Recensie: Hannah Arendt – Het zionisme bij nader inzien
Israël en zionisme volgens Hannah Arendt
‘Een land zonder volk voor een volk zonder land,’ aldus het credo van Theodor Herzl, grondlegger van het zionisme. Maar achter deze, voor velen zo pakkende woorden, gaan op zijn zachtst gezegd blikvernauwende ideeën schuil, die van grote invloed zijn geweest op de Israëlische staatsvorming.
Herzl bedoelde niet dat er in dat Palestina van toen geen mensen woonden. Kind van zijn tijd dacht hij in termen van natieen nationalisme. Palestina werd bewoond door nomaden en sedentaire groepen, die geen volk vormden omdat het ze aan volkseenheid bewerkstelligende instituties ontbrak. De joodse diaspora daarentegen kende die instituties volgens Herzl wel, niemand kon immers ontkennen dat er zoiets bestond als een joodse identiteit. Trouwens, joden die zich niet als zodanig wensten te identificeren, zagen zich geconfronteerd met een alomtegenwoordig antisemitisme dat geen boodschap had aan die wens. Herzl beschouwde antisemitisme als een natuurverschijnsel dat niet slechts kwaad in zich droeg, juist omdat het ook aanzette tot een een nationaal joods bewustzijn. Cynisch uitgedrukt: hoe virulenter het antisemitisme, hoe sterker het zionisme.
Deze kritische waarnemingen zijn ontleend aan vier essays van Hannah Arendt, nu in vertaling uitgegeven onder de titel Het zionisme bij nader inzien. De essays zijn geschreven in respectievelijk 1945, 1946, begin mei 1948 en oktober 1948: de eerste drie dus nog voor het uitroepen van de staat Israël en de vierde kort daarna. Maar als je dat niet weet en ook niet weet dat Hannah Arendt in 1975 is overleden, zou je zomaar kunnen denken dat het recent geschreven essay-artikelen zijn. Want veel van wat zij op basis van uiterst scherpzinnige analyses midden jaren 1940 voorspelde, is uitgekomen. Helaas uitgekomen, mogen we wel zeggen.
Het ‘bij nader inzien’ uit de titel slaat ook op haarzelf: na Hitlers machtsgreep in 1933 sloot Arendt zich aan bij de zionistische beweging. Maar omdat ze zich niet kon verenigen met het streven naar een joods-nationalistische staat en bovendien moest concluderen dat dat streven binnen de beweging niet meer ter discussie kon worden worden gesteld, verliet ze die in 1943.
Arendts bezwaren komen heel kort samengevat op het volgende neer. Een joods-nationalistische staat zou een staat worden met joodse eersterangs- en Arabisch-Palestijnse tweederangsburgers, Arendt schroomt niet om te spreken van een joodse Herrenstaat. Omdat daardoor de verhouding met de Palestijnen binnen de Israëlische staatsgrenzen zowel als met Arabische Umwelt permanent op scherp zal staan, zal er een sterke politieke neiging zijn om Arabisch-Palestijnse inwoners te verdrijven van Israëlisch grondgebied, desnoods met geweld. Een neiging nog eens gevoed door de toestroom van joden uit met name Europa voor wie ruimte gemaakt moet worden. Bovendien zal het daardoor een staat zijn die voor zijn voortbestaan in verregaande mate afhankelijk wordt van de steun van een van de mondiale grootmachten en zo dus ook een speelbal wordt bij hun onderlinge conflicten. Bedenk nog eens dat Arendt de essays waarin ze deze kritische stellingname uitwerkte nog voor de stichting van de staat Israël schreef. Was het zo voorspelbaar wat er zou gebeuren?
Natuurlijk legt Arendt ook uit wat volgens haar noodzakelijk was om te vermijden wat toen nog toekomst was. Vreedzame co-existentie zou alleen mogelijk zijn als van het streven naar een joods-nationale en -nationalistische staat werd afgestapt en werd gekozen voor een federatieve structuur: een federale staat van deelstaten, alle met een bevolking van gelijkberechtigde Arabisch-Palestijnse en joodse burgers. Per slot van rekening zou immers gezocht moeten worden naar een modus die het vreedzaam samenleven van zeer diverse bevolkingsgroepen mogelijk moest maken. Palestina was nu eenmaal niet leeg. Daar een staat stichten betekende een staatsvorm kiezen die aanvaardbaar was voor alle bewoners van het gebied.
Arendt wijdt in alle essays veel woorden aan het maar niet van de grond komen van een debat over een andere aanpak dan een joods-nationale. Een kwestie die ze verbindt aan haar kritiek op het idee dat antisemitisme – in de zin van haat tegen een minderheid – een verschijnsel is dat onverbrekelijk verbonden is met gemeenschapsgevoel en sterker wordt als gemeenschapsgevoel een nationaal karakter ontwikkelt.
Scherpzinnigheid, een heldere stijl, geen blad voor de mond kenmerken deze essays, die gisteren en niet driekwart eeuw geleden geschreven lijken.
Hans van der Heijde
Hannah Arendt – Het zionisme bij nader inzien. Vertaling, annotatie en inleiding: Hella Rottenberg. Jurgen Maas, Amsterdam. 200 blz. € 22,90.
