Heftige emoties en grote woorden in korte zinnen

Mylo heeft zijn beste vriend Mees gedood, per ongeluk. Over de ‘nachtmerrie die niet ophoudt’ waarin hij daarna is beland, vertelt hij in een rauwe en emotionele stijl in Patroon, de nieuwe jeugdroman van Marco Kunst. Eigenlijk is Mylo’s verhaal zijn geschreven weergave van de gebeurtenissen en zijn gevoelens. Zijn therapeut had hem aangeraden te gaan schrijven om alles te verwerken. Hoewel hij niet gelooft in ‘verwerken’ pakt hij toch de pen op.

Als Mylo terugkijkt op de periode voor het dodelijke ongeluk, ziet hij hoe onschuldig Mees en hij waren:

We voelden ons heel wat, maar waren nog zo onschuldig als fopsteentjes. Wat weet je nou als je zestien bent? Als je nooit iets heftigers hebt meegemaakt dan een hamster met een glutenallergie. Niets toch?

Niet alleen de daad en het verdriet erna doen pijn, ook de uitsluiting kwetst Mylo. Niemand wil meer met hem omgaan, ook zijn moeder bekijkt hem met wantrouwen. Alleen bij zijn Amerikaanse opa, een Vietnamveteraan, kan hij altijd terecht.

Het hoofdstuk ‘Verdriet’, waarin Mylo de lezer direct aanspreekt, is hartverscheurend. Het begint zo:

Ik vroeg je al of je ooit verliefd was geweest.
Nu wil ik je vragen of je weleens echt verdriet hebt gekend.
Vast wel zo’n beetje. Je bent ongetwijfeld een keer verliefd geweest en je hebt ook verdriet gekend in je leven.
Maar verdriet dat te groot is, ken je dat ook? Verdriet dat als zo’n blobmonster uit een Japanse manga helemaal om je heen slobbert, zwart en slijmerig.
Verdriet om je beste vriend die dood is: verdriet dat voelt als een zwart gat in je lijf. Zo’n zwart gat als in het heelal, dat alles opslokt en waar niets uit kan ontsnappen. Nooit meer.

Hoe verwerkt een 16-jarige dit kolossale schuldgevoel?

Mylo vertelt zijn verhaal in 37 zeer korte hoofdstukken en in een staccatostijl die zich kenmerkt door stoere puberjongenstaal vol zelfspot, overdrijvingen (zie het knaagdier met coeliakie) en reflectie. Het stoer doen en een dubbele link met de oorlog, de Tweede Wereldoorlog in de streek waar Mylo en Mees wonen en de Vietnamerfenis van zijn grootvader, leiden tot Mees’ dood. Mylo ontwijkt zijn schuld niet, wat zijn verhaal overtuigend maakt.

Hij graaft steeds dieper in zijn geheugen om erachter te komen waarom hij zo onvoorzichtig was met de patroon van zijn grootvader. Hij vertrouwt zijn eigen interpretatie van de gebeurtenissen die tot het dodelijk ongeluk niet en dat levert prachtige jeugdliteratuur op die geen lezer onberoerd zal laten.

Patroon is helemaal toegesneden op hedendaagse lezers vanaf een jaar of twaalf zonder een moment oppervlakkig te worden. Het ritme van de korte zinnen sprak mijn brugklassers aan wie ik een paar hoofdstukken voorlas meteen aan. De verwijzingen naar virale social media-filmpjes met miljoenen likes, Dora en Jip en Janneke herkenden ze meteen. De roadtrip naar San Francisco die Mylo met zijn opa onderneemt om zijn uit alle gezinsfoto’s geknipte vader te zoeken, verleent het boek een dynamisch karakter. Deze verhaallijn verknoopt ook alle trauma’s van kleinzoon, vader en grootvader.

Marco Kunst tilt het populaire young adult-genre ‘daderfictie’ (perpetrator fiction) op een hoger plan. Patroon hangt niet, zoals veel jeugdboeken in deze categorie, van goedkope thrills aan elkaar, maar is een intelligente en soms ontwapenende introspectie van een jongen die zoekt naar een nieuwe manier om zich tot zichzelf en zijn omgeving te verhouden. Het daderperspectief is beschouwend. De afstand die Mylo tot zijn daad heeft, biedt de lezer de kans na te denken over wat de hoofdpersoon denkt en voelt.

Marie-José Klaver

Marco Kunst – Patroon. Gottmer, Haarlem. 188 blz. € 15,99.

3