.

Dat neemt niet weg dat ze de nodige tegenwind ondervindt in een tijd, waarin er vaak totale consensus lijkt te bestaan over wat verstandige politiek is. Doornaert, net tachtig geworden, verbaast zich enorm over de in haar ogen naïeve en niet minder laffe volgzaamheid als het gaat om de beoordeling van allerlei vraagstukken van onze tijd. Na vastgesteld te hebben dat de EU niet kan claimen Europa te zijn, evenmin een vredesproject is en puur uit zwakte is ontstaan, spreekt ze zich duidelijk uit over onder meer de gebrekkige kennis waarmee in Brussel vérstrekkende besluiten genomen worden.

Door haar grote internationale ervaring en belezenheid is Doornaert in staat afstand te nemen van de waan van de dag en die te plaatsen in een breder perspectief, bijvoorbeeld waar het gaat om hoe er vandaag de dag naar Israël en de Palestijnen wordt gekeken, hoe het imperialistische denken van Poetin al herkend kan worden in de boeken van de grote Russische schrijvers en dat jongeren beter af zouden zijn met meer structuur en regels:

Daarom waren de jaren vijftig en zestig een hartstikke leuke tijd om jong te zijn. Dat was niet alleen omdat we al de pil hadden en nog nooit van aids hadden gehoord. Maar ook omdat we stevige pijlers en muren kregen om tegenaan te schoppen, en geen schrik moesten hebben dat het hele bouwwerk op ons hoofd zou neerkomen. Hoe minder er van die regels en bakens zijn, hoe wilder jongeren op zoek gaan naar ‘taboes’ die ze nog kunnen doorbreken. En dan krijg je scholen waar drugs en rackets toeren, bussen waar de chauffeurs nu in een gepantserde cel moeten zitten, en festivals waar je gefouilleerd, gecontroleerd en omheind wordt. Misschien is een ‘conservatieve’ opvoeding uiteindelijk heel ‘progressief’.

Voorgaand citaat komt uit een van de in dit boek opgenomen oudere columns, die Doornaaert decennia schreef voor haar krant De Standaard. Hij sluit mooi aan bij haar, steeds trefzeker en toegankelijk verwoorde, kritiek op de om zich heen grijpende taalverloedering, die volgens haar debet is aan de toename van geweld in de samenleving. Taal is, schrijft zij, voorwaarde voor elke vorm van emancipatie:

Wie zich vrij en blij in zijn taal kan bewegen, in al haar nuances, kan en durft ook de machtigen der aarde van antwoord dienen.

Grondig taalonderwijs is dus allerminst ‘elitair’. Ze beaamt de opvatting van de in Algerije geboren Franse professor Alain Bentolila, dat taalarmoede dodelijk kan zijn, want ‘wat niet gezegd kan worden, ontploft in daden’.

Geregeld doen de stukken van Doornaert denken aan de boeken van oud-VVD-coryfee Frits Bolkestein, die een al even soevereine internationale en erudiete blik had op de ontwikkelingen in eigen land en daarbuiten. Wie haar nu leest of bekijkt in een van de Vlaamse talkshows, waar ze graag aanschuift om de daar vaak aanwezige, minder goed ingevoerden met een stellige mening welbespraakt van weerwoord te dienen, hoort een geluid van nog niet eens zo lang geleden. De tijd toen gematigd links nog een rol speelde. Doornaert verbaast zich er dan ook over dat ze, ooit ‘rode Mia’ genoemd, tegenwoordig soms wordt weggezet als ‘zo rechts’. En dat terwijl ze meent een ‘ouderwetse progressief’ te zijn gebleven, die ‘op dezelfde tegel’ is blijven staan:

Wat is er gebeurd met centrumlinkse krachten dat ze het Europese erfgoed zijn gaan minachten en in onderwerpingsmodus zijn gegaan voor een godsdienst die haaks staat op dat erfgoed?

André Keikes

Mia Doornaert – Alles welbeschouwd. Ertsberg | Standaard Uitgeverij, Antwerpen. 320 blz. € 24,95.