Volhouden

Hans Vervoort (1939) staat al meer dan dertig jaar bekend als een begenadigd verteller. Vorig jaar verscheen een roman die dat weer bevestigt: Zo tedere schade… De titel is ontleend aan een gedicht van Werumeus Buning:

Zo tedere schade als de bloemen vrezen
Van zachte regen in de maand van mei,
Zo koel en teder heeft uw sterven mij
Schade gedaan die nimmer zal genezen.

De ik-figuur, Hans Heijmenberg, rouwt om zijn vrouw, die gestorven is aan longkanker na een gelukkig huwelijk van 54 jaar. Zij rookte niet, maar hij heeft haar lange tijd laten meeroken in huis en dat verwijt hij zichzelf. In feite zadelde de oncoloog hem op met dat schuldgevoel. Hij wil nu zelf dood, maar is niet flink genoeg voor acute zelfmoord en besluit daarom zich dood te drinken.

Zijn vrouw heeft dat voorzien en hem voor haar dood een opdracht gegeven: hij moet een moord van zestig jaar eerder oplossen. Men heeft het geraamte van een vrouw gevonden. Het vinden van een dader lijkt een onmogelijke taak en hij heeft er ook geen zin in, maar met hulp van zijn zoon en een oud-collega komt hij toch langzaam in actie. De lezer vraagt zich af hoe de opdracht uitgevoerd kan worden. Hij zoekt contact met een rechercheur, maar die geeft hem weinig hoop, al krijgt hij uiteindelijk wel steun bij de afronding.

Het begint met een verhaal dat hij ooit heeft geschreven over zijn diensttijd. Hij was van 59-2 en werd uitgekozen voor de officiersopleiding, maar daar voelde hij niets voor. Zo kwam hij als soldaat terecht in Huis ter Heide bij Soesterberg. Hij werd hulpfoerier, een betrekkelijk rustig baantje. In die tijd sliepen ze nog op strozakken. De beschrijving van de diensttijd is goed herkenbaar voor lezers van ongeveer dezelfde leeftijd. Jongere lezers zullen het misschien lezen als een historische roman. In de schaarse vrije tijd gingen de soldaten naar een danstent, waar ook Amerikaanse vliegers kwamen. Op wacht zag Hans een dronken vlieger voorbijkomen, gesteund door een mooie jonge vrouw. Hij krijgt het idee dat zij de vermoorde vrouw is en dan begint een zoektocht naar meer gegevens. Hij bezoekt de nog levende kameraden van vroeger, vindt uiteindelijk haar naam en zoekt dan verder op Google naar nieuwe gegevens. Het is verbazingwekkend hoe ver je daar mee kan komen. Dat leidt tot een spannende en verrassende ontknoping, die hier niet verklapt mag worden, hoewel ik me afvraag hoeveel leesplezier je daarmee wordt afgenomen. Het gaat immers om de manier van vertellen!

Van belang is ook de voorgeschiedenis. Hans is geboren in Makassar en speelde daar als kind van acht met Lisa, een Indisch meisje. Later ontmoet hij haar toevallig in Amsterdam als Melissa en al gauw worden zij een stel. Daarvóór heeft hij een ongelukkige puberteit in Holland. Hij vertelt hoe hij met een Solex vlucht naar het buitenland, maar strandt in de heuvels van Noord-Frankrijk en terecht komt in Engeland, maar dat is ook geen succes. Terug in Nederland gaat hij werken bij een marktonderzoekbureau, net als de auteur, die de lezer laat genieten van zijn nuchtere observaties en opmerkingen.

Dit alles wordt vlot en zonder omhaal verteld, met een lichte humor, terwijl de situatie van de ik-figuur toch heel somber is. Hoewel hij dus aarzelend begint, houdt hij vol. Hij bijt zich vast in de opdracht en voert de lezer mee in zijn zoektocht op zo’n wijze dat deze het boek moeilijk kan wegleggen.

Remco Ekkers

Hans Vervoort – Zo tedere schade…. Brooklyn, Leiden. 158 blz. € 17,50.