Als je kon bellen naar je jeugdtrauma

Dat Alex Schulman zorgvuldig en slim een verhaal met spanning kan opbouwen, heeft hij al bewezen. Dat hij zijn eigen jeugdtrauma’s een centrale rol laat spelen in zijn boeken, wisten we ook al. In De zeventiende combineert de Zweedse auteur, bekend van onder De overlevenden (2020) en Malma Station (2022), die twee ingrediënten in een onvervalste pageturner met psychologische diepgang.

In De zeventiende vertelt Schulman het verhaal van Vidar, een 45-jarige leerkracht die geschorst is na een gewelddadig incident met een leerling. Bij het opruimen van zijn kelder vindt Vidar het telefoonnummer van het zomerhuisje waar hij vroeger met zijn gezin vakanties doorbracht. Hij belt het nummer en er wordt opgenomen door zijn overleden vader. Wanneer Vidar later opnieuw en opnieuw naar het nummer belt, blijkt hij telkens te bellen naar dezelfde specifieke dag uit het verleden, meer bepaald 17 juni 1986. Zo krijg hij niet alleen zijn ouders aan de lijn, maar op bepaalde momenten van de dag ook zijn zus of de achtjarige versie van zichzelf. Vrij snel blijkt dat er op die bewuste zomerdag in 1986 ook iets dramatisch is gebeurd. De volwassen Vidar legt al bellend de volledige puzzel van die bewuste dag. De volledige puzzel? Niet helemaal, er ontbreekt namelijk een ‘gat’ van 55 minuten waarin niemand opneemt. In dat gat zit natuurlijk de sleutel voor het plot.

Terugbellen naar een dag uit het verleden, naar een dag die zichzelf eindeloos herhaalt en herkauwt. Het doet misschien wat denken aan de film Groundhog Day of aan de reeks Over de berekening van de ruimte van de Deense auteur Solvej Balle. Maar Schulman geeft er zijn geheel eigen draai aan. Met elk telefoontje naar die dag in het verleden trekt Schulman de lezer langzaam maar zeker dieper en dieper mee in de donkere onderstromen van het discfunctionele gezin waarin Vidar is opgegroeid. Wat begint als een op het eerste gezicht amusant puzzelproject, krijgt gaandeweg een onheilspellend karakter. Dat beseft Vidar ook zelf:

Het speelse karakter van het project was volledig verdwenen. Het was niet langer een cosy mystery, geen detective met aanwijzingen en curieuze feiten, aan de wand opgehangen. Naar je kindertijd bellen en met jezelf praten, de wanhoop van de jongen aanhoren en weten dat, wat je ook zegt of doet – wat je ook probeert – je hem niet kunt troosten. Het werd een kwestie van leven en dood.

Hier en daar doet hoofdpersonage Vidar denken aan Benjamin, de middelste broer en centrale verteller uit De overlevenden. Over Benjamin schrijft Schulman: ‘Hij kon conflicten tussen zijn familieleden voorspellen lang voordat ze daadwerkelijk plaatsvonden.’ Bijna exact hetzelfde wordt in De zeventiende over Vidar gezegd.

De passages waarin de oude Vidar met zijn jonge versie belt, behoren tot de meest aangrijpende van het boek. Aandoenlijk is de manier waarop de volwassen Vidar het bodemloze verdriet van zijn achtjarige zelf probeert te sussen. Het lijkt wel alsof je Alex Schulman luidop hoort praten tegen de kindversie van zichzelf. Schulman is namelijk zelf opgegoeid in een disfunctioneel gezin en maakt er geen geheim van dat hij bijvoorbeeld een erg problematisch relatie had met zijn moeder. ‘Op mijn zevende was ik ervan overtuigd dat ze mij haatte. Ze heeft ons gezin kapot gedronken,’ zo zei hij onlangs nog in een interview met het Belgische weekblad Knack.

In een interview van jaren geleden zei Schulman ook al dat wie, zoals hijzelf, niet is opgegroeid in een warm gezin nadien altijd ‘een groot gat in zijn borst’ meedraagt. Het soort gat dat ook nooit opnieuw gevuld raakt. Dat lijkt in De zeventiende ook het geval te zijn bij de volwassen Vidar. Aan het begin van het boek zegt hij zelf dat hij een ‘normaal, goed functionerend leven’ heeft, dat hij geliefd is bij collega’s en gewaardeerd wordt door de leerlingen. ‘Mijn sociale leven was rijk, noch arm, ik was eenzaam noch overdreven sociaal. (…) Er was niks mis met mij,’ klinkt het. Maar als lezer kan je onmogelijk naast de schaduw kijken die over Vidar hangt. Het is de nawerking van het jeugdtrauma dat Vidar nooit volledig van zich afgeschud krijgt. De manier waarop Schulman dat blijvende natrillen van een kindertrauma boetseert, is op het randje van meesterlijk.

Maarten De Rijk

Alex Schulman – De zeventiende. Vertaald door Angélique de Kroon. De Bezige Bij, Amsterdam. 272 blz. € 24,99.