Kan je iemand echt kennen?

Inkt en bloed is de roman die de Zuid-Koreaanse Nobelprijswinnaar Han Kang schreef na het wereldwijde succes van De vegetariër. Het is niet vanuit het Engels naar het Nederlands vertaald maar wel rechtstreeks uit het Koreaans door Mattho Mandersloot. In zijn nawoord schrijft hij dat hij meerdere essays zou kunnen schrijven over de totstandkoming van de vertaling. Blijkbaar speelt ambiguïteit een rol en brengt dat uitdagingen met zich mee voor de Nederlandse grammatica. In het Koreaans bestaan ook verschillende beleefdheidsvormen die Mandersloot in zijn vertaling heeft verwerkt. Han Kang vertalen is een complexe aangelegenheid.

De verteller van het verhaal, Jeong-hie, verliest haar beste vriendin, de gerenommeerde kunstschilder Seo Inju, die met haar auto een ravijn is ingereden. Jeong-hie is ervan overtuigd dat het om een tragisch ongeluk gaat. Dat is ook de officiële versie. Maar dan ontmoet ze de universitair docent Kang Seok-won die de overtuiging is toegedaan dat de vrouw zelfmoord heeft gepleegd. De man blijkt bezeten te zijn van Seo Inju. Hij heeft zijn vrouw voor haar verlaten, heeft haar eerste solotentoonstelling op touw gezet en blijkt heel haar nalatenschap te hebben gekocht. Hij is niet enkel van plan om haar biografie te schrijven maar ook om haar leven te verfilmen, een retrospectief te maken en zelfs een museum te bouwen dat haar naam zal dragen en waar haar werk permanent geëxposeerd zal worden.

Jeong-hie kijkt het allemaal met lede ogen aan en is van plan in het defensief te gaan. Ze plant ook een biografie met haar versie van de feiten. Daarvoor graaft ze obsessief in het verleden van haar vriendin. Ze wordt geconfronteerd met verborgen kanten van haar vriendin waar ze nog geen weet van had en moet tegelijkertijd haar eigen verleden onder ogen zien. In Inkt en bloed wordt dan ook onderzocht waar de grens ligt tussen waarheid en leugen. Seo Inju blijkt een kwetsbare vrouw te zijn geweest die met tegenslag, verlies en rouw moest omgaan. Als jong meisje leek ze voorbestemd om sporter te worden maar een ernstige blessure steekt daar een stokje voor. Ze vindt haar toevlucht bij oom Samchon, een schilder met een diploma astrofysica. Ze begint zelf te schilderen en introduceert haar vriendin Jeong-hie in het kunstatelier. Op een bepaald moment begint Seo Inju zich af te zonderen. Het laatste jaar van haar leven neemt ze van iedereen afstand. Blijkbaar had ze donkere gedachten. Jeong-hie blijft graven maar moet zich er misschien ook bij neerleggen dat ze nooit alle stukjes van de puzzel op de juiste plaats zal kunnen leggen.

Han Kang schrijft soms romans waarin ze geschiedenis verwerkt. Zo schrijft ze in Ik zeg geen vaarwel over de Jeju-opstand. Maar ze schrijft ook intiemere romans over het leven van enkele personages. Inkt en bloed is zo’n roman. Het is mooi dat er een evolutie in het boek zit: hoe verder het verhaal vordert, hoe meer dimensies de karakters en het verhaal krijgen. Inkt en bloed is donker en gaat ook over thema’s die niet vrolijk maken. Kang verkent niet enkel de grens tussen waarheid en leugen maar schrijft ook over geheugen, rouw, vriendschap, kunst en geweld tegen vrouwen. Maar waar Kang ook over schrijft, ze doet dat altijd op een poëtische en zintuiglijke manier. Ze schrijft geen weelderig proza vol meanderende zinnen maar wel ingetogen, beheerst en trefzeker. Ze vertelt haar verhaal niet rechtlijnig maar springt heen en weer in de tijd. Inkt en bloed is enigmatisch, gelaagd en diepgaand. Het is wel moeilijk om in het verhaal te komen. Misschien ligt dat aan de trage manier van vertellen en het langzaam ontvouwen van het verhaal. Maar een kniesoor die daarom maalt.

Kris Velter

Han Kang – Inkt en bloed. Vertaald uit het Koreaans door Mattho Mandersloot. Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam. 352 blz. € 24,99.