Een leven in transitie

Een van de akelige constructiefouten bij de mens is het gen bij vrouwen dat ervoor zorgt dat ze borstkanker krijgen. Dat is gewoon al een heftige ziekte die een vrouw kan overvallen, maar bij dat gen is het bijna een zekerheid. Antiboy, de ik-figuur uit de gelijknamige roman van Valentijn Hoogenkamp, heeft dat gen en weet dat ze de weg van haar aan eierstokkanker overleden moeder niet wil volgen. De beslissing om haar borsten preventief te laten verwijderen is meteen een katalysator voor een verandering in gender.

In een van de vele pijnlijke scènes in dit autobiografische boek – de schrijver poseert zelfs op het omslag, staand in een woeste zee – spreekt Antiboy met een plastisch chirurg die het alleen over reconstructies wil hebben. ‘Tot hij uitlegt dat als ik er echt op sta om plat te gaan, dat zo’n eenvoudige operatie wordt dat hij die niet zal uitvoeren. Hij is overgeclassificeerd.’ Onder de afwijzing proef je de afkeer.

Valentijn Hoogenkamp debuteerde met het prachtige Het aanbidden van Louis Claus en deze novelle ligt in het verlengde van die roman en het is verbazingwekkend dat je binnen zo weinig bladzijden zoveel kanten van de problematiek die samenhangt met genderbeleving kunt vangen. Zo komt ook de relatie met de behulpzame vriend Pier onder druk te staan. Voor Antiboy kan het wel zo zijn dat het niet uitmaakt op wie hij (het gebruik van het persoonlijk voornaamwoord van na de verandering wordt aanbevolen) verliefd is, man of vrouw; voor Pier is dat wel degelijk het geval. ‘Nee, bedankt, ik heb geen zin om de vriendin van Freddie Mercury te worden.’

Wie in transitie gaat, zal zijn hele leven onder de loep nemen en dat doet Hoogenkamp ook met een paar schrijnende scènes uit de jeugd van Antiboy waaruit zijn isolement blijkt. Ook gaat hij op zoek naar het ware seksuele leven van zijn moeder. Was het huwelijk tussen de ouders zo slecht omdat haar moeder wellicht ook worstelde met haar seksualiteit?

Wat in Antiboy opvalt en wat ook zijn debuut zo goed maakte, is de zeggingskracht onder de zinnen. Hoogenkamp lijkt vaak een gewone mededelende zin te schrijven, terwijl die meteen ook symbolisch lijkt te zijn. ‘Doordat er geen grafzerken zijn op de natuurbegraafplaats kan ik mama meestal niet vinden.’ Zo’n zin vat meteen de verhouding tussen moeder en zoon samen. Dan laat je zien dat je kunt schrijven.

Coen Peppelenbos

Valentijn Hoogenkamp – Antiboy. De Bezige Bij, Amsterdam. 110 blz. € 12,99.

Deze recensie verscheen eerder in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 7 oktober 2022.

2