Recensie: Roy van der Zwaard – Hoofdzaak
The disease to please
Roy van der Zwaard heeft eerder al wel wat kortverhalen gepubliceerd en bracht in 2014 onder pseudoniem ook een (semi-)autobiografische youngadultroman uit, maar de psychiater en psychotherapeut debuteert nu onder eigen naam met de roman Hoofdzaak, een vaardig opgebouwd verhaal over een medische fout, een misser die leidt tot een tuchtzaak en die de levens van twee gezinnen ingrijpend verandert.
Van der Zwaard volgt in Hoofdzaak twee gezinnen. Er is het wat liefdeloze koppel Dorine Welgemoed/Theo Bakker. Dorine moet haar kapsalon sluiten na een tragisch ongeval waarbij ze zelf een oog verliest. Theo krijgt de ziekte van Parkinson en wordt doorverwezen naar neurochirurg Joost van Kesteren, dé grote autoriteit op het vlak van diepe hersenstimulatie (DBS). Van Kesteren van zijn kant is samen met Laura de Botton, die aan het hoofd staat van mensenrechtenorganisatie House of Civil Liberties. Beide gezinnen hebben een kind van ongeveer dezelfde leeftijd die allebei geneeskunde studeren en die een relatie krijgen.
Centraal in het verhaal staat de hersenoperatie op Theo waarbij Van Kesteren in de fout gaat. In een vlaag van overmoed en blind vertrouwen laat hij zijn jonge assistente Soumaya – voor wie hij een boontje heeft – een deel van de delicate operatie doen. Wat volgt is een medische misser. De patiënt krijgt een hersenbloeding, raakt deels verlamd en wordt nadien ook nooit meer dezelfde. Wat de zaak nog erger maakt, is dat de arts probeert de fout toe te dekken.
Ergens in het begin van de roman wordt verwezen naar de ‘disease to please’, ook bekend als het ‘redderssyndroom’. Iemand die lijdt aan dat syndroom is in zijn omgeving voortdurend op zoek naar bewondering en bevestiging, vaak om het eigen zelfbeeld op te krikken. Je zou kunnen zeggen dat dokter Van Kesteren ten onder gaat aan dat syndroom, aan zijn onophoudelijke drang om bij anderen in de bovenste lade te liggen.
De misgelopen operatie had kunnen weggemoffeld worden als een jammerlijk gevolg van risico dat nu eenmaal bij hersenoperaties hoort. Maar dat is buiten Dorine Welgemoed gerekend. Zij ziet het zware lot van een leven als mantelzorger voor zich en legt zich niet zomaar neer bij de gebeurtenissen. Ze is vastberaden om te achterhalen wat er is misgelopen in de operatiezaal en start een tuchtzaak op, een tuchtzaak waarin de pijnlijk schurende waarheid naar boven komt.
Begrippen als schuld en onschuld, rechtvaardigheid en onrecht, goed en slecht zijn zelden binair. Tussen de uitersten zit ook vaak een heel continuüm. Via zijn personages en hun morele dilemma’s laat Van der Zwaard mooi zien hoe mensen zich verplaatsen op dat continuüm. Elk personage in de roman heeft ook eigen worstelingen, eigen geheimen en eigen tegenslagen.
Het gebeurt niet vaak in een recensie, maar laat me misschien ook iets zeggen over het dankwoord. Zo’n dankwoord aan het einde van een roman is voor de lezer doorgaans nogal overbodig. De auteur bedankt zowat alles en iedereen in zijn directe en minder directe omgeving. De schrijver toont zich dankbaar voor het geduld dat anderen met hem hebben gehad in een periode waarin hij zelf misschien vaker dan anders prikkelbaar of ronduit onuitstaanbaar was. Maar het dankwoord bij Hoofdzaak van Roy van der Zwaard is om minstens twee redenen wél bijzonder. Op de tweede reden kom ik zo meteen nog terug, maar van der Zwaard begint met een dankbetuiging aan de Schrijversvakschool in Groningen waar hij les heeft gevolgd en aan zijn schrijfcoach. Tijdens die schrijflessen werd ook de kiem gelegd voor Hoofdzaak.
De impact van die coaching is ook duidelijk voelbaar. De roman is zorgvuldig opgebouwd en krijgt door de structuur (proloog, vier delen, epiloog) de allure van een netjes gecomponeerde tragedie. Er zit ook best vaart in de roman. Toch zitten er nog enkele kleine weeffouten in de constructie. Het gaat om kleine dingen die niet in de weg zitten. Geen erg dus. Wat iets meer stoort, zijn enkele geforceerde, gekunstelde verhaalelementen. Zo is het bijvoorbeeld wel heel toevallig dat de beide kinderen in de gezinnen geneeskunde studeren en dat ze dan ook nog eens een relatie beginnen. Cirkels zijn alleen mooi als ze ook rond zijn, wordt wel eens gezegd. Maar een roman is nu eenmaal geen cirkel.
Het tweede opmerkelijke element in het dankwoord is dat Van der Zwaard ook de patiënt bedankt die een tuchtzaak tegen hem heeft aangespannen. Van der Zwaard heeft die zaak in 2011 verloren. Terecht verloren, zo zegt hij zelf. Hij bedankt die patiënt, niet alleen omdat hij daardoor ‘zorgvuldiger’ is geworden, maar ook omdat het hem heeft geleerd het patiëntenperspectief ‘met onder andere machteloosheid, angst en woede – beter te begrijpen als er medische fouten worden gemaakt’. Met die boodschap in het achterhoofd krijg je meteen zin om het verhaal opnieuw te gaan lezen.
Maarten De Rijk
Roy van der Zwaard – Hoofdzaak. Uitgeverij GiST, Delft. 288 blz. € 24,99.


wat is ‘en boontje hebben’?