Angst op het platteland

Het is niet elke schrijver gegeven om in een uitgepuurde stijl boeken te schrijven die steevast hetzelfde hoge niveau halen. Door zo kaal mogelijk te schrijven kan een auteur in de val trappen van oppervlakkigheid of simplisme. Bovendien is de kans groot dat de tekst geforceerd overkomt. Het is met weinig woorden verre van eenvoudig om het juiste ritme en de juiste toon te vinden. De Welshe Cynan Jones weet wel hoe het moet. Hij weet als geen ander hoe hij met karige en afgemeten zinnen een sfeer moet schetsen, een gevoel over kan brengen of een portret kan tekenen. Bovendien weet hij hoe hij spaarzaam moet omgaan met het geven van informatie om verwondering bij de lezer op te wekken. Met Deining toont Jones opnieuw aan dat hij een meester is van het sobere proza en dat hij verfijnd en beheerst kan schrijven.

De zes verhalen uit de bundel spelen zich af op het platteland. Jones neemt de tijd om het ruraal leven zo nauwkeurig mogelijk te beschrijven. Het is tegen deze achtergrond van isolement en ruwheid dat de auteur onzekerheden en angsten onderzoekt. Hoewel verschillend van aard en intensiteit is angst in een aantal verhalen een verbindend element. Angst als gevolg van het zich bevinden in kwetsbare of precaire omstandigheden. In ‘Slechtvalk’ probeert een man een nest valkenkuikens op een klip te bereiken om de eieren te stelen en balanceert daarbij vol schrik op een kort uitsteeksel. Een man wordt in ‘Rendier’ gevraagd om op een wolf te jagen die de zoogdieren uit de streek aanvalt en opeet. Hij stort neer in een stapel omgevallen bomen en raakt gewond. In het verhaal ‘Koe’ ontstaat panische angst wanneer de bevalling van een koe dreigt mis te gaan. In weer een ander verhaal beschrijft Jones angst als volgt:

Onmiddellijk zweet, een draaiing in zijn maag. Zijn handen als olie terwijl er twee agenten uit de auto stapten. […] Zijn botten ineens waterig, alsof hij aan het ontmengen was.

In het titelverhaal dreigt dan weer een elektriciteitskabel op een boom te vallen boven het huis van een jong gezin. Tegelijkertijd kan de angst in een aantal verhalen ook gelezen worden als angst om afgewezen te worden of om eenzaam te zijn. En telkens wordt de angst weerspiegeld in het gure weer waarin de verhalen zich afspelen: het is ijskoud, het waait hard, het sneeuwt.

Zelfs al zijn de onderwerpen van Jones dikwijls duister of vreemd, telkens zorgt zijn afstandelijke en neutrale taal ervoor dat de verhalen geloofwaardig overkomen. Als eendjes worden doodgeschoten of iemand van zijn vrijheid wordt beroofd, dan zorgt de beheerste taal ervoor dat die onderwerpen niet dramatisch worden opgeblazen. De lezer gaat mee in het verhaal en grinnikt of schudt het hoofd. Tegelijkertijd zijn de zes verhalen doordrongen van een ingehouden intensiteit en getuigt Jones’ subtiele stijl ook altijd van een grote poëtische gevoeligheid die de afstandelijkheid een extra dimensie geeft. Deining is opnieuw een schot in de roos. De lezer van Jones’ vroeger werk zal thema’s herkennen, maar de verhalenbundel kan zeker zelfstandig worden gelezen. In het beste geval wordt de lezer nieuwsgierig naar vroegere boeken van Jones.

Kris Velter

Cynan Jones – Deining. Vertaald uit het Engels door Manon Smits. Koppernik, Amsterdam. 192 blz. € 23,50.