Maarten van der Graaff ontvangt de Frans Kellendonkprijs 2026 voor zijn oeuvre. Dat heeft de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde vandaag bekengemaakt. De commissie, bestaande uit Emma van Meijeren, Matthieu Sergier en Kim Schoof, schrijft over Van der Graaffs werk:

[D]e jury [herkent] duidelijk Kellendonks erfenis in de manier waarop Van der Graaff literair experiment inzet voor een verkenning van maatschappelijk urgente thema’s. Ook in de verkenning van de rol die de christelijke erfenis speelt in het bijeenblijven of uit elkaar vallen van een maatschappij herkent de jury Kellendonks nalatenschap.

Van der Graaff ging dergelijke maatschappijkritische literaire experimenten vóór Dood werk al aan in Vluchtautogedichten (2013), en nog eens in de opvolger van die bundels, Nederland in stukken (2022). Ondertussen kwamen gelijksoortige vragen naar voren in de polyfone roman Wormen en engelen (2017), waarin de hoofdpersoon worstelt met het besef een directe erfgenaam te zijn van de christelijke, kapitalistische en koloniale geschiedenis van de maatschappij waarin hij leeft. Hij zou zich er wel los van willen maken, maar dat gaat niet zonder slag of stoot. Hoe het verder gaat met een maatschappij getekend door zo’n geschiedenis, onderzoekt Van der Graaff door in de sci-firoman Onder asfalt (2023) voor te stellen hoe die maatschappij er in de toekomst uitziet. In de recente dichtbundel Huishoudboekje van de verborgen dingen (2025) gaat hij, zoals Johan Reijmerink het in Meander Magazine verwoordde, wederom in experimentele vorm ‘het maatschappijkritische gesprek aan’, dit keer ‘met Tatasteel, ChatGPT en zichzelf’.

De jury ziet Van der Graaffs betrokkenheid bij ‘de gemeenschap’ niet alleen terug in zijn geschreven oeuvre, maar ook in zijn rollen als medeoprichter van het online literair tijdschrift Samplekanon, als programmamaker voor Writer’s Unlimited en als docent aan de schrijfopleiding van ArtEZ. Van der Graaff is onvermoeibaar in het vervullen van rollen en het scheppen van nieuwe literaire vormen om te onderzoeken of en hoe gemeenschap vandaag de dag mogelijk is. Met ‘het scheppen van literaire vormen’ suggereren we overigens niet dat Van der Graaffs werk ontoegankelijk of alleen voor ingewijden bedoeld zou zijn. Zoals uit het al besproken ‘geklokte gedicht’ mag blijken, is Van der Graaffs experiment vaak even intelligent en kritisch als vermakelijk en hilarisch. Ook bedoelen we niet dat zijn werk afstandelijk of onpersoonlijk zou zijn. Juist omdat hij de opname van ‘persoonlijk materiaal’, zoals zijn eigen ervaringen met de christelijke religie, niet schuwt in zijn werk, dat wel degelijk maatschappelijk van grote meerwaarde is, vormt zijn oeuvre het bewijs tegen de vaak verdedigde stelling dat door levenservaringen van de auteur geïnspireerde literatuur ‘navelstaarderig’ zou zijn. In zijn proza blinkt Van der Graaff bovendien uit in puntige zinnen die als impressionistische verftoetsen hele werelden tot leven brengen. Het oeuvre van Van der Graaff is verwelkomend, uitnodigend, misschien zelfs radicaal gastvrij; een feest voor lezers om in te verblijven.

Op zaterdag 10 oktober ontvangt Van der Graaff een oorkonde en 5000 euro.

(Afbeelding: Maarten van der Graaff op de Nacht van de Poëzie 2021)