Een interview met de Vlaamse auteur Gaea Schoeters (voorheen schrijvend als Pia Fraus) in de Volkskrant afgelopen week. Schoeters houdt daarin een pleidooi voor de kracht van fictie:

Ik denk dat fictie een soort safespace kan zijn, waarin we makkelijker met elkaar over onderwerpen kunnen praten die anders te gevoelig of kwetsend zijn. Omdat we het over personages hebben, en niet rechtstreeks over de realiteit, zoals bij autofictie of non-fictie.

Schoeters geeft als voorbeeld haar roman Trofee, waarin een witte man naar Afrika trekt om een neushoorn te schieten. Volgens Schoeters is het in een (niet-autobiografische) roman bij uitstek mogelijk om diep op de hoofdfiguur in te gaan zonder de persoon van de schrijver aan te vallen, en zorgt fictie ervoor dat je een emotionele band met de hoofdpersoon aangaat ‘waardoor je het niet zo makkelijk van je af kunt duwen als iets dat “lang geleden” of “van de anderen” is’.

In de lage landen en Duitsland was Trofee een groot succes. In het Engels is het boek nog niet uitgegeven. Schoeters geeft daar een opmerkelijke verklaring voor.

Er ligt al drie jaar een Engelse vertaling, maar geen enkele Engelse of Angelsaksische uitgever durft die uit te geven. Allemaal zeggen ze: we vinden het een fantastisch boek, maar op dit moment kan het niet: it’s a cancel novel.

Schoeters plaatst daar meteen een kanttekening bij:

Overigens krijg ik vanuit Namibië en Zuid-Afrika best veel reacties van mensen die het boek in het Duits of Frans hebben gelezen, en die reageren heel anders. Zij zeggen: we zijn helemaal niet gechoqueerd, want de realiteit is eigenlijk nog veel erger. Witte mensen schieten nu eenmaal ’ns op zwarte mensen. Dat is gewoon zo.

Lees het hele interview hier. Het screenshot komt uit dit filmpje van Charlie.