Auto’s zijn net mooie vrouwen zonder mond

‘Auto’s zijn net mooie vrouwen zonder mond. Je kunt er je hartstocht op botvieren zonder dat ze je het leven zuur maken.’ Aan het woord is Chris Jager, de hoofdpersoon in de roman Le Mans van Gerrit Brand, tevens uitgever bij Nobelman. Jager is hoofdredacteur van een autoblad en nog een andere glossy en is een patjepeeër van het zuiverste water. Hij wordt halsoverkop verliefd op de veel jongere stagiaire Carla en ondanks dat hij een vrouw heeft en zij een vriend beginnen ze een stiekeme verhouding die zo’n beetje het hele boek duurt. Chris is het type van dure cadeaus (die zij niet aanneemt), snelle auto’s en geheime tripjes. Je leest de geschiedenis van deze liefde door zijn ogen.

De grootste reis die de twee geliefden maken is een trip naar Le Mans waar Chris, het komt volledig uit de lucht vallen, het tv-commentaar mag doen bij de 24 uur van Le Mans. Carla is mee als fotografe. Helaas speelt de race binnen die 24 uur niet een erg grote rol in de constructie van het verhaal. Nu komt de race twee keer terug aan het begin van de twee delen waaruit de roman bestaat. Le Mans en de race blijven slecht decor, zoals de hele reis, waarbij helaas gezegd moet worden dat Brand niet erg zijn best om er iets van te maken. Als ze op de terugweg Reims aandoen (‘Reims is een statige, rijke stad.’) dan wordt er meer aandacht besteed aan de hotelkamer, dan aan de stad. Een paar bladzijden later zijn de geliefden in Parijs (‘Parijs, de stad van de liefde.’) en krijgen we vooral de clichés te horen. ‘Op het levendige Place du Tertre is het een aaneenschakeling van kunstenaars die je portret willen tekenen of je een kant-en-klaar doek willen verkopen.’

Le Mans is een nogal plat verhaal over een veertiger die verliefd wordt op een jonge studente waarbij je je vooral afvraagt wat zij bij hem te zoeken heeft. Alle gevoelens worden expliciet beschreven en herhaald. De bijfiguren blijven eendimensionaal. De vriend van Carla is goedgelovig, de vrouw van Chris is voortdurend kwaad. Zij vermoedt dat haar man een buitenechtelijke relatie heeft en wordt bijna alleen maar als een scheldend viswijf opgevoerd. Chris blijkt een potente kerel te zijn.

Ze vrijden bijna elke dag dat het een lieve lust was. Na werktijd in het kantoor. Was dit de derde of de vierde ronde? Hij is de tel kwijt.
‘Ik ben nog nooit zo vaak achter elkaar klaargekomen,’ kreunt hij.
‘Ik sta verbaasd van je kracht,’ zegt Carla. Geen spoor van ironie in haar stem.

Dat de relatie uiteindelijk niet goed afloopt is vanaf het begin af aan duidelijk. Uiteindelijk wordt de bedrieger bedrogen en lijkt de naïeve Carla iets minder onschuldig te zijn dan je eerst dacht al had dat gegeven scherper uitgewerkt kunnen worden. Zowel de verhouding als het verhaal gaan daarna als een nachtkaars uit.

Coen Peppelenbos

Gerrit Brand – Le Mans. Nobelman, Groningen. 212 blz. € 22,95.

Deze recensie verscheen eerder in een kortere versie in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 9 april 2021.

0