Schijnoffers is de titel van de nieuwe roman van Daan Heerma van Voss, een roman waar hij al zo’n dertien jaar aan werkt vertelde hij vorige week in Nieuwsweekend. Saskia Pieterse schreef een recensie over de roman in Trouw in de krant onder de titel ‘Bijtend portret van strevende ouders’; online onder de titel ‘Daan Heerma van Voss is op een merkwaardige manier kleurenblind‘. In de recensie wordt nogal vaak een biografische parallel getrokken. H.M. van den Brink schreef op Facebook een bozig stuk over de recensie.

Ik ga een bozig bericht schrijven. Dat doe ik niet zo vaak, nu vind ik het even nodig. Maar eerst mijn kaarten op tafel. Ik was gisteren bij de presentatie van Schijnoffers, de nieuwe roman van mijn vriend Daan Heerma Van Voss en mocht er zelfs een praatje houden. Ik vind het een mooi boek, een geslaagd waagstuk. Eenmaal thuis las ik met verbazing de eerste recensie in een van de landelijke kranten. En vanochtend nog een keer, nu met zwarte koffie, om er zeker van te zijn dat ik me niet had vergist. Nee dus. We weten dat de strategie van het DPG-concern is om synergie te creëren tussen de verschillende tijdschrift- en krantentitels, dus ook tussen de Story en Trouw, daarom zijn de redacties nu in hetzelfde gebouw gehuisvest. Maar dat het zo snel zou gaan had ik toch niet verwacht. Wat in dit geval voor een recensie moet doorgaan is niet zozeer een waardering van het boek, of van de verdiensten van de schrijver, maar in hoofdzaak een oordeel over zijn persoon en zijn familie. Een staaltje armoedige psychologie van de koude grond zoals we dat gewend zijn van de roddelbladen. Daarvoor moet de recensent de feiten wel hardhandig naar haar hand zetten. Ze stelt dus dat deze roman zich afspeelt op ‘bekend Heerma van Voss-terrein,’ want: ‘Een familie in Amsterdam-Zuid is de spil.’ In werkelijkheid verplaatst de vertelling zich van Suriname naar Mexico, van Noord-Frankrijk naar Oost-Duitsland, met entr’actes in Rotterdam en Noordwijk. Het gezin waar het om draait woont ook een tijd in de Amsterdamse Vondelstraat. Kees Fens noemde deze straat de mooiste van de stad en dat ben ik met hem eens, ik heb er jaren gewoond. Maar in Oud-Zuid ligt die straat nu eenmaal niet. Vervolgens speelt Daan Heerma van Voss naar het idee van de recensent ‘evident met het feit dat zijn moeder recent de bestseller Beladen Huis schreef.’ Dat zou knap werk zijn, als het waar was. Hij is zo’n dertien jaar geleden aan dit boek begonnen, ik las een eerste versie ongeveer vijf jaar geleden, geruime tijd voor Arend Jan Heerma van Voss overleed en dus ook lang voor Christien Brinkgreve het boek over haar huwelijk publiceerde. Dat de relatie van het paar in Schijnoffers op een wel heel groot aantal punten verschilt van wat Brinkgreve beschrijft, lijkt halverwege haar stuk ook de recensent zorgen te gaan baren. Daarom stelt ze zichzelf de vraag: ‘Waarom heeft Heerma van Voss van Ella een Surinaamse vrouw gemaakt?’ Haar afkomst en huidskleur speelt een significante rol in de relatie en het verhaal, zou ik zeggen. Maar het antwoord in Trouw luidt: ‘Misschien wilde hij het verwijt voor zijn wéér het eigen (nogal specifieke) Amsterdamse milieu te fictionaliseren.’ Of hij nou wel of niet over zijn eigen achtergrond schrijft, het is niet goed of het deugt niet. En alles wat onmogelijk als autobiografisch gegeven geduid kan worden, geldt als bewijs dat er een autobiografisch verhaal versluierd wordt. De schrijver wordt betrapt op het beschermen van zijn ouders door ‘fictionaliseren.’ Het verhult wat kennelijk voor haar het hoogste goed in de literatuur is: ‘het helle licht van de autobiografie,’ het showbizznieuws. Dat is haar conclusie. En ik? Ik ben alweer een beetje minder boos. Benieuwd naar het eerste stuk dat over dit boek gaat, niet over zijn schrijver.