Recensie: Richard Flanagan – Vraag 7
Het leven is niet te vatten in statistiek
In 2024 won de Australische auteur Richard Flanagan voor Vraag 7 de Bailly Gifford-prijs voor non-fictie. Wat eigenlijk een beetje vreemd is omdat het boek bestaat uit een mengeling van memoires, essay, geschiedenis en fictie. Omdat Flanagan ook de Man Booker Prize won voor De smalle weg naar het verre noorden wordt zelden nagelaten te vermelden dat Flanagan de enige auteur is die zowel de belangrijkste Britse fictie- als non-fictieprijs won.
Richard Flanagan vertelt in Vraag 7 een aantal verhalen die al snel raakvlakken met elkaar blijken te hebben en onlosmakelijk als een kettingreactie elkaar opvolgen. Zijn vader was tijdens de Tweede Wereldoorlog krijgsgevangene in een Japans interneringskamp waar hij als slavenarbeider in een kolenmijn had gewerkt. Zijn overleving heeft hij door een cynische wending van de geschiedenis te danken aan het droppen van de atoombom op Hiroshima. Mochten de geallieerden Japan zijn binnengevallen zouden alle krijgsgevangenen immers als wapenschild hebben gediend of zijn vermoord. Dan zou zijn vader nooit zijn teruggekomen naar Australië, Richard Flanagan niet hebben bestaan en Vraag 7 niet zijn geschreven.
De ontwikkeling van de atoombom is een tweede verhaallijn in de roman. Flanagan focust op Leo Szilard, de Hongaars-Amerikaanse wetenschapper die door de ontdekking van de nucleaire kettingreactie een belangrijk inzicht had ontwikkeld dat nodig was om een atoombom te maken. Omdat hij dacht dat de nazi’s bezig waren met een kernontwikkelingsprogramma vond hij het belangrijk dat ook de VS een gelijkaardig programma ontwikkelden. Daarvoor schreef hij een brief aan president Roosevelt die mee werd ondertekend door Albert Einstein. Het was het begin van het Manhattanproject. Maar hij was ook de man die inzag welke catastrofale gevolgen zo’n bom voor de mensheid kon betekenen. Zijn ethische bezwaren konden niet verhinderen dat de atoombom werd gebruikt. En gek genoeg waren het de fantastische romans van H.G. Wells die Szilard cruciale inzichten bezorgden. In The World Set Free heeft Wells het over ‘een nieuw wapen van een tot dusver onvoorstelbare kracht’ dat hij atoombom noemde. Wat Flanagan doet uitweiden over Wells en zijn relatie met Rebecca West. Daarnaast graaft de auteur, zoals in meerdere van zijn romans, in zijn familiegeschiedenis en verbindt dat aan de genocide op de oorspronkelijke inwoners van Tasmanië. Flanagan groeide op in een afgelegen gebied van Tasmanië. Hij vertelt met liefde over zijn familie. Aan het einde van de roman blikt hij terug op zijn bijna fatale ongeluk tijdens het kajakken op de Franklin River – het onderwerp van zijn debuutroman Death of a River Guide.
Richard Flanagan springt op de kar van de populaire mengeling van diverse stijlen. De laatste jaren zijn de boeken nauwelijks bij te houden waarin autofictie en essay met elkaar worden verbonden. Maar Flanagans stilistisch vermogen, zijn gebruik van terugkerende thema’s en de originele structuur waarin de verhalen gevat zitten, zorgen ervoor dat Vraag 7 een van de betere boeken in het genre is. Moeiteloos zorgt hij ervoor dat individuele verhalen opgenomen worden in een grotere geschiedenis en de wijze waarop hij fictie laat overgaan in non-fictie is briljant. De auteur baseert zich op historische werken maar verzint dan wel weer hele gesprekken tussen personages. Hij lijkt te doceren over de ontwikkeling van kernwapens maar laat ook schijnbaar moeiteloos zien hoe individuele levens worden verwoest. En dat alles doet hij in een heldere, trefzekere en dikwijls erg elegante taal. Flanagan schrijft aangrijpend en genuanceerd over de allerbelangrijkste onderwerpen: goed en kwaad, leven en dood. Vraag 7 barst bovendien van de thema’s en ethische dilemma’s. Flanagan schrijft over het herinneren en het vergeten, over het verleden en de toekomst, over realiteit en droom, spijt en schaamte.
De titel is gebaseerd op een tekst van Tsjechov die het failliet van een calculerende moraal aantoont. De waanzin van een atoombom of om het even welke gruweldaad kan niet worden gemeten of in statistiek worden gevat. Het vergelijken van het aantal doden is absurd. Ruimer gezien kan een doorgedraaide rationaliteit de betekenis van het leven niet vatten. Het verhaal is te mooi om niet te citeren:
Op woensdag 17 juni 1881 moet een trein om drie uur ’s middags van station A vertrekken om om elf uur ’s avonds op station B aan te komen, maar net toen de trein op het punt stond om te vertrekken, kwam er het bevel dat de trein om zeven uur ’s avonds op station B moest aankomen. Wie heeft langer lief, een man of een vrouw?
Flanagan heeft al enkele topboeken geschreven. Het boek van Gould is een originele postmoderne en maffe roman over een gevangene die een straf uitzit voor een moord die hij niet heeft begaan. De smalle weg naar het verre noorden is een adembenemende roman over de gruwelen van de oorlog maar ook over de liefde. Vraag 7 is opnieuw erg verschillend van vorig werk maar behoort tot het allerbeste dat Flanagan heeft geschreven. Het is een erg boeiend en interessant boek, prachtig geschreven en gevat in een originele structuur. Vraag 7 is een mooie mengeling van verhalen over belangrijke vragen.
Kris Velter
Richard Flanagan – Vraag 7. Vertaald door Thijs van Nimwegen. Koppernik, Amsterdam. 248 blz. € 24,50.
