Recensie: Yorick Goldewijk – Albatros
Het einde van de mensheid lijkt zo slecht nog niet
In zijn nieuwste jeugdroman Albatros snijdt Yorick Goldewijk urgente thema’s aan, zonder pessimistisch te worden. In dit verhaal zijn oorlog en polarisatie aan de orde van de dag. Hij schept een futuristische wereld waarin de mens ten onder gaat, verpakt in een begrijpelijk jasje. Angstaanjagend? Verrassend genoeg niet, eerder troostend.
Soms word je wakker en weet je meteen dat er iets niet goed is. Je weet niet hoe je het weet, maar je weet het, zo zeker als de zon die door je raam naar binnen schijnt.
In de eerste zinnen van deze openingsscène ontwaakt Abel in een bizarre situatie. De wereld, doorgaans gevuld met harde oorlogsgeluiden, is verstild. Zijn moeder is een hert geworden en zijn vader is spoorloos. Eenmaal buiten lijkt iedereen wel in een dier veranderd… Deze wonderlijke transformatie vormt de opmaat naar een alarmerende zoektocht waarin het einde van de mensheid op de loer ligt. Hoe heeft het zover kunnen komen? Wie of wat zit hierachter?
Onderweg komt Abel de cynische Kat tegen, de enig andere mens die geen dier is geworden. Door eerdere tegenslagen is haar kijk op de wereld verhard en klinkt haar toon verbitterd.
Mijn vader was een lafbek en een verrader. Net zo’n klootzak als die klootzakken als die klootzak aan de andere kant van de rivier. Blij dat dat allemaal beesten zijn geworden. Dat waren ze eigenlijk toch al.
Abels’ houding is milder. Met liefdevolle wijsheden en het vertrouwen van vader en moeder in zijn achterhoofd (‘leg je zorgen even naast je kussen neer’) stapt hij hoopvol het avontuur tegemoet.
Best raar, dacht hij, hoe hij hoop kon putten uit de allerkleinste kansjes en dat kon opkloppen tot iets wat zinvol en juist leek. Was hij de enige die dat deed, of deden alle mensen dat: brandstof uit werkelijk alles halen om verder te gaan? Zou Kat het ook voelen, die nieuwsgierigheid?
Samen gaan ze op zoek naar antwoorden en naar andere mensen. Ze ontdekken de waarde van verbeeldingskracht en de kunst van het dromen. En toch, langzaam maar zeker, nadert het einde.
Ook de duikvlucht van een roofvogel in de verte boven een veld, die ongetwijfeld de dood van een ander dier betekende, perfect gemikt, duizelingwekkend snel, had een schoonheid in zich die Abel nooit eerder had opgemerkt. Iets juists, iets dat zo hoorde, dat zo moest zijn. Een evenwicht dat helemaal buiten het concept van goed en kwaad bestond, zo simpel en perfect dat het hem kippenvel bezorgde.
Wat betekent het nog, om mens te zijn? Hoe belangrijk zijn we, als soort? Verdienen we onze ruimte op de wereld, of nemen we die gewoon in? Wat gebeurt er wanneer we onze plek verspelen, stopt de wereld dan met draaien? Klaarblijkelijk niet. Albatros laat zien hoe de natuur zich zoals altijd herstelt, zichzelf weet te helen van alles wat de mensheid verwoest heeft. Dus als er echt geen mens meer over is op aarde, hoe erg is dat eigenlijk?
Het laatste deel van het boek lijkt overbodig. Een open einde, met ruimte voor eigen interpretatie was naar mijn idee sterker geweest. Het is toch bijna onmogelijk om zulke grote vragen netjes af te hechten?
Albatros is geschikt voor lezers vanaf 12 jaar.
Sjoukje Werkman
Yorick Goldewijk – Albatros. Ploegsma, Amsterdam. 272 blz, € 18,99.
