De voodoopop van een hoger wezen

Het is even slikken als de hoofdpersoon van een roman Distel Nooitgedacht heet. Dat kan nooit goed gaan met zo´n naam. En ja hoor: Distel is 33 jaar, heeft een eigen appartement en ziet ze vliegen. Soms ziet ze een enorme mot in het trappenhuis, op andere moment lopen er wezels rond. Een wezel heeft ze al als puber al zien lopen, bij de begrafenis van haar vader namelijk. De uitvaartdienst was voornamelijk een symbolische actie, omdat haar vader met een vliegtuig was neergestort en er geen lichaam te begraven was. Daar dook die wezel op. ‘Niemand zag hem behalve ik.’

Dat Distel een beetje doordraait blijkt onder meer uit de ondoordachte actie om naaktfoto’s van zichzelf als meisje op een internetforum te plaatsen en door met haar camera iets te gretig kinderen te willen fotograferen. Haar buren zien de jonge vrouw in het trapportaal ook steeds vreemder gedrag vertonen. Halfnaakt rondlopen terwijl je in gesprek bent met een teek is inderdaad het moment om de instanties te bellen. In De bakvis van Nadia de Vries zit je in het hoofd van iemand die na twintig jaar in een soort psychose terechtkomt.

Helaas is De Vries nogal expliciet in wat haar overkomt en je komt soms in hinderlijke therapeutentaal terecht. ‘Daarvoor had ik mijn rouw onvoldoende verwerkt. Een duurdere therapeut zou zeggen dat ik de oorspronkelijke omstandigheden van mijn angst (de plotselinge status van zielig kind) dwangmatig recreëerde met de hoop op een gunstige afloop.’ Of, nog pathetischer: ‘Ben ik, Distel Nooitgedacht, de voodoopop van een hoger wezen?’ Dat is ook geen goed teken: dat je je eigen naam in je eigen gedachten betrekt.

Eerder schreef De Vries Kleinzeer, een autobiografisch boek over de ongeneeslijk lijkende ziekte uit haar jeugd, waarvan ze toch genas en latere psychische stoornissen waaraan ze het hoofd moest bieden. De bakvis lijkt in fictievere vorm een variant te zijn op het eerdere boek. Helaas blijft de Vries door het gekozen perspectief wat hangen in het steeds afwijkender gedrag van Distel, zodat je niet een bredere kijk krijgt op de gebeurtenissen. De band met de moeder, haar zuster en in haar jeugd met haar vader blijft nogal onderbelicht.

Misschien is het belangrijkste kritiekpunt wel dat je je op geen enkel moment verbonden voelt met de hoofdpersoon. Je kijkt met een zekere afstandelijkheid naar haar en aan het eind van de roman is die afstand gebleven.

Coen Peppelenbos

Nadia de Vries – De bakvis. Pluim, Amsterdam. 160 blz. € 22,99.

Deze recensie verscheen eerder in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 30 juli 2022.

0