Recensie: Seppe Decubber – Romeo & Juliet lezen
Over het recht op een eigen verhaal
‘Storytelling is the oldest form of education,’ zei de Amerikaanse schrijfster Terry Tempest Williams. In Romeo & Juliet lezen brengt de Vlaamse auteur Seppe Decubber een even gebalde als ontroerende ode aan de kracht van verhalen. Verhalen bezitten niet alleen een oerkracht die kan werken als een hefboom in het onderwijs, ze kunnen ook mensen – soms met een erg verschillende achtergrond – op een unieke manier met elkaar verbinden.
In Romeo & Juliet lezen vertelt theatermaker en docent Seppe Decubber over zijn ervaring als huiswerkbegeleider van een zesjarig meisje M. Zij vluchtte met haar gezin weg uit een gebied waar al twintig jaar oorlog woedt. Het eerste contact loopt wat stroef. Het is voorzichtig zoeken en aftasten. Er is niet alleen de taalbarrière omdat ze elkaars taal niet spreken, maar het is ook duidelijk dat M een rugzak vol oorlogs- en vluchttrauma’s meezeult. Een van de sprekende voorbeelden daarvan is dat M voortdurend, zelfs tijdens de gymlessen, haar jas aanhoudt omdat ze heeft geleerd dat ze op elk moment klaar moet staan om te kunnen vertrekken.
De samenwerking met M werkt ook als een spiegel voor Decubber zelf. ‘Werken met M confronteerde me niet alleen met haar, maar ook met mezelf, met wie ik was als kind,’ schrijft hij. Net die confrontatie met zijn eigen jeugd brengt wat oppervlakkige raakpunten met M naar boven. Zo werd Decubber op jonge leeftijd een tijd gepest en uitgesloten. Hij weet dus wel hoe het voelt om je op heel jonge leeftijd een buitenstaander te voelen.
Langzaam maar zeker verkleint de kloof tussen de wereld van de volwassen begeleider en die van de oorlogsvluchtelinge. Met wat vallen en opstaan slaagt Decubber erin het vertrouwen van M te winnen. Een van de manieren waarop hij dat doet is door samen met M, op een speelse manier, de kindereditie van Romeo & Juliet te lezen. Het onsterfelijke liefdesverhaal van Shakespeare versterkt hun band en raakt meteen aan de kern van het boek: de verbindende kracht van verhalen.
Het boek ontpopt zich zo tot ode aan de taal, een liefdesverklaring aan het woord en aan verhalen. Verschillende passages zetten die lofzang ook in de verf. Wanneer M een belangrijke stap zet in haar taalverwerving, schrijft hij bijvoorbeeld: ‘Ik hoorde hoe een grammatica oprukte, hoe die steeds nieuwe ruimtes maakte en bezette. Ik hoorde ook hoe ik steeds meer aan de rand van dat alles stond.’
Soms stuurt Decubber het verhaal een zijweg in. Zo geeft hij tussendoor bijvoorbeeld een sfeerbeeld van het theaterleven in Londen aan het einde van de 16de eeuw en zo is er aan het slot een uitweiding over de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens (UVRM uit 1948). Ook al lijken het op het eerste gezicht wat vreemde zijsprongen, Decubber slaagt er toch in ze netjes in het geheel te verweven. Zo verknoopt hij de passage over de UVRM met het verhaal van M en het recht van iedereen op een ‘eigen verhaal’.
Je hebt recht op een eigen verhaal. Een eigen verhaal, naast vele vreemde en vertrouwde verhalen. Je hebt het recht om een eigen verhaal te verzinnen, om het te geloven, om het te vertellen en te ontgroeien. En dan mag je het opnieuw vertellen, of anders vertellen, en het opnieuw geloven en opnieuw ontgroeien.
Romeo & Juliet lezen is autofictie op zijn best. Decubber kijkt verder dan de eigen navel en tilt zijn individuele ervaringen naar een hoger, universeler niveau met interessante bespiegelingen over onder meer taal, onderwijs en opgroeien.
Elke lezer en elke recensent weet dat je geweldig moet uitkijken met ronkende blurbs op boekencovers. En met laaiende quotes van collega-schrijvers is het vaak dubbel uitkijken. Maar in dit geval valt het moeilijk beter te zeggen dan Peter Verhelst: ‘Dit is niet alleen een ode aan de kracht van verhalen, maar ook zelf een liefdesverhaal. Hartverscheurend en hartverwarmend.’
Maarten De Rijk
Seppe Decubber – Romeo & Juliet lezen. Borgerhoff & Lamberigts, Gent. 136 blz. € 22,99.

