Van een donkere toekomst naar een vrolijk einde

De zwoele blikken is een strip met meerdere gezichten. Het heet een dystopisch verhaal, met hoofdstukken die worden ingeleid door serieuze literaire en filosofische citaten, maar eenmaal aan het lezen is het toch meer een avonturenverhaal met genoeg vreemde en spannende elementen die het een goede jeugdstrip maken. Dat is geen diskwalificatie overigens, maar wel een duiding die het verhaal meer recht doet. Want de lezer die op het achterplat leest dat het boek een aanklacht is tegen het consumentisme en het ultraliberalisme, die mensen van hun essentie berooft, verwacht vast een zwaarder, fatalistischer verhaal.

Nog steeds is het vertrekpunt geen pretje: Arsène werkt in een fabriek waar alles en iedereen wordt gecontroleerd door en geobserveerd met camera’s. Als hij in de ogen van zijn meerdere een fout begaat, wordt hij ontslagen. Dan blijkt in wat voor wereld we terecht zijn gekomen: een toekomstige entourage waar De zwoele blikken alles in de gaten houden en waar niemand echt vrij is. De zwoele blikken is een vreemde naam voor een alomtegenwoordig bewakingsbedrijf dat met duizenden camera’s de boel in de gaten houdt. Hoe, wie en wat is niet helemaal duidelijk, want al snel zoomen we in op Anatole, één van de cameravoerders van De zwoele blikken. Hij is er maar wat trots op dat hij mensen op hun tekortkomingen kan pakken. Het leverde hem al vaak de titel ‘medewerker van de maand’ op.

Arsène is ontslagen en zijn zus Annabelle ziet de toekomst niet meer zitten zonder inkomen. Zij steelt een appel en dat ziet Anatole. Ze wordt opgepakt en dat zet allerlei zaakjes in beweging. Daar is het verhaal wat simpel: Anatole krijgt enorme spijt, wist de veroordeling uit het systeem, en wordt opgepakt omdat zijn stiekeme gedrag wordt gezien – door een camera, uiteraard. Intussen is er van alles aan de hand met Arsène en worden broer en zus uit hun appartement gegooid. Het resultaat: ze dolen door de stad, op zoek naar een plek. Anatole weet aan de politie te ontkomen en ook hij zoekt zijn heil elders.

Op dit punt van het verhaal wordt het een jeugdstrip. Het hele idee van het controlerende systeem blijkt boterzacht, er zijn allerlei figuren die zich aan de spiedende camera’s weten te onttrekken en de hoofdpersonen komen allemaal toevallig met ze in contact. Waarom iedereen zo gedwee is, en bovendien niet werkelijk lijkt te lijden onder het juk van de grotere machten, wordt niet uitgelegd. Gewelddadig wordt het nergens. Het verhaal kan zich zodoende helemaal concentreren op de ontsnapping van het drietal aan de wereldorde.

Colline tekent vrij klassiek, maar heeft met de inkleuring een troef in handen. Hij gebruikt grove rasters, die het duistere van de stad accentueren. Zijn stadsgezichten zijn fraai, net als de pagina-opmaak. Door het grote formaat komt het bovendien goed tot zijn recht. Extra innemend is de gekozen combinatie van toekomst en verleden: monorails vliegen door de stad, waar de personages in ouderwetse kleding rondlopen.

De ontknoping is bijzonder. Alles blijkt toch weer totaal anders dan we ons hadden voorgesteld. Dat kan een leuke verrassing zijn, maar hier voelt het toch een beetje al te gortig. Het is als de detective die op de laatste pagina een verre tante uit de hoed tovert, die we niet eerder zagen. En het hele dystopische is ook meteen opgelost, wat in onze barre tijden ook wel eens lekker is: het kán dus allemaal gewoon nog goedkomen met de wereld.

Stefan Nieuwenhuis

Michel Colline & Eric Corbeyran – De zwoele blikken. Lauwert. 184 blz. hardcover. € 36,95.