Eén kopstuk maakt de balans op

In de Volkskrant van gisteren was ik één van de ’27 kopstukken uit het boekenvak’ die zijn licht liet schijnen op de stand van de literatuur. Ik was telefonisch ondervraagd door Nina Polak en dan moet je ter plekke antwoord geven op het beste boek dat je de laatste jaren las en ter plekke een mening over van alles hebben en dat heb ik nooit zo. Heb achteraf nog twee antwoorden doorgemaild van zaken die ik eigenlijk had moeten zeggen. Esprit de l’escalier, c’est moi. Op sommige vragen, zoals ‘Hoe zou u de Nederlandse literatuur uitleggen aan een buitenlander?’ had ik helemaal geen antwoord. In de papieren krant van gisteren staat maar een deel van de vragen en antwoorden. Online staat meer. Hieronder al mijn antwoorden.

Hendrik Groen en Doortje Smithuijsen zijn de Boekenweekgeschenkauteurs van dit jaar. Goede keuze? 
‘Eerlijk gezegd, een keuze uit armoede. Niet door de literaire waarde ingegeven, maar commercieel. En het werd ook nog bekendgemaakt op de dag dat Cees Nooteboom overleed.
Er zijn trouwens altijd van die periodes bij CPNB dat ze even van het pad afraken. In de jaren 70 gebeurde dat ook.’

Wie moet het Boekenweekgeschenk volgend jaar schrijven?
‘Een vrouw. Maartje Wortel lijkt me een goed plan.’

Wie is de beste levende Nederlandse schrijver?
‘Gerbrand Bakker’

Welke overleden schrijver heeft de grootste zeggingskracht? Wie is de grootste dode schrijver?
‘Jeroen Brouwers’

Wat is de mooiste roman die u de afgelopen jaren las? Internationaal of nationaal?
Vallen is als vliegen van Manon Uphoff

Ooit was de Tweede Wereldoorlog het grote overkoepelende thema van de Nederlandse literatuur. Is er nu zo’n thema aan te wijzen?
‘Volgens mij niet, het is heel divers en gaat alle kanten uit. De oorlog is inderdaad wel echt een beetje voorbij. Wat vorm betreft zie ik wel een verschuiving naar meer memoires en autofictie. Niet per se een slechte verandering.’

Is de literatuur gefeminiseerd, zoals Paul Sebes in een opiniestuk beweerde?
‘Nee, onzin. Het lijkt me alleen maar goed dat er meer vrouwen in de literatuur komen. We zijn eindelijk van de grote drie af – mannetjes die elkaar afkraakten om hun eigen status op te krikken.’

Er zijn in 2025 2 miljoen minder boeken verkocht. Hoe komt dat?
‘Minder verkoop betekent volgens mij niet per se dat er minder gelezen wordt. Ik was bij een book swap bij de bieb, daar zie je honderden mensen uit duizenden boeken kiezen. Niemand koopt die boeken, maar de lezers zijn er wel. In Groningen staan binnen een kilometer van mijn huis wel vijf van die kastjes waar van alles ingezet en uitgehaald wordt. Dat is een enorme infrastructuur.
Bovendien lezen heel veel mensen via de online bieb, Kobo plus of Storytel, dus dat verklaart ook een deel van de terugloop.’

Wie moet de P.C. Hooftprijs winnen?
‘Koos van Zomeren’

Hoe divers is de boekenwereld?
‘Er komt steeds meer kleur in. Ik ben zelf geïnteresseerd in de regenboogvariant, en die boeken zijn de laatste tijd moeilijk te onderscheiden. Wordt die thematiek verhuld, of maakt het mensen niet meer uit? Het hoeft niet van het omslag geschreeuwd te worden, maar ik zie soms queer boeken over het hoofd, omdat ze niet zo gemarket worden. Ik weet niet of ik het erg vind. Het is misschien ouderwets, dat label.’

Wie is de meest innovatieve uitgever?
‘Moeten we dan Das Mag noemen? Ik vind vooral uitgevers leuk die hun eigen weg volgen. De kleintjes die zich van niets iets aantrekken, zoals Koppernik en Vleugels.’

Wie is de invloedrijkste recensent?
‘Ik denk dat dat Thomas de Veen moet zijn, hij heeft Anjet Daanje echt groot gemaakt. Commercieel heeft hij in ieder geval enorme invloed. De grote namen in de kritiek lijken een beetje weg. Ik geef les aan studenten Nederlands en als ik vraag welke recensenten ze volgen dan blijft het stil.’

Moet het Zondag-katern sterren hebben?
‘Ja. Maar dat zeg ik ook omdat ik nooit meer toekom aan al die ellenlange stukken in de Volkskrant. Een halve pagina dat gaat nog wel, maar drie, vier pagina’s… Dat houd ik niet meer bij. Het heeft trouwens alleen maar nut als mensen soms ook 1 ster geven.’

Coen Peppelenbos