Ik kan niet slapen

Het zal je maar gebeuren, door een misverstand verstrikt raken in een net dat je steeds strakker omsluit. In Ping voert Gert-Jan van den Bemd een maatschappelijk probleem op: oudere mannen die online contact zoeken met jonge meisjes. Op een klassieke thrillerwijze geeft hij de lezer meer informatie dan de hoofdpersonen hebben, waardoor de lezer van alle kanten het verhaal meekrijgt.

Harold van Merwe werkt op een middelbare school en staat op het punt om de gaan promoveren. Dat is een enorme mijlpaal en hij is er in gedachten de hele tijd mee bezig. Maar dan gebeurt er iets kleins met grote gevolgen. Een berichtje op de telefoon van Harold wordt door zijn vrouw onderschept. Het appje komt van Amy, voor haar een onbekend meisje: ‘Ik kan niet slapen.’ Suze, de vrouw van Harold, is direct vol achterdocht en besluit een bericht terug te sturen, er ontstaat een korte dialoog die uitmondt in een afspraak tussen Amy en Harold voor de volgende avond, maar Harold weet dus van niks.

De lezer zit meteen in het verhaal. Wie is Amy, wat zal Harold doen als ze voor de deur staat, had Suze ook een andere manier kunnen kiezen om haar man te confronteren met zijn contact met Amy? Zeker, maar dan was er natuurlijk een heel ander verhaal ontstaan. Nu hangt er iets ongewis in de lucht.

Uiteraard zijn er ook andere verhaallijnen, zoals de aanstaande promotie van Harold, over digitale weerbaarheid van jongeren, en die van de dochters van Suze en Harold, twee jongvolwassen meiden die elk hun eigen leven hebben maar nog elk weekend thuiskomen. En dan zijn er nog twee jongens die op pedo’s jagen.

Knap wisselt Van den Bemd de verhaallijnen met elkaar af, ook binnen de hoofdstukken. Soms eindigt een passage met een duidelijke cliffhanger, dan weer onderbreekt hij een van de personages om een logische overstap te maken naar een ander personage. Tegenstellingen zet hij mooi tegen elkaar af: wantrouwen versus vertrouwen, feiten tegenover roddelpraat, het lulletje rozenwater tegenover de macho.

Het draait allemaal om Harold, om wat hij heeft gedaan en juist niet heeft gedaan. Uiteraard vindt er een vreselijk voorval plaats, iets onomkeerbaars en verwerpelijks, waardoor je geen sympathie krijgt voor Harold. Maar de vraag hoe jij gereageerd zou hebben in de situatie waarin hij terechtkwam, komt vanzelf bovendrijven. Misschien is niet elke actie van de verschillende personages heel logisch, maar toch is het een coherent, geloofwaardig en spannend verhaal waarbij alles samenkomt tijdens de promotieplechtigheid van Harold. Van den Bemd laat zien dat hij, naast het schrijven van romans, ook het thrillergenre volledig beheerst.

Arjen van Meijgaard

Gert-Jan van den Bemd – Ping. Manteau, Antwerpen. 304 blz. € 22,50.