Recensie: Caroline Bernard – De vrouw van Montparnasse, Simone de Beauvoir en haar zoektocht naar liefde en waarheid
Vrijheid
In dit gefictionaliseerde schrijversportret volgt Caroline Bernard (pseudoniem van literatuurwetenschapper Tania Schlie) het leven van Simone de Beauvoir, van haar zestiende levensjaar, in 1924, tot het succes van haar roman De tweede sekse in 1949.
Het boek begint met de worsteling van een eigenwijze Simone die niet voldoet aan de verwachtingen van haar vader. Hij vindt dat ze zich onaantrekkelijk kleedt en te veel met haar neus in de boeken zit, zo zal ze nooit een geschikte man voor het huwelijk ontmoeten. Daar is ze zelf helemaal niet mee bezig, haar dagen brengt ze het liefst door in de Bibliothèque Nationale. Hoewel het voor vrouwen nog vrij uitzonderlijk is om te studeren, kan ze zich inschrijven aan de Sorbonne en rondt ze uiteindelijk een lerarenopleiding af aan een gerenommeerde school, waar ze Sartre ontmoet. Op haar 21e staat ze voor het eerst voor de klas als docente filosofie.
De rode draad in haar leven is de drang naar vrijheid: keuzes over haar toekomst wil ze zelf maken en zich niet laten opleggen. Het bestaan is voor haar een aaneenschakeling van ontmoetingen, intieme relaties, contemplatieve bergwandelingen en pogingen haar ideeën op papier te zetten in de vorm van een roman. Wat ze als jonge vrouw mist, is een rolmodel. Ze besluit dat ze dan zelf een rolmodel zal zijn voor al die vrouwen die niet uit gewoonte de door de maatschappij opgelegde weg richting het huwelijk willen volgen.
In het begin beschrijft Bernard wat meer de buitenkant van het volwassen worden: de gebeurtenissen en ontmoetingen in Simones leven. Logisch misschien, want haar ideeën moeten nog ontwikkeld worden en vorm krijgen, en dat gebeurt vooral later, in de gesprekken met Sartre. Toch hadden haar twijfels en controversiële ideeën die ze als jonge studente had, wat meer uitgediept kunnen worden. Later in het boek wordt daar meer aandacht aan besteed, al is het mondjesmaat. Caroline Bernard maakt vooral duidelijk hoezeer de filosofe zich een pad baant door het leven dat door burgerlijke mores wordt bepaald. Dat ze niet wil trouwen en zelfs relaties met vrouwen heeft, wordt haar, buiten het artistieke milieu waarin ze verkeert, niet in dank afgenomen. Ook de moeder van haar beste vriendin houdt Simone het liefst bij haar dochter weg.
Het contact met Sartre blijft, ondanks hun andere relaties en de periodes dat ze door hun werk op verschillende plekken in Frankrijk terechtkomen, de stabiele factor. Mooi zijn de citaten uit hun correspondentie, waaruit een onvoorwaardelijke wederzijdse liefde blijkt – en die veel meer is dan dat. Op intellectueel niveau zijn ze met elkaar verbonden en niemand zal er ooit in slagen zo’n diep innerlijk contact met een van beiden te hebben.
Als ze weer eens op pad is, schrijft Sartre haar: ‘Vreemde kleine globetrotter! Ik zou u op dit moment bij me hebben, vervuld van uw fijne glimlach, als u niet die vreemde manie had om kilometers af te leggen. Waar begeeft u zich in godsnaam?’ Hoewel ze elkaar kunnen vinden in hun ideeën en de filosofen die ze lezen, onderscheidt Simone zich door haar verlangen om steeds weer te gaan wandelen, alleen of met haar minnaar Bost.
Ze vraagt het uiterste van zichzelf, niet alleen tijdens het wandelen, maar ook thuis. Ze houdt er een strak schema op na wat betreft lezen, lesgeven en schrijven. Daaruit blijkt hetzelfde doorzettingsvermogen dat ze laat blijken in haar keuze om niet te trouwen maar een eigen ‘kleine familie’ te stichten, die bestaat uit twee of drie geliefden met wie ze soms samenwoont. Ook zet ze door in de wens een roman te schrijven en te publiceren. Zij helpt Sartre en leest en corrigeert zijn manuscript dat in 1938 uitmondt in de publicatie van zijn roman De walging. Hij is op zijn beurt een klankbord voor haar als ze aan het schrijven is, en al moet ze aardig wat afwijzingen doorstaan, uiteindelijk lukt het haar ook een roman te publiceren: Uitgenodigd verschijnt in 1943, gebaseerd op haar driehoeksverhouding met Sartre en de Russische studente Olga.
Ze zijn het niet eens over het begrip vrijheid, dat volgens Sartre zelfs in oorlogstijd geheel nagestreefd kan worden. Iedereen is altijd vrij in het maken van keuzes, De Beauvoir heeft daar een ander idee over.
Als ik meedogenloos mijn eigen vrijheid nastreef, stel ik grenzen aan de vrijheid van anderen. Dat maakt mij dan weer onvrij.
Caroline Bernard is erin geslaagd om de zoektocht weer te geven van Simone de Beauvoir naar wat liefde en waarheid voor haar inhielden en hoe ze zich tijdens haar leven tegen wil en dank als rolmodel heeft opgeworpen, vooral door zichzelf niet te verloochenen. Hopelijk is ze nog steeds een rolmodel en nodigt dit boek uit om haar romans te (her)lezen.
Arjen van Meijgaard
Caroline Bernard – De vrouw van Montparnasse – Simone de Beauvoir en haar zoektocht naar liefde en waarheid. Vertaald door Jacqueline Smit. Orlando, Amsterdam. 286 blz. € 24,99.
(foto: Suicasmo, zicht vanaf Tour Montparnasse van Parijs, via Wikimedia, CC BY-SA 4.0)
