Praag en de wereld van Ajvaz

Bijna dagelijks heb ik de roman Druhé město onder handen, van de Tsjechische auteur Michal Ajvaz. De Nederlandse titel luidt: De andere stad, in het voorjaar van 2021 te verschijnen bij Uitgeverij kleine Uil. Dit jaar hoop ik de roman om te zetten in een goed lopende vertaling. Als het goed is merkt u als lezer niet dat het een vertaalde tekst betreft. Het pad daar naartoe zit echter vol ogenschijnlijk onneembare hobbels en onverwachte bochten. Op deze plek neem ik u in een reeks columns af en toe een eindje mee op die spannende weg.

Maar laat ik beginnen met wat mij fascineert aan de roman zelf. Met de kracht van een magneet trok het boek aan mij, vanaf de eerste pagina. Het dompelde mij onder in een fantastische wereld, in een Praag waarvan ik het bestaan niet vermoedde. Het deed mij anders kijken naar de wereld om mij heen. Naar boeken en bibliotheken, naar mythes, religie en wijsbegeerte, maar ook naar de kasten, kieren en nissen in mijn eigen huis. Opgetild door het verhaal struinde ik door het alledaagse, bekende Praag, en door die andere, ongekende stad uit de titel. De fluïde overgangen van concreet bestaande locaties naar een surreële wereld – soms binnen één zin – deden mij voortdurend van de ene verrassing in de andere tuimelen. Tegelijkertijd is en blijft de andere stad – hoe surreëel ook – op haar eigen wijze aards.

Nu naar het handwerk van de vertaler. Bij dit boek vraag ik me voortdurend af hoe zwaar ik de couleur locale van Praag moet laten wegen. Ajvaz kent die stad als zijn broekzak, dat spreekt uit alles, maar tegelijkertijd is Praag slechts een frame om zijn verhaal aan op te hangen. In hoeverre doen die locaties er dan toe? Soms veel, heel veel.

Al in de allereerste zin bevindt de hoofdpersoon zich in een bestaande straat die bij naam wordt genoemd: Karlová ulice. Dat is prettig, want dan proef je als lezer meteen waar je bent: in de Praagse Oude Stad. Maar breng ik met de letterlijke vertaling – Karelsstraat – de sfeer van die locatie wel over? Immers, de Karelsstraat zou je bij wijze van spreken ook in Nijmegen of in Gent kunnen vinden. Kiezen voor Karlovástraat dan maar? Maar een uitgang als -ová neem ik normaal gesproken niet over. In het tweede hoofdstuk bijvoorbeeld vertaal ik Smetanovo nábřeží als Smetanakade. Verderop in het boek wordt Karlův most de Karelsbrug, temeer omdat die naam in Nederland een begrip is.

Schoorvoetend koos ik in het eerste concept voor Karelsstraat. Dat leverde een pittige discussie op met mijn vaste eerste lezer. Resultaat: in de volgende versie werd het Karlovástraat. Of het zo blijft? De straatnamenkwestie is een van de vertaalhobbels die niet definitief zijn geslecht. Over de rol van die eerste lezer een andere keer meer.

Tieske Slim

9

Reacties