Verslaafd in Parijs

Robert Desnos (1900–1945)  is bij het grote publiek misschien minder bekend, maar hij heeft wel degelijk een belangrijke betekenis gehad binnen het surrealisme en kan als een pionier ervan worden beschouwd. Bij aankomst in Parijs na zijn dienstjaren in Marokko werd hij meteen opgenomen in de groep rond André Breton, Louis Aragon en Philippe Soupault. Het was een tijd waarin de écriture automatique en de verheerlijking van de droom centraal stonden. Desnos voelde zich als een vis in het water. Met dichtbundels als Rose Sélavy (1922–1923) en Corps et biens (1930) gebruikt hij de écriture automatique en de droomwereld om het onderbewuste bloot te leggen. Tijdens de beroemde surrealistische droomsessies ontpopte de excentrieke Desnos zich als een fenomeen door in een halfslaap allerhande verzen te declameren. Toen Desnos in 1930 uit de surrealistische beweging werd gezet door de rechtlijnige en dictatoriale Breton, nam hij afstand van de droomwereld en het automatische schrijven. Toch kwam het als een verrassing toen Desnos in 1943 de roman Een opiumliefde publiceerde waarin hij het surrealistische vrije schrijven en het lyrische vervangt door een sociaal realisme.

Een opiumliefde is een sleutelroman waarin een tiental verslaafden met elkaar optrekken om cocaïne, heroïne en opium te gebruiken. Een hechte vriendengroep is het niet want waar drugs de verbindende factor is, verdwijnt vriendschap, trouw en wederzijds respect. Niemand is winnaar in deze roman. Er is de hel om steeds drugs te vinden en de angst voor de politie. Sommigen worden gearresteerd of belanden in een psychiatrische instelling, anderen proberen tevergeefs te ontwennen en meerdere personages sterven door een overdosis of zelfmoord. Iedereen is fundamenteel eenzaam en de gesprekken tussen de personages zijn leeg en betekenisloos.

In ons eentje, we zijn altijd in ons eentje, en de kussen die we uitwisselen hebben nooit iets bewezen, nooit iets uitgelokt. Liefde onder ons? Nee. Egoïsme. Weet je op wie we lijken? Op pederasten. Net als zij vormen wij een geheim en internationaal genootschap. We herkennen elkaar aan onmiskenbare maar onbeschrijfelijke tekens.

De onderliggende boodschap van Desnos is humanistisch. In zijn woord vooraf schrijft hij dat verslaafden het slachtoffer zijn van sociale omstandigheden en dat de huidige repressieve wetten onrechtvaardig zijn. Verslaafden moeten niet gestraft maar wel geholpen worden.

Een opiumliefde is gebaseerd op persoonlijke ervaringen van druggebruik tijdens de jaren twintig van de vorige eeuw en Desnos’ hartstochtelijke verliefdheid op de Belgische zangeres Yvonne George – een verliefdheid die niet wederzijds was. (Over deze verliefdheid op ‘la mystérieuse’ schreef Desnos verzen waarvan er eerder bij Uitgeverij Vleugels werden opgenomen onder de titel Praatzieke duisternis en Onder dekking van de nacht.) Het is door George dat Desnos in aanraking kwam met drugs. Net zoals in de roman – waarin we Desnos herkennen in Antoine Maison en George in Barbara Durant – gebruiken ze samen drugs en vraagt George meermaals aan Desnos om voor haar drugs te gaan kopen. Uit het nawoord van vertaler John Fenoghen blijkt dat Robert Desnos de enige surrealist was die drugs recreatief en in gezelschap gebruikte. Dat deed hij niet om zijn literaire arbeid te stimuleren maar enkel onder invloed van zijn onbereikbare liefde. In de roman krijgt  de mooie en welstellende George/Durant dan ook een centrale positie. Maar ook anderen krijgen vorm. In elk hoofdstuk beschrijft Desnos de ervaringen van een druggebruiker. Er is de oude dokter Auportain die zijn laatste levensfase met druggebruik vult maar neerkijkt op de groep jongeren die hun leven verkwisten. De jonge loodgieter Dondlinger wordt ook verliefd op Barbara Durant en raakt binnen de kortste keren verslaafd. Courvoisier, een wat dubieuze wetenschapper, slaagt er niet in om zijn bevindingen op papier te zetten omdat zijn hoofd niet helder is. En een bedrijfsleider verwaarloost zijn bedrijf.

Dat alles wordt door Desnos opgeschreven in een heldere taal zonder tierelantijnen en met nadruk op de verwoestende effecten van de drugs. Maar hoewel Fenoghen in het nawoord schrijft dat Een opiumliefde een boek is met de boodschap om weg te blijven van drugs, ligt die boodschap gelukkig niet vingerdik op de roman. Sommige passages zijn zelfs tragikomisch. Een opiumliefde is een mooie verzameling schetsen van mensen die niet kunnen weerstaan aan het vluchten van de realiteit naar artificiële paradijzen.

Kris Velter

Robert Desnos – Een opiumliefde. Vertaald door John Fenoghen. Vleugels, Bleiswijk. 200 blz. € 24,50.

Te koop bij de betere boekhandelaar of direct bij de uitgever.