Een sprookje van een meesterverteller

Een verhaal, een novelle, een liefdesroman, hoe de auteur het zelf ook wil noemen, bovenal leest Alessandro Baricco’s Zijde als een onvervalst sprookje. Hervé Joncour woont met zijn vrouw Hélène in een klein Frans dorpje waar hij handelt in zijderupsen. Als het noodlot toeslaat en de rupsen door een ziekte massaal sterven, zijn de zijdekwekers – en dus ook Joncour – genoodzaakt hun nieuwe zijderupsen van buiten Europa te halen. Joncour moet daarvoor naar Japan – dat toen nog ‘echt aan de andere kant van de wereld’ lag – om nieuwe eitjes te kopen bij een zekere Hara Kei. Die eerste keer vergezeld door een vrouw met ogen die ‘geen oosterse vorm’ hebben. Joncour ontwikkelt een heimelijke fascinatie voor deze naamloze Japanse.

De stijl van Baricco is opvallend simpel. Geen moeilijke woorden, korte zinnen, en beschrijvingen die specifiek en to the point zijn:

Madame Blanche ontving hem zonder een woord. Het zwarte haar, glanzend, het oosters gezicht, volmaakt. Kleine blauwe bloempjes aan haar vingers, als waren het ringen. Een lang gewaad, wit, bijna doorschijnend. Blote voeten.

Dit maakt dat hij met een miniem aantal woorden de hele omgeving en situatie kan schetsen en alleen uitweidt daar waar nodig. Door de herhaling van bepaalde passages zoals bij de reizen van Joncour naar Japan en weer terug, neemt het verhaal bovendien op vernuftige wijze in snelheid af of toe. Zo weet Baricco je in één lange zin mee te nemen door heel Japan:

Te voet, over kleine weggetjes, reisde hij door de provincies Ishikawa, Toyama, Niigata, kwam aan in Fukushima en bereikte de stad Shirakawa, trok er aan de oostkant omheen, wachtte twee dagen op een man gekleed in het zwart die hem blinddoekte en hem naar een dorpje in de heuvels bracht, waar hij een nacht doorbracht en de volgende ochtend onderhandelde over de aankoop van eieren met een man die niks zei en wiens gezicht was bedekt met een zijden sjaal.

Telkens bevat de reis waarvan je denkt dat de beschrijving hetzelfde lijkt een verschil met de vorige reis, waardoor zelfs de snelle passages niet inboeten in details. Daarnaast weet Baricco ook als geen ander om op cruciale punten zo ver in te zoomen op een situatie dat je gedwongen wordt om na te denken wat het nu werkelijk is wat Joncour zegt en voelt:

‘Ik heb zelfs nooit haar stem gehoord.’
En na een tijdje:
‘Het is een vreemde pijn.’
Zachtjes
‘Sterven van heimwee naar iets dat je nooit zult beleven.’

Geen pagina’s vol mijmeringen, overdenkingen en hartenpijn, maar met genuanceerde en uitgebalanceerde zinnen brengt de auteur de lezer steeds op de hoogte van wat er gebeurt met zijn personages. Aan de vertaling van Manon Smits is in deze heruitgave niets veranderd, en dat is maar goed ook. Zelfs na eenentwintig jaar staat die nog als een huis en vangt moeiteloos de essentie van het verhaal, en dat maakt dit boek een genot om te lezen.

Ondanks zijn 208 pagina’s, bevat Zijde eigenlijk maar relatief weinig tekst. De lijvigheid van het boek is te danken aan de wonderlijke illustraties van de hand van de Franse illustratrice Rebecca Dautremer. Met pagina vullende afbeeldingen, lijntekeningen en strips, weet Dautremer je als lezer met portretten, dieren, landschappen of intieme erotische illustraties, elke pagina weer te verrassen. Haar surrealistische, haast Dali-achtige, voorstellingen volgen daarbij zeer nauwkeurig de tekst. Het hele boek lang licht ze gebeurtenissen, voorwerpen of scènes uit de tekst en wisselt daarbij steeds in het type illustratie. Een enkele keer onderbreekt ze deze variatie, als is ook dit op de plekken in het verhaal waar ook de auteur uitweidt. Zoals wanneer Hervé luistert naar de vertaling van een brief die hij kreeg van de mysterieuze Japanse vrouw.

Alle illustraties in Zijde lijken een soort fluïditeit te hebben waardoor je, ondanks dat elke afbeelding gedetailleerd genoeg is om naar te blijven staren en haast zijn eigen leven gaat leiden, voortgestuwd wordt naar het volgende stuk verhaal en de prenten tóch in dienst staan van de tekst. Laat het daarnaast ook zeker niet na om de prachtige papieren band van het omslag uit te vouwen, want de binnen- en achterkant ervan zijn ook zeker de moeite waard om te bekijken.

Irmaria Pennekamp

Alessandro Baricco – Zijde. Davidsfonds, 208 blz. € 29,99.