Op weg naar Frankfurt 2016

Het lezerspubliek heeft niet veel belangstelling voor wat er op boekenbeurzen in Frankfurt, Bologna of Londen gebeurt. En dat is terecht. Lezers zoeken boeken, in de boekhandel of bibliotheek, online of offline. Dat er wereldwijd handel gedreven wordt met auteursrechten, is niet hun eerste belang. Voor schrijvers, uitgevers, redacteuren, literaire agenten en rechtenmanagers is het echter van groot belang wat daar op die beurzen wordt gedaan. Want wanneer de rechten van een werk worden verhandeld, verkrijgt de auteur een groter lezerspubliek en verdient hij of zij dus meer geld, net als de uitgever of de agent. Het uitgeversvak is immers een commercieel vak, waar veel geld in omgaat. Creatieve industrie, zo heet dat ook wel.

De grootste rechtenbeurs is de jaarlijkse beurs in oktober in Frankfurt: een podium voor de gehele wereld. Niet alleen voor zakenlieden, in het afsluitende weekend is het algemene publiek eveneens welkom. Voor auteursoptredens is veel ruimte en menig krant, tijdschrift, radio- of televisiestation heeft daar een eigen podium waarop schrijvers worden geïnterviewd. En daar, op de Buchmesse van oktober 2016 in Frankfurt, staan de Nederlandse en Vlaamse boekenmarkt centraal. Voor de gehele rechtenwereld en het Duitse publiek kan dan getoond worden welke sterke handelswaar wij in huis hebben: van kookboeken tot reisboeken, van populaire fictie tot hoogwaardige literatuur.

Dat vergt van vele partijen voorbereidingen: uitgevers bezoeken hun Duitse collega’s nu meer dan ooit. De Letterenfondsen hebben inmiddels al vijf Publishers Tours georganiseerd, zodat in totaal 50 Duitse uitgevers op bezoek zijn geweest in Antwerpen en Amsterdam. Die uitgevers hebben Nederlandse en Vlaamse uitgevers bezocht, maakten kennis met auteurs, hebben speeddates gevoerd met rechtenmanagers en redacteuren en gedineerd met vertalers en andere betrokkenen.

De vertalers vervullen vaak de rol van ambassadeurs voor Duitse uitgevers. Niet alleen omdat ze het noeste werk doen, maar ook omdat ze uitgevers tippen en leesrapporten schrijven. Zij kennen de Nederlandstalige boeken goed, ieder in hun eigen genre en helpen de Duitse uitgevers een juiste keuze te maken. Voor hen hebben de het Letterenfonds en het Vlaamse Fonds voor de Letteren ter voorbereiding op Frankfurt 2016 twee vertalersworkshops georganiseerd.

De eerste bijeenkomst vond van 2 tot 4 februari plaats in Berlijn. De tweede zal in april in München plaatsvinden. Want al die goedgeïnformeerde uitgevers zijn op zoek naar de juiste vertaler en de fondsen zorgen ervoor dat ze die kunnen vinden.

Koen Haverbeke Monique Ruhe Bettina Bach Rainer Kersten Foto Victor Schiferli

V.l.n.r.: Koen Haverbeke, Monique Ruhe, Bettina Bach en Rainer Kersten

In Berlijn vond de workshop plaats in het Literarische Colloquium Berlin, LCB, waar op 3 februari de vertalers Bettina Bach en Rainer Kersten de Else Otten Übersetzerpreis 2014 ontvingen voor hun werk. Bettina Bach vertaalde Hotel Linda van Arjan Visser, dat in het Duits verscheen bij uitgeverij Luchterhand met de titel Der blaue Vogel kehrt zurück. Rainer Kersten vertaalde De laatkomer van Dimitri Verhulst, dat in het Duits verscheen bij DTV met de titel Der Bibliothekar, der lieber dement war als zu Hause bei seiner Frau.

vertalingen foto Victor Schiferli

Zeventien andere vertalers bogen zich drie dagen over klassieke literaire teksten uit het Nederlandstalige gebied: de kinder- en jeugdboekenvertalers werkten aan een sprookje van Nienke van Hichtum en een nieuwe vertelling van de Odyssee van Simon van der Geest. Rolf Erdorf leidde de workshop en Aukje Holtrop sprak over de klassieke kinder- en jeugdliteratuur.

Een andere groep vertalers werkte aan een essay van Rudy Kousbroek en aan de roman van Een dwaze maagd Ida Simons. Marlene Müller-Haas hoefde de deelnemers niet aan te moedigen: ze waren allemaal zo enthousiast dat de bijeenkomsten ieder keer uitliepen. Met haar aanschouwelijke onderwijs – ze had een banaan meegenomen om te laten zien hoe Kousbroek die pelde – hield ze de groep in haar ban.

Jan Konst, hoogleraar Neerlandistiek aan de Freie Universität te Berlijn, sprak voor vertalers en Berlijnse uitgevers over de klassieke letterkunde. Hij was zichtbaar blij om dat te mogen doen. ‘Want,’ zo zei hij, ‘wanneer je het woord klassieken aan de universiteit uitspreekt, valt er een dodelijke stilte.’ Dit publiek veerde op bij ieder hoogtepunt uit onze literatuur, van Marcellus Emants en Stijn Streuvels tot Hugo Claus en Rudy Kousbroek. Zelden heb ik uitgevers zo druk zien schrijven op hand-outs en in hun mooie opschrijfboekjes. Jean-Claude Lin vroeg zich af of het wel verstandig is om klassieke boeken uit te geven? Concurreer je niet met je eigen hedendaagse auteurs? Met Italo Calvino in de hand gaf hij praktische en filosofische antwoorden op zijn retorische vraag. En ja, uitgevers willen graag dat goede boeken steeds opnieuw een publiek vinden.

jean-claude lin foto Victor Schiferli

Jean-Claude Lin

Woensdagavond traden Dimitri Verhulst en Arjan Visser op in Lettrétage. De moderator Maike Albath – zelf vertaler en journalist – sprak met de schrijvers over het geheugen en over de kunst van het schrijven. Daarna lazen de schrijvers voor. Dimitri kreeg met zijn vloeiende Duits de lachers op zijn hand. Toch, de angst voor de ouderdom is niet alleen om te lachen, zelfs wanneer in het publiek mensen van alle generaties zitten. De hilarische scènes in zijn korte roman laten de eenzaamheid van de ouderdom zien. Een van de oudste gasten verliet de zaal: niet uit protest, maar omdat Dimitri de luisteraars tot kippenvel bewoog.

Dimitri Verhulst Meike Albath  Arjan Visser foto Victor Schiferli

Dimitri Verhulst, Meike Albath en Arjan Visser in gesprek met het publiek in Literaturhaus Lettrétage

Voor vertalers, auteurs, uitgevers en de programmamakers voorbereidende werkzaamheden, die tot een succesvolle presentatie van onze rijke boekenwereld moet resulteren in oktober 2016 op de Buchmesse van Frankfurt.

Reintje Gianotten – Letterenfonds

(foto’s © Victor Schiferli)

0

Reacties