Recensie: Maren Stoffels – Ik zie je tussen de wolken
Spannend en literatuur
Ik zie je tussen de wolken van Maren Stoffels is zeer geschikt om met leerlingen te lezen. Het jeugdboek komt uit 2016, maar is nog steeds actueel. Deze recensent moest wel wat vooroordelen slechten. Andere titels van Stoffels zijn bijvoorbeeld: Escape Room, Fright Night, Black Friday enzovoorts. Het oppervlakkige vooroordeel is dan: thriller, dertien in het dozijn. Het is misschien goed dat leerlingen af en toe een thriller lezen, maar toch liever literatuur. Of Stoffels die op bezoek komt op school, alle leerlingen hun ogen laat sluiten en heel zachtjes rondloopt, en de leerlingen, met de ogen gesloten nog, haar moeten aanwijzen. Om vervolgens daarna een spannende passage te voor te lezen: thriller! Het is een ingewikkelde discussie: we willen dat leerlingen lezen, maar we willen ook dat leerlingen leren.
Ik zie je tussen de wolken is een boek dat leerlingen graag zullen lezen, en waar je als docent ook iets mee kan. (Het is dan ook opgenomen in het katern Lief, liever liefst van de lesmethode KERN). Het boek leest vlot en je zit als lezer hoofdpersoon Lauren dicht op de huid. Lauren heeft haar maatschappijdocent flink uitgescholden. Daarom zit ze bij de schoolpsycholoog, die voorstelt dat Lauren al begint aan haar stage. Ze wordt buddy van een jongen van negen jaar, Casper, die lijdt aan leukemie. Hij is bevriend met Jasmijn, die ook kanker heeft. Lauren krijgt een relatie met Sepp met wie ze buiten voetbalt. De spanning in het verhaal zit in twee verhaallijnen: hoe gaat het met de gezondheid van Casper, en wat bloeit er tussen Lauren en Jasmijn? De verhaallijnen over Lauren die zichzelf snijdt en haar broer Dex die als voetbaltalent wordt gescout vormen vooral een soort achtergrond.
De spanning zit misschien vooral in Lauren zelf. Durft ze te kiezen om haar eigen gevoel na te jagen? In haar familie worden bepaalde ‘grapjes’ gemaakt:
‘Misschien kun jij in het vrouwenteam van FC HEROIC,’ zei Dex.
Hij maakte maar een grapje, zo goed zou ik nooit worden, maar het klonk wel lief.
‘Hoewel,’ zei Dex. ‘Doe maar niet, dat word je ook zo’n pot.’
Ik voelde iets vreemds in mijn buik, alsof mijn maag een sprongetje maakte.
‘Hoezo?’
‘Alle vrouwen uit het profteam zijn pot.’ Dex rochelde en spuugde een klodder op straat. ‘Dat moet ik niet, hoor. Een zus die pot is.’
‘Ik ben geen pot,’ zei ik.
Dit soort opmerkingen zorgen ervoor dat Lauren denkt dat haar familie haar niet zou accepteren als ze thuis zou komen met Jasmijn. Het lijkt ook vooral daarom dat ze Sepp als vriendje aanhoudt, en van alles van hem toestaat. Als lezer denk je vaak: dump die Sepp en ga voor Jasmijn. Als lezer is dat waarschijnlijk wat te makkelijk gedacht. Het is evenzogoed louterend dat Lauren zichzelf ontwikkelt, een soort van worstelen en bovenkomen. De eindzin ‘Het werd nu tijd voor Lauren in mijn verhaal.’ waarmee Lauren voor zichzelf, en Jasmijn, kiest, kan makkelijk wat cliché of klef voelen. Het knappe aan dit boek is dat het juist nergens goedkoop, oppervlakkig of te emotioneel wordt. Het toont een knap staaltje beheersing van de schrijver.
Het boek is kortom én spannend én literatuur én geeft voldoende stof om met leerlingen over door te praten.
Erik-Jan Hummel
Maren Stoffels – Ik zie je tussen de wolken. Leopold, Amsterdam. 240 blz. € 15,99.
Leerlingen in het voorgezet onderwijs lezen graag eigentijdse populaire jeugdboeken: van Mel Wallis de Vries tot Cis Meijer of Anna Woltz en Maren Stoffels. Deze zomervakantie lezen redacteuren van Tzum en docenten Nederlands enkele van deze boeken en vellen hierover hun deskundig oordeel.
