Column: [Sic] – Adieu, bibliotheek
Adieu, bibliotheek
Omdat ik verhuisd ben naar een andere stad heb ik mijn bibliotheekabonnement opgezegd. ‘Jacqueline’ heeft mij, op al dan niet geautomatiseerde wijze, laten weten dat de administratiewijziging is doorgevoerd en wenst mij veel plezier in mijn nieuwe woonomgeving. Ik ben niet geneigd me aan te melden bij een bibliotheek in mijn nieuwe stad, aangezien ik al mijn boeken gratis aan kan vragen als recensent, ik simpelweg genoeg geld heb om naar de boekhandel te gaan en ik altijd terecht kan bij de kasten van mijn belezen vrienden.
Als ik drie mensen of dingen moet noemen die me gevormd hebben tot wie ik nu ben, dan zijn dat mijn moeder, Michael van Gerwen en de bibliotheek. Die eerste nam me al mee naar die laatste voor ik kon lezen. Ik weet nog dat ik van informatieve boekjes hield waar je allerlei dingen uit kon pulken of omhoog kon schuiven: Kididoc heetten ze volgens mij. Je hebt als klein kind maar een paar boeken nodig, die je opnieuw en opnieuw voorgelezen wilt blijven hebben. Je moet dan hopen dat niemand ze gereserveerd heeft, zodat je ze twaalf weken thuis kan laten liggen. Daarna inleveren en snel opnieuw lenen. Tegenwoordig is dat met zelfservice makkelijker dan vroeger, omdat er toen nog een bibliothecaris was die je boeken persoonlijk innam en wegzette. Meteen herlenen was onmogelijk, tenzij je misschien een grote mond had, maar biebbezoekers hebben geen grote mond, het schijnt dat blaaskaken worden tegengehouden aan de deur en met een roman van Vonnegut worden weggestuurd.
Er was geen geld voor sportclubs, er was geen geld voor winkelcentra, maar de bieb vulde onze lege dagen op en kostte bovendien bijna niks. Het is een interessant gedachte-experiment waar ik gestaan had als er geen bibliotheken waren – de eerste keer dat ik een boekhandel van binnen zag kon ik al bij de bovenste plank. Natuurlijk bestaat er ook zoiets als een kringloop, maar daar moet je per boek betalen en hoe laag dat bedrag ook is: dan grijp je toch eerder naar gegarandeerd succes. In de bieb heb ik alles gelezen – strips, thrillers, encyclopedieën en alle Guiness World Records-boeken – tot ik bij de literatuur uitkwam. Als het boek niet leuk bleek, nou, dan bracht je het terug en leende je een ander.
Tegenwoordig zijn bibliotheken plekken waar óók boeken worden uitgeleend: voor de rest zijn er informatie- en hulppunten voor van alles en nog wat, van geldzaken tot het inloggen met DigiD, worden er leesclubs georganiseerd, draaien er films en spelen er zangkoren. De laatste keer ging ik stemmen in mijn bibliotheek en was er daarna een silent disco. De romantiek gaat daarmee weliswaar wat verloren, het maatschappelijk belang is alleen maar gegroeid. Als ooit het luchtalarm afgaat, dan sluit ik waarschijnlijk niet ramen en deuren maar ren ik naar de bieb. Het zal dan alleen niet meer míjn bieb zijn: ik weet hoe ik belastingaangifte moet doen, ik ga naar filmhuizen die veel meer opties bieden, op Lowlands is de silent disco minder ongemakkelijk, in de boekhandel is een roman nooit uitgeleend. Ik pas niet meer in de jas van de bibliotheek – nee, dat formuleer ik verkeerd: ik heb niet het gevoel dat ik nog een jas hoef te dragen op dit moment, ik ben warm genoeg gemaakt. Bedankt daarvoor, alle bibliotheekmedewerkers in Nederland. Ik durf alleen weg te gaan omdat ik weet dat ik altijd terug mag komen.
Martijn van Bruggen

Even een sentimenteel traantje weggepinkt als bibliotheekmedewerker. Bedankt voor deze prachtige hommage, Martijn.