Blutch loopt over

Nummer 69 van De Blauwbloezen alweer. Raoul Cauvin en Louis Salvérius (die al in 1972 overleed tijdens het maken van deel 4) worden voorin Lincoln als schietschijf als de oorspronkelijke makers vernoemd en dat is terecht. Willy Lambil is alweer vele tientallen albums de tekenaar, al was er even, rond het laatste album dat Cauvin schreef (die in 2021 overleed), een kleine wisseling van de wacht. Lambil, inmiddels ook al 89, heeft de laatste vier albums weer getekend.

Voor Fred Neidhardt is dit de tweede keer dat hij een scenario schrijft en dat zit in dit album goed in elkaar (het vorige album heb ik overgeslagen, maar dat verzuim zal ik goedmaken). De hoofdrollen zijn traditioneel weggelegd voor de wat sullige korporaal Blutch en de ietwat heetgebakerde sergeant Chesterfield. Blutch probeert altijd vroegtijdig te ontsnappen aan de gevechten in de Amerikaanse burgeroorlog door zich schijnbaar gewond van een paard te laten vallen. Deze keer heeft hij pech en wordt hij gesnapt, voor de krijgsraad gesleept en veroordeeld tot de dood. De nacht voordat het vuurpeloton een eind aan zijn leven zal maken doet Chesterfield nog een halfslachtige poging om hem te redden, maar die mislukt. Blutch zit net als de spionne Belle Bloyd in de gevangenis en samen weten zij te ontvluchten, waarna Blutch voor de keuze komt te staan of hij voor de zuidelijke troepen wil werken. Hij heeft niet heel veel zin om in opdracht van een groep die voor de zuidelijken werkt een noordelijke generaal neer te schieten. Om zijn goede wil te bewijzen moet hij echter wel.

En dat is misschien genoeg informatie over de inhoud, want Neihardt zorgt voor een paar verrassende tournures in het verhaal die de motieven en beweegredenen van verschillende personages laten kantelen. En hij behoudt ook de humor in het verhaal door niet al te flauwe grappen te maken, maar hij bouwt wel een running gag in door Blutch en Belle Boyd telkens naar een hotel te gaan van waaruit Blutch de generaal kan omleggen. Blutch weet steeds uitvluchten te verzinnen waardoor de hoteleigenaar denkt dat de twee steeds een genoeglijk herdersuurtje beleven.

Mijn verwachting dat de serie De Blauwbloezen zijn langste tijd gehad heeft, moet ik nu bijstellen. Lambil blijft een fijne tekenaar, met heldere platen, goed in gezichtsexpressies, maar het scenario van Neidhardt geeft de serie weer de broodnodige diepgang. Ik hoop dus dat Lambil doorgaat tot hij 100 is en dat Neidhardt dit niveau weet vast te houden.

Coen Peppelenbos

Willy Lambil en Fred Neidhardt – De Blauwbloezen, Lincoln als schietschijf. Dupuis. 48 blz. € 9,99.