Niet nog een hoogtepunt voor Jerome Bloks

Jerome Bloks is een publiekslieveling. De schlemielige privédetective met zijn Solex en koddige maniertjes draait al mee sinds 1982. Aanvankelijk vrij geruisloos, sinds deel 6 is er een stevige fanbase die de slimme verhalen van de Fransman Dodier – die dan de strips tekent én schrijft – waardeert. Een nieuw album van Bloks is altijd een zekerheidje: dat laat je niet liggen. En nog steeds trekt de serie nieuwe lezers, getuige de flinke prijzen die worden betaald voor de ‘moeilijke deeltjes’, zoals het in verzamelaarskringen heet: de oudere nummers die niet veel voorhanden zijn en alleen nog gevonden worden op de antiquarische markt.

Van die serie verscheen dus onlangs het 28ste deel, In goede en slechte tijden. De titel verwijst naar een vrouw die Jerome tijdens zijn rijexamen ontwaart: ze staan in vol ornaat op een viaduct en dreigt te springen. Althans, dat is wat Jerome vermoedt. Hij gaat subiet poolshoogte nemen, hoort haar verhaal aan van een mislukte bruiloft en weet haar te kalmeren. Die vrouw zet vervolgens het leven van Jerome op zijn kop.

Om het maar meteen te zeggen: het is geen goed verhaal. Het is te begrijpen, het is te volgen maar de ontwikkelingen zijn wat vreemd en ook de rol van Bloks is apart. Oké, hij is de verstrooide detective, maar hij is niet dom. En zijn vrienden vinden het allemaal maar raar wat er gebeurt, maar ze laten hem toch begaan. Zijn vriendin Babs, de stewardess die halverwege terugkeert van haar werk, is des duivels en trekt haar eigen plan. En Bloks? Die gaat zonder werkelijk iets op te lossen door met zijn zaak, die niet echt een zaak is. Dat komt omdat hij zelf een te grote rol heeft: er is geen opdrachtgever, niet iemand die hém nodig heeft.

Daarbij zijn er veel dingen die een beetje raar zijn: als de bruid haar wanhoopsdaad wil plegen heeft zij haar trouwjurk aan, die zij twee dagen later nog steeds draagt als ze bij Bloks langskomt. Ze blijft maar in die witte jurk rondlopen. Ook in de ontknoping zit een wel heel grote toevalligheid als iemand zomaar iets doet wat niemand zomaar zou doen – geen spoilers uiteraard.

Het verhaal begint nog wel spannend, met een soort dubbele nachtmerrie die in twee stadia uitkomt in het ziekenhuis waar Jerome Bloks ligt bij te komen met een steekwond in zijn buik. Daar gaat ook de nachtmerrie over: zijn vriendin Babs zwaait daarin gevaarlijk met een flink mes, net als te zien is op het omslag. Maar hoe het precies zit, is dan nog niet duidelijk. Om dat te vertellen gaat Dodier zes maanden terug in de tijd. In een verhaal dat meer dan anderhalf keer zo lang is als een vergelijkbare strip, volgen we de handel en wandel, in voor- en tegenspoed. En toch heeft Dodier aan het einde enorme tijdsprongen nodig om er een rond verhaal van te maken.

De tekeningen van Dodier zijn herkenbaar uit duizenden. Ze zijn charmant, maar af en toe ook onevenwichtig. Bloks is heel expressief, al zijn gezichtsuitdrukkingen zijn fraai en raak, maar dat geldt niet voor de bruid: haar gezicht is vlak en ze is daardoor moeilijk te peilen. Misschien de bedoeling, maar het kan echt spannender. Ze lijkt constant onder invloed, ze is te onderkoeld. Wat ook opvalt, in positieve zin, is hoe goed de inkleuringen zijn. Die zijn van de hand van Cerise – geen achternaam. Haar werk maakt dat het verhaal echt van nu is. De kleurstellingen zijn zoals 2022 is, zogezegd.

En beetje spijtig is het wel dat dit niet het verhaal is geworden, zoals Dodier ze eerder wel maakte, met De kluizenaar als voorlopig hoogtepunt. Dodier moet Bloks iets laten oplossen, de vriendelijke sul is minder geschikt om een verhaal aan op te hangen: daarvoor zijn zijn schouders te fragiel en is hij te onberekenbaar.

Stefan Nieuwenhuis

Alain Dodier – Jerome K. Jerome Bloks 28: In goede en slechte tijden. Dupuis. 72 blz. € 8,99.

2