Het draait telkens weer om wat er niet is

Soms geeft een schrijver de recensent een handreiking bij zijn werk. In Bijna vijftig en nog steeds niet bereikt laat Daniël Dee een vriend aan het woord die alvast de kritiek op zijn laatste werk samenvat: ‘Hij heeft in zijn leven niets van betekenis bereikt en tot overmaat van ramp is hij net gescheiden. En maar klagen over futiele ongemakken. En dat allemaal opgetekend in een stijl die het midden houdt tussen oeverloze breedsprakigheid en Rotterdamse no-nonsense.’

Die vriend heeft wel een beetje gelijk, want deze ‘verhalenroman’ met de ondertitel ‘schetsjes van onvermogen’ lijkt wel heel erg een eentonige opsomming van ditjes en datjes uit een midlifecrisis. Gescheiden, matig contact met twee dochters, angststoornissen, woningleed, drankprobleem. Met zijn nieuwe vriendin Tisha heeft Daniël een hoop vurige seks, maar zij moet nog scheiden van haar man en dat is niet in een vloek en een zucht gebeurd.

Tegen het eind van het boek komen er een paar schetsjes voor die wat anders van toon zijn en alleen daardoor al opvallen. Zoals een humoristische en vileine sollicitatiebrief aan Poetryslam Rotterdam waarin hij de jonge dichters die hij op het podium zag tot de grond toe affakkelt met hun ‘therapeutische woorddiarree’.

Cliché werd op cliché geprakt, nooit werd het ergens ook maar enigszins prikkelend of uitdagend, qua inhoud noch qua vorm. Kwalitatief Uitermate Teleurstellend.

Al dat psychologische leed in de poëzie. Al dat gepreek voor de eigen parochie als ‘je trans bent of queer of autist of zeemeermin.’

Sterker nog: dit is ronduit een achteruitgang, het doet denken aan de domineesdichters [sic] uit de achttiende eeuw [waarschijnlijk bedoelt Dee de negentiende eeuw, CP], moralistische dichters die kraak noch smaak hadden, waar we dachten vanaf te zijn, en dat doet mij als poëzieliefhebber pijn aan het hart.

In zeven pagina’s vlamt Daniël Dee in een sarcastische rant, die steeds meer een poëticaal statement wordt. Dat hij eindigt met de mededeling dat hij bij voorkeur vanuit werkt, zal ook niet geholpen hebben om deze sollicitatie succesvol te maken.

De eerste schreden op het dichterschap heeft Dee gezet tijdens zijn studie in Groningen en er komen af en toe verwijzingen voor naar zijn tijd in Groningen en de vrienden die hij toen had. Dat levert nogal opmerkelijke anekdotes op over een agressieve Luuk Verpaalen en een vergeetachtige Meindert Talma. De vriendschap met dichter Karel ten Haaf bleef in stand, ook nadat Dee terugverhuisde naar Rotterdam. Ze schreven samen boeken, ze zouden samen romans schrijven, maar ze waren bovenal zielsverwanten.

Bijna vijftig en nog steeds niet bereikt eindigt met een ontroerend hoofdstukje waarin de in 2019 overleden Ten Haaf weer even aanwezig is in zijn oude kamer en waarin de twee gewoon verder praten over het leven en de politiek. En dan wordt duidelijk waar het in deze schetsjes eigenlijk over gaat: gemis. De vriend met wie hij over alles kon praten is er niet meer en niemand heeft zijn plaats kunnen innemen. ‘Het draait telkens weer om wat er niet is.’ Dat is een droevige constatering. Toch ben ik blij dat hij, al is het fictief, Karel ten Haaf weer even tot leven riep.

Coen Peppelenbos

Daniël Dee – Bijna vijftig en nog steeds niet bereikt. Passage, Groningen. 264 blz. € 23,99.

Deze recensie verscheen eerder in een kortere versie in het Dagblad van het Noorden op 29 mei 2026.