Nieuws: Recensenten van Trouw niet te spreken over Boekenweekgeschenk en -essay – ‘Beneden-modaal’ en ’tergend saai’
Trouw had een paar dagen geleden al kort de recensies online staan van het Boekenweekgeschenk en het Boekenweekessay, maar werd teruggefloten omdat het embargo geschonden werd. Nu is het medium dit weekend alsnog de eerste met besprekingen van respectievelijk Piaggio van Hendrik Groen en Ik zou uw dochter kunnen zijn van Doortje Smithuijsen. Het enthousiasme spat er bij de recensenten niet vanaf.
Rob Schouten concludeert dat Piaggio ‘een ode [is] aan de middelbare leeftijd, zo te zien de beste tijd van ons leven’. Hij noemt het verhaal ‘heel erg gewoon, gewoontjes misschien wel’.
Piaggio levert een en al herkenning voor middelbare lezers, jongere lezers zullen het meewarig meelezen, oudere terugverlangen naar de tijd dat Harry Mulisch of Hella Haase het boekenweekgeschenk schreef.
Schouten gist naar de reden van de CPNB voor het kiezen van Hendrik Groen als auteur en wijst naar het huidige tijdsgewricht:
Je kunt je afvragen waarom de CPNB Hendrik Groen gevraagd heeft het boekenweekgeschenk te schrijven want het voelt als een demonstratieve geste: ook modale of zelfs beneden-modale literatuur mag meedoen, laten we vooral niet te highbrow doen. Dat is in deze woke tijden van inclusiviteit natuurlijk niet zo gek.
Schrijver van het tot ’thema-uitgave’ omgedoopte Boekenweekessay, Doortje Smithuijsen, komt er nog slechter vanaf. Eke Krijnen concludeert in haar recensie dat Ik zou uw dochter kunnen zijn onterecht pretendeert een stem van een generatie te zijn (millennials):
[H]et gaat om een elite die wél links-progressief stemt, materieel succes en sociaal aanzien als het enige nastrevenswaardige in het leven beschouwt, en ondertussen boordevol wrok zit. Zou Smithuijsen vooral een hyperpersoonlijk essay over zichzelf en haar eigen bubbel hebben geschreven?
Niet alleen vindt Krijnen de pretentie onterecht, ook ziet ze voortdurend clichés terugkeren en mist ze onderbouwing in de vorm van onderzoek of cijfers. De conclusie:
Deze sores hadden beter binnenskamers aan een Amsterdamse eettafel besproken kunnen worden, in plaats van in het boekenweekessay.
Niet alleen is het tergend saai te lezen over de kwellingen van een geprivilegieerde groep mensen over wie ik me allerminst zorgen maak. Het gaat bovendien ten koste van de ruimte in het publieke debat voor een gesprek over de werkelijke problemen van onze tijd.
