Een tijdcapsule in een cello

Oorlogsgeweld weerstaan door te kiezen voor het schone van de muziek mag dan klinken als een naïef geloof, het zal niet alleen Akira Mizubayashi aanspreken. In zijn nieuwe roman Onvergetelijke suite, die met Versplinterde ziel en Hartenkoningin een drieluik vormt, staan geweld en oorlog opnieuw lijnrecht tegenover muziek en vrede. Er zijn talrijke overeenkomsten tussen de drie romans.

Waar in Versplinterde ziel een viool door nietsontziende keizerlijke militairen wordt verbrijzeld onder het oog van een klein jongetje, dat zich later inzet voor de ‘reanimatie’ ervan, en in Hartenkoningin andermaal een verwaarloosd instrument een nieuw leven krijgt, blijkt in deze nieuwe roman een zeer oude cello een geheim te bevatten, een soort tijdcapsule.

In alle drie de boeken draait het om familierelaties, de wrede oorlogen die Japan in het verleden voerde en de ingrijpende gevolgen die zulk wapengekletter voor individuele mensen heeft. Mizubayashi laat personages uit zijn eerdere werk soms terugkeren in hoofd- en bijrollen, waardoor meteen duidelijk wordt dat deze romans echt een samenhangend drieluik vormen.

Centraal staat nu een gevonden briefje in een uiterst kostbare antieke cello, een Matteo Goffriller uit 1712, die gerestaureerd wordt door Pamina, een jonge, talentvolle vioolbouwster, afkomstig uit een familie van beroemde luthiers. Dat is natuurlijk geen toeval, want het werk van Mizubayashi kent geen toeval, elk personage, elke gebeurtenis heeft een betekenis en bedoeling.

Onvergetelijke suite speelt zich af in de jaren tussen 1934 en 2020 en vertelt het verhaal van Pamina’s grootmoeder, de luthière Hortense Schmidt en haar jonge vriend, de talentvolle cellist Ken Mizutani, die wordt opgeroepen voor de oorlog, waardoor een prachtige toekomst wordt afgebroken. Mizubayashi weeft heden en verleden, de hoopgevende kracht van klassieke muziek, de tastbare rol van kwetsbare, maar betekenisgevende muziekinstrumenten en een flinke vleug magie dooreen tot zijn herkenbare eigen stijl.

Om zijn universum ten volle te kunnen doorgronden en waarderen, is bekendheid met de wereld van de klassieke muziek mooi meegenomen, want Mizubayashi strooit rijkelijk met namen en termen, zoals hij ook een groot aantal personages opvoert, die allemaal deel uitmaken van zijn fijnmazige netwerk. Wat de Japanse geschiedenis betreft, vraag je je daarbij wel eens af waarom Mizubayashi zo veel droge feitelijkheden heeft toegevoegd:

Dat was ver voor de ‘Affaire van de constitutionele theorie van de keizer als staatsorgaan’ in 1934, toen Minobé zich vanwege zijn liberale staatsopvatting, die door de absolutisten beschouwd werd als majesteitsschennis, genoodzaakt zag zijn ontslag als professor in te dienen.

Het moet daarnaast wel iets Japans zijn om een beetje te spelen met onzichtbare werkelijkheden, magische gebeurtenissen en verschijningen, waardoor zelfs overleden mensen opnieuw van de partij kunnen zijn. Hetzelfde geldt voor de in onze Noord-Europese ogen vaak wel erg larmoyante ontmoetingen en gedragingen. Daar moet je van houden, in ieder geval een beetje tegen kunnen, om lichte irritatie op afstand te kunnen houden, hoe knap deze utopische romans verder ook geconstrueerd zijn.

André Keikes

Akira Mizubayashi – Onvergetelijke suite. Vertaald door Dirk Zijlstra. Tzara – Antwerpen.192 blz. €25,99.