Recensie: Anna Enquist – Het einde van Erna Ankersmit
Een slotakkoord van hoop
‘What cannot be avoided, must be welcomed’ is het motto van William Boyd in de nieuwe roman Het einde van Erna Ankersmit van Anna Enquist. Het boek lag al een poos op mijn tafel. De titel weerhield me ervan meteen te beginnen, terwijl ik juist erg van Enquists werk houd, van haar romans, maar ook van haar korte verhalen en poëzie. Contrapunt, Daer een seigneur zijn handen wast en Berichten van het front zijn mijn favorieten: glashelder en tegelijkertijd van een verraderlijke diepte in hoe zij alle facetten van verlies benadert. De naam Erna Ankersmit klinkt als een slotakkoord op Anna Enquist en als ik als lezer dan haar einde nader, doe ik toch liever nog een stapje terug. Echter, het motto trok me over de streep.
De beschrijving van de woekerende voortuin op de eerste bladzijde, met hazelaar, klimop en berk, kun je een klassieke ‘Natureingang’ noemen. De tuin zegt alles over de bewoonster. In het eerste hoofdstuk ontmoeten de oudere dame Erna Ankersmit en de jonge thuiszorgmedewerker Vronie Berkhof elkaar voor het eerst. Terwijl Erna helemaal geen thuiszorg verwacht of wenst, raken ze toch met elkaar in gesprek. Vronie belooft nog eens terug te komen en houdt woord. Erna is duidelijk een alter ego van Enquist:
Er zijn jaren geweest dat Erna Anker (voor het schrijven had ze ‘smit’ maar weggelaten, twee keer twee lettergrepen is echt beter) langdurig in de top 60 stond. Dat ze in programma’s op radio en televisie uitgebreid werd ondervraagd over het laatste boek, over het volgende. Nu zijn er bijna geen literatuurprogramma’s meer. Haar productie is ook stil komen te staan, dat is misschien nog pijnlijker.
Daarna gaat het nog even verder over de ontlezing van tegenwoordig, over het gebrek aan opdrachten en het opdrogen van royalty’s, en dat is toch een beetje waarom ik niet durfde te beginnen: geen getuige willen zijn van de ontluistering van een kunstenaar die net iets te lang doorgaat met publiceren. Ironisch genoeg is dat ook precies waar Erna over piekert: dat niemand nog zit te wachten op haar boeken. Misschien dat je juist daarom toch verder wil lezen en dat blijkt een goede keuze.
Gelukkig is niet alle schittering verloren gegaan. Er ontstaat een bijzondere vriendschap tussen Vronie en Erna, die Enquist als vanouds een mooie gelaagdheid weet te geven, in dit geval door de wandeltocht die zij in Engeland gaan maken langs de oude muur van Hadrianus. De combinatie van ‘anker’ en ‘smit’ krijgt in de vriendschap een symbolische betekenis. Door hun ‘samensmeden’ ontstaat er hoop. Ook is ankeren een begrip uit de psychologie, waarbij een ongewenste emotionele toestand kan worden omgebogen in een gewenste. Zeker aan het eind van de roman neemt die ombuiging bijna magische vormen aan.
Vronies partner Thomas blijkt – wel erg toevallig – vroeger student geweest te zijn bij Jacob, de overleden echtgenoot van Erna. Vlak voor hun vertrek vertelt Thomas aan Vronie dat hij heeft ontdekt dat Jacob vanwege zijn kennis van bijzondere talen spion is geweest, wat een ander licht zou kunnen werpen op zijn mysterieuze dood. Bij de beschrijving van Thomas’ en Jacobs werkzaamheden geeft Enquist een duidelijke sneer richting het vorige kabinet dat flink het mes heeft gezet in studies naar bijzondere talen en culturen, terwijl de kennis daarvan juist in oorlogssituaties, waar datzelfde kabinet zich zo graag op voorbereidt, van levensbelang kan zijn.
Enquist wil misschien iets te veel in deze roman samenbrengen: een tanend schrijverschap, het ouder worden en de gebreken die daarmee gepaard gaan, afhankelijkheid en de angst daarvoor, rouw, verlies, vriendschap, huwelijk, kinderloosheid, ouderschap, opvoeding, ontrouw, spionage, kritiek op de samenleving waarin bezuinigd wordt op talenstudies, de muziekbranche en de zorg, en zo zijn er nog meer thema’s te noemen.
Zoals Erna op het laatst vanwege haar gezondheid steeds meer moet loslaten, terwijl ze toch haar boek wil afronden, lijkt het of ook Enquist niet de tijd heeft genomen om de losse eindjes helemaal uit te werken. Dat maakt het boek op een plezierige manier luchtig, maar soms ook wat onbevredigend. Die leeservaring loopt opvallend parallel met hoe Erna het leven ervaart, en dat is de verdienste van Enquist die door haar natuurlijke manier van vertellen en diep psychologisch inzicht ervoor zorgt dat je als lezer dicht op de huid van de personages zit. Het slot van deze roman is zondermeer verrassend en ontroerend.
Dietske Geerlings
Anna Enquist – Het einde van Erna Ankersmit. Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam, Antwerpen. 224 blz. € 24,99.


Ik heb het boek gelezen. Boeiend en herkenbaar.
Mooi verhaal.