Fiesta: The sun also rises | Zo’n sfeertje van ‘who cares?’

Een groepje jonge Amerikanen, voldoende rijk om de tijd dood te slaan met drinken, kletsen, meer drinken en het bijwonen van stierengevechten. Een jonge vrouw die zich niet schaamt voor haar seksuele impulsen. Een journalist met verminkte (of helemaal geen) genitaliën. Een hete zomer vol feestvierders, stieren en aantrekkelijke torreadores. Wat is er aan de hand met deze an sich zouteloze elementen, dat ze samen een roman vormen die al een eeuw lang herdrukt en gelezen, bekritiseerd en becommentarieerd wordt?

Ik heb Fiesta eerder omschreven als ‘een scherpzinnig portret van jonge mannen op de leeftijd dat de hormonen hun hoogste peil bereiken’. Laat ik daar één ding aan toevoegen: pijn. Dit is een boek over mannen en de pijn die ze verbergen.
Hemingway stelt vooral zijn verteller bloot aan de hel op aarde, maar alle mannen in Bretts orbit lijden. En de auteur toont hoe deze mannen proberen om de druk van de ketel te halen. We zien dat, bijvoorbeeld, in de feilloze registratie van hun gesprekken in de cafés en restaurants van Pamplona. We krijgen lange lappen dialoog, hoofdzakelijk geklets en gezwets, grapjes en lolbroekerij – maar dan opeens, abrupt en zonder overgang, maakt iemand een opmerking over een kwestie die recht naar het hart gaat.
Enkele keren zat ik bij het lezen nadrukkelijk met mijn hoofd te knikken: ja, heel juist, dit is hoe mannen praten. Vrouwen schrikken er niet voor terug om ernstige onderwerpen aan te kaarten en zich bloot te geven. Mannen praten anders: de banter, de grapjes, de plaagstootjes… het zijn allemaal vormen van posturing, bedoeld om een nadrukkelijk luchtige sfeer te creëren. Een sfeer waarin niets van belang is. Alleen in die sfeer kun je, tussen twee opmerkingen over voetbal of stieren door, toch een belangrijk onderwerp aansnijden. Tussen neus en lippen, zogezegd, alsof wat je zegt helemaal niet zo belangrijk is – niet meer dan het zoveelste grapje.
Het is een onuitgesproken verbond, waarin mannen elkaar soms zelfs in bescherming nemen. Als er iemand een paar woorden te veel heeft gezegd en het theater van de luchtigheid bedreigd wordt, zullen anderen die woorden overnemen, herhalen, in het belachelijke trekken – ze zullen de woorden letterlijk onschadelijk maken. Ook hiervan vinden we voorbeelden in Fiesta.

Stijl = thematiek
Ik waag het nu om te veronderstellen dat die omslachtige, typisch mannelijke manier van communiceren een verklaring biedt voor Hemingway’s stilistische aanpak. Remember: zijn stijl is puur nevenschikkend, een aaneenschakeling van feiten die niet toestaat het levensbelangrijke te onderscheiden van het futiele. Toch is het levensbelangrijke wel degelijk aanwezig in deze roman: Jake’s trauma, de herinneringen die Brett probeert weg te drinken, het bijtende gevoel van onmacht bij Bretts minnaars, zo achteloos door haar aan de kant geschoven… Heel af en toe schemert al dat drama door de tekst heen, maar het is omgeven door duizenden details zonder belang, het bevindt net onder het wateroppervlak van een poel vol gedachteloos gebabbel.
Uiteraard is het Brett die deze nevenschikking het raakst verwoordt. ‘I like him,’ zegt ze tegen Jake over haar ex-minnaar. ‘But he’s just so awful.’ Deze tegenspraak heft alle betekenis op: wit is zwart, hoog is laag en niets betekent nog iets. Het is de afgedwongen luchtigheid van een gesprek onder mannen – Brett wordt voortdurend geportretteerd als meer man dan vrouw, remember – bedoeld om de echte pijn achter de woorden te verbergen.
Dit is waarom ik Fiesta een literaire triomf noem: de stijl is in perfecte harmonie met de inhoud. Hemingway heeft een boek geschreven op de manier waarop mannen elkaar gevoelige zaken toevertrouwen: verborgen in luchtigheid en banaliteit, afgeschermd door quasi-objectiviteit. Hij gebruikt een simpel verhaal over seksuele frustratie om een punt te maken over de strategie die mannen gebruiken om elkaar bij te staan. Om te praten over gevoelens zonder zich bloot te moeten geven.
Kijk, dit is nu wat een snob zou noemen: een volte-face. Een duizelingwekkende zwenking van 180 graden: we openden een boek van een schrijver die berucht is voor zijn machismo, en vinden een positief element van mannelijkheid. Onder een dikke laag van alcohol, prostituees en haantjesgedrag, van fist fights en bloed in het zand van de arena, vonden we de wederzijdse bescherming van het gesprek onder mannen, de strategie die het mogelijk maakt je bloot te geven zonder gezichtsverlies te lijden.

‘Anyway’ (om goeie ouwe Ernest nog één keer te citeren), we hebben nu wel genoeg geluld over literatuur: rot op allemaal! Hop-hop, naar het café! Bestel een pint, hef ze in de richting van je vrienden en besef dat je daar staat om een hele goede reden: omdat je er veilig bent.

Mark Cloostermans

Volgende aflevering:
We wagen ons ‘op de grens van het al te verfijnde’

In ‘Held in hoofdstukken’ gaat Mark Cloostermans in literaire werken op zoek naar constructieve, niet-toxische opvattingen over mannelijkheid. De bespreking van een boek wordt telkens over drie à vier afleveringen gespreid.

Boekenlinks: