Recensie: Tom Lanoye – ReinAard
Een kathedraal van taal
Firapeel, het luipaard, komt in Van den vos Reynaerde pas helemaal op het einde voor. Hij bedenkt een regeling voor de bedrogen koning Nobel om weer de machtsverhoudingen met zijn baronnen te herstellen. Bruun, de beer, en Ysengrim, de wolf, worden uit hun gevangenschap bevrijd en mogen de rest van hun leven op schapen jagen (dus geen gezeur over wolven, het is hun recht om schapen de strot af te bijten). In ReinAard, de bewerking van het oorspronkelijke verhaal door Tom Lanoye, wordt Firapeel al veel eerder ingezet als ‘Advocaat van Staat’ die adviseert, kruipt en kuipt aan het hof. Eindelijk krijgt hij de erkenning die hij verdient.
De ReinAard is een kathedraal van taal en alleen vanwege dat talige aspect al de aankoop waard. Lanoye heeft er niet voor gekozen om een keurige hertaling te maken, dat hadden we op grond van zijn eerdere bewerkingen van stukken van Shakespeare ook niet verwacht, maar hij heeft het verhaal uitgebreid en aangepast. Geen keurige regeltjes met eindrijm, ja die zijn er ook, maar hij gebruikt alle vormen van rijm: assonantie, alliteratie, binnenrijm, middenrijm, dubbelrijm, overlooprijm en ga zo maar door in een ritmisch geheel. Een voorbeeld uit het boek waar de beer wordt aangevallen door dorpelingen.
Chi-Chi, een kakmadam en muis
Aan huis in menig pooierskot,
Plofte een schoffel in het kruis
Van Bruin totdat hij piste van
De pijn: azijn vermengd met gal.Gaston Ballon, zo dik dat hij,
Eens op zijn rug gevallen, nooit
Meer zonder hulp rechtop kon komen,
Riskeerde – balancerend met
Zijn vet – om Bruin van ver
Het zicht te kapen uit zijn ogen,
Door naar de smikkel van de beer
Te prikken met een bonenstaak.Jef Labbekak en Fientje Pruimtabak
Zijn vlam – normaal twee zenuwschijters –
Ontpopten zich tot dappersten
Der oelewappers. Op hun rug
Gekropen door de achterpoten
Van het verblinde monster, stootten ze –
Tot moord in staat, zonder genade –
Met een verroeste spade naar
Zijn kuiten, knieën kont en kloten.
Als we in het hoofd van ReinAard zelf zitten dan zet Lanoye nog een tandje bij, want dan gebruikt hij Engels en moderne straattaal ineen. Die innerlijke monologen zijn ook nog eens in het rood gedrukt. Opnieuw een voorbeeldje uit de tekst, op het moment dat de oude, vermoeide kater Tybaart aan komt zetten.
Een dove doos can hear dat hij
Komt aangelopen: hissing, whistling
And wheezing, puffing and sneezing…
Die zuiger is a one man bigband,
Een halvegare hoestfanfare
Waar is the noble art naartoe
Van gluipend sluipen by surprise?
Een koe vangt eer een haas dan dat a cat
Like that could catch om ’t even wat.
Als even later Tybaart de kat de pastoor een bal heeft afgenomen, is bij Lanoye de bespotting van deze allerminst celibataire man, want hij heeft vrouw en kinderen, niet afgelopen. Er komt nog een beschuldiging van incest bij, als misbruiker van zijn eigen kroost. Wat zijn dochter Bernadet betreft zou de pastoor niet alleen een deel van zijn klokkenspel zijn kwijtgeraakt, maar ook zijn klepel.
Lanoye situeert zijn ReinAard nadrukkelijk in de streek rond Sint-Niklaas, zijn geboortestad waar ook een Reynaertbeeld staat. Misschien is de belangrijkste verdienste van dit boek wel, dat je er weer lekker uit kunt voorlezen, dat de tekst speelbaar is geworden. Lanoye zal daar zelf binnenkort een begin mee maken als hij in een marathonsessie op Pinksterzondag het hele boek voordraagt in Antwerpen (is al uitverkocht). Daarna zal hij in Vlaanderen en Nederland gaan touren met delen uit het boek. Komende zondag in Groningen geeft hij een voorproefje. Daar zijn nu nog maar 5 kaarten beschikbaar.
Coen Peppelenbos
Tom Lanoye – ReinAard. Prometheus, Amsterdam. 328 blz. € 25,99.
