Een moorddadige eetlust

Een vrouw die mannen met haar kookkunsten verleidt en mogelijk verantwoordelijk is voor hun dood: het gegeven leent zich uitstekend voor een psychologische thriller. Asako Yuzuki laat in de roman Boter de Japanse journaliste Rika Machida kennismaken met Manako Kajii, die vastzit op verdenking van de moord op meerdere zakenmannen. Kajii is dik, zelfingenomen en weinig geneigd zich iets aan te trekken van andermans verwachtingen. Haar vermeende wapen is geen pistool of mes, maar boter, room en de belofte van een goede maaltijd. Terwijl Rika haar vertrouwen probeert te winnen, raakt ze steeds meer betrokken bij Kajiis leven en opvattingen.

Aanvankelijk weigert Kajii met Rika te praten. Pas wanneer de journaliste niet langer naar de moorden vraagt, maar naar haar recept voor rundvleesstoofpot, komt er beweging in hun contact. De gesprekken gaan steeds vaker over eten, smaak en de kunst van het genieten. Rika ontdekt hoeveel plezier ze zichzelf heeft ontzegd en trekt zich minder aan van regels waaraan ze gewend is geraakt. Ze komt aan, en haar omgeving reageert daar onmiddellijk op. Haar vriend vindt dat ze zichzelf verwaarloost. Zelfs haar vriendin Reiko, die zich eerder uitgesproken tegen seksisme heeft gekeerd, maakt opmerkingen over haar veranderende lichaam.

Yuzuki laat zien hoe tegenstrijdig de verwachtingen zijn waaraan vrouwen moeten voldoen. Ze moeten aantrekkelijk zijn, maar niet te veel met hun uiterlijk bezig zijn; ze moeten genieten, maar ook hun eetlust beheersen. Rika merkt dat zelfs mensen die zich bewust verzetten tegen seksistische denkbeelden zulke normen blijven herhalen. Boter krijgt in dat verband een betekenis die verder gaat dan het eten zelf: het staat voor het genot dat vrouwen zich volgens hun omgeving moeten ontzeggen. De passages over koken en eten zijn zintuiglijk geschreven. De bereiding van een gerecht, de geur van boter en de smaak van een saus krijgen veel aandacht. Toch worden die beschrijvingen zo nadrukkelijk dat het genot geregeld plaatsmaakt voor een grotesk tafereel.
Ook Kajii zelf blijft op afstand. Haar omvang, eetlust en zelfverzekerdheid maken haar tot een opvallende verschijning, maar vertellen nog weinig over haar als mens. De vergelijking met Hannibal Lecter dringt zich aanvankelijk op: een verdachte die haar gesprekspartner met woorden en maaltijden naar haar wereld probeert te trekken. Alleen krijgt Kajii niet de overtuigingskracht die voor zo’n rol nodig is. Rika’s fascinatie groeit, maar de roman maakt onvoldoende duidelijk wat haar zo aantrekt in deze vrouw. Daardoor voelt de invloed die Kajii op haar krijgt eerder als een vereiste voor het verhaal dan als een ontwikkeling die uit hun gesprekken voortkomt.

Dat probleem speelt ook bij Rika’s eigen ontwikkeling. Haar veranderende houding tegenover eten en haar lichaam had kunnen laten zien hoe moeilijk het is om je los te maken van normen die je zelf bent gaan onderschrijven. Nu volgen de gebeurtenissen elkaar op zonder dat duidelijk wordt wat er precies in haar verandert. De kritiek op misogynie blijft bovendien vaak beperkt tot het benoemen van dubbele standaarden. Rika werkt als journaliste in een door mannen gedomineerde omgeving, maar de gevolgen daarvan voor haar werk en haar positie blijven onderbelicht. Daardoor krijgt het maatschappelijke thema veel ruimte, terwijl de personages er weinig complexiteit door winnen.

De moordzaak had het verhaal meer diepte kunnen geven. Kajii wordt verdacht van de moord op meerdere zakenmannen, maar haar mogelijke motieven en de schuldvraag raken ondergeschikt aan de gesprekken over eten en vrouwelijkheid. Ook Rika onderzoekt nauwelijks hoe het beeld van Kajii tot stand is gekomen. Wat weet ze werkelijk over de zaken waarvan Kajii wordt beschuldigd? Hoe beïnvloeden de media en de publieke opinie haar oordeel? En waarom blijft ze zich tot Kajii aangetrokken voelen, terwijl ze haar probeert te doorgronden? De roman roept zulke vragen op, maar werkt ze niet voldoende uit om de verhouding tussen beide vrouwen werkelijk op scherp te zetten.

De nevenverhaallijnen, waaronder Reiko’s huwelijk en Rika’s persoonlijke trauma’s, veranderen daar weinig aan. Tegen het einde verschuift de aandacht naar zelfacceptatie en de steun die vrouwen bij elkaar kunnen vinden. Die ontwikkeling voelt weinig voorbereid. De roman heeft veel tijd besteed aan Rika’s fascinatie voor Kajii en de onzekerheid rond de moordzaak, maar verbindt die verhaallijnen uiteindelijk nauwelijks met de verzoenende boodschap waarmee hij afsluit.

Boter bevat genoeg materiaal voor een indringende roman over eetlust, schaamte en de manier waarop vrouwen naar zichzelf leren kijken. Yuzuki is op haar best wanneer ze laat zien hoe snel afkeuring doorklinkt in alledaagse opmerkingen, ook van mensen die zichzelf als ruimdenkend beschouwen. Maar Rika en Kajii blijven te schetsmatig om hun onderlinge verhouding overtuigend te dragen. De moordzaak levert weinig psychologische verdieping op en de ontknoping geeft de voorafgaande gebeurtenissen onvoldoende gewicht. Een veelbelovend onderzoek naar een vrouw die zich aan de regels onttrekt eindigt als een minder scherp verhaal dan Kajii en haar beruchte kookkunsten hadden kunnen opleveren.

Anna Husson

Asako Yuzuki – Boter. Vertaald door Maarten Liebregts. Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam. 560 blz. € 20.