Recensie: Ilja Gort – Petit Café du Bonheur
Je lacht je te barsten
Het is niet goed om veel wijn te drinken. Dat is de boodschap van Petit Café du Bonheur, het Zomerlezengeschenk van de schrijvende wijnboer Ilja Gort. Fleur Blom maakt een tussenstop in een idyllisch Frans dorpje (cicaden, petanqueballen, platanen). Maar omdat ze nog rijden moet, bestelt ze een alcoholvrij biertje. Goede vriend Ton is duidelijk in zijn oordeel ‘Dat was lekker. NOT.’ Later blijven ze en drinken ze te veel wijn. De volgende ochtend blijkt Fleur het noodlijdende café te hebben gekocht. De vorige eigenares is al een tijdje vermist, dus dat geeft enige suspense. De rest van het boekje waarin elke gevoel expliciet wordt beschreven moet Fleur vooral bewijzen dat ze tussen de dorpsbewoners hoort en de dat ze het karakter van het café wil behouden.
Er zit dus een dun thrillerlijntje in dit boekje dat voor de rest een crime is om te lezen. Dat komt vooral door de stijl waarin werkelijk niets bijzonders gebeurt en waarin we het hoofdschudden, knikken, zuchten en fronsen van de personages herkennen uit andere pulpromans. Maar wat gaandeweg steeds meer gaat opvallen, is het gelach van de personages. Er wordt gelachen, gegrijnsd, geglimlacht. En niet een kleine beetje ook. Ik begon het bij te houden, en misschien heb ik wat gemist, maar dit is mijn oogst uit 90 bladzijden.
* Ik glimlachte flauwtjes. De glimlach van iemand die wel wil meedoen maar wiens gedachten telkens terugglijden naar iets anders.
* Ik lachte.
* Ton lachte.
* Ik grinnikte.
* Ton lachte.
* Hij lachte om zijn eigen grap.
* Ton schudde glimlachend zijn hoofd.
* ‘Holy shit!’ lachte Ton.
* Ik lachte.
* Hij lachte spottend.
* Excusez-moi dat ik stoor,’ zei hij glimlachend, […]
* Maar de makelaar lachte joviaal.
* Deschamps glimlachte.
* Hij schoot in de lach en riep tegen de makelaar: ‘Voor drie ton nemen we de hele hut over!’
* Plots verscheen makelaar Deschamps op het terras breed glimlachend alsof hij de loterij had gewonnen.
* Ton grinnikte ongemakkelijk.
* Lachen.
* Ik glimlachte.
* Een kort glimlachje gleed over haar gezicht.
* Elodie lachte niet.
* ‘In de toekomst zullen wij elkaar vaak gaan zien,’ zei hij glimlachend.
* Ze glimlachte.
* Met een flauwe glimlach schoof ik tegenover hem aan.
* Hij lachte nerveus.
* Elodie moest lachen.
* Ze grinnikte.
* Glimlachend schudde ik mijn hoofd.
* Toen glimlachte ik ongemakkelijk […].
* Breed grijnzend veegde hij zijn handen af aan een smoezelige theedoek die uit zijn broek hing.
* Ik bedwong een hysterisch lachje.
* Hij glimlachte.
* Jean-Claude grinnikte.
* Hij glimlachte.
* ‘Bonjour,’ zei ik met een van pijn vertrokken glimlach.
* Ik lachte ongemakkelijk, streek een lok haar uit mijn gezicht.
* Ik bleef glimlachen.
* Hij glimlachte verbaasd.
* Ik glimlachte als een boer met constipatie.
* […] ik stond nog steeds met diezelfde domme glimlach op mijn snuit het publiek in te koekeloeren […].
* De burgemeester stond nog steeds te glimlachen, greep mijn hand en kneep in mijn vingers. ‘Rustig blijven,’ fluisterde hij, zonder zijn glimlach te verliezen. ‘Blijven lachen.’
* Ondanks alles schoot ik in de lach.
* Elodie grinnikte.
* Ik lachte.
* Met een opgeluchte lach sloeg ze haar hand tegen de mijne.
* Ze lachte.
* Hij grinnikte alsof hij zich ergens over verkneukelde.
* Ik glimlachte beleefd en liep terug naar de bar, mijn vingers wit om het lege dienblad.
* Soms glimlachten ze onder elkaar, alsof ze iets wisten wat ik niet wist.
* Met delicate handgebaren vertelde hij tegen een stel vrouwen aan de tafel naast hem een verhaal waar ze erg om moesten lachen.
* Bonnet wierp een snelle blik op me, schoot in de lach en draaide zich snel om.
* Claudette barstte uit in een kakelende lach.
* Meteen kreeg ze weer een giechelbui.
* Ze schoot in een nieuwe lach.
* Claudette schudde lachend haar hoofd.
* Ze gniffelde achter haar hand en keek me met twinkelende oogjes aan.
* Ze wierp haar hoofd in de nek en slaakte haar kakelende lach.
* Zenuwachtig lachend lachend krabbelde ik overeind.
* ‘Dat was een warm welkom,’ lachte hij.
* Ze gaf me een scheef glimlachje.
* ‘Gelukkig,’ grinnikte Pierre terwijl hij zijn dienblad opraapte.
* Ik glimlachte bij de herinnering.
* Ze grinnikte.
* Ze lachte.
* Grinnikend aaide ik hem over z’n kop.
* Ik deinsde achteruit en schoot in de lach.
* Ze schoot in de lach.
* Ze grinnikte.
* ‘Nee joh,’ lachte Elodie.
* Elodies glimlach vertoonde een mengeling van spot en medelijden.
* Hij grijnsde en tikte zijn glas tegen het mijne.
* Niet die lompe kok met scheve muts, maar een knappe gozer, met mooie ogen en een lieve lach.
* Met een schaapachtig lachje schudde ik zijn hand.
* Binnen een minuut vormde zich een kleine optocht achter ons, mensen die meehielpen, duwden, lachten.
* Een paar mannen floten, iemand riep ‘Vive Jean!’ en er ging een golf van gelach over het terras.
* Dit beeld, Jean le Bosse, met dat smalle witte verband om zijn knie, zijn stralende lach en al die opgetogen mensen om hem heen, zou ik nooit meer vergeten.
* O, sorry!’ grinnikte ik en haastte me het café in.
* Nee, nee,’ zei hij lachend.
* We hadden het oude interieur in de was gezet en het zin van de bar opgepoetst tot het weer glimlachte.
* ‘Geweldig,’ lachte ze.
* Toen schoot ik in de lach.
* Ik lachte, maar ik voelde wel hoe verleidelijk dit vooruitzicht was.
* Ik had gelachen, gehuild, vriendschappen gesloten en een halve volksopstand overleefd.
* Met een vriendelijke glimlach keek ze me aan.
* Ze lachte.
* Ze glimlachte.
* Bestek rinkelde, glazen tikten tegen elkaar, overal lachende gezichten.
* Jean le Bosse, zijn verband nog half zichtbaar onder de tafel, lachend om de opmerking van Claudette.
* Gelach.
Het vervolg wordt achterin dit boekje aangekondigd: Grand Café du Malheur. Dat verschijnt ook vandaag. Na lezing van dit aperitiefje sla ik die maar even over.
Coen Peppelenbos
Ilja Gort – Petit Café du Bonheur. CPNB, Amsterdam. 96 blz. Je krijgt het Zomerlezengeschenk cadeau tussen 10 juni t/m 8 juli als je voor € 17,50 aan boeken koopt.
