Recensie: Samantha Harvey – Het vormeloze ongemak
Als slapen niet meer lukt
Ze had er wel eens over geschreven, een terloopse opmerking bijna: ‘Die nacht sliep ik onrustig.’ Maar over onrustig slapen wist Samantha Harvey helemaal niets. In Het vormeloze ongemak schrijft ze nu dat ze geschokt is door de leugenachtigheid van die woorden: achter woorden hoeft geen enkele ervaring te liggen. Het is een beetje alsof ‘een witte man de ervaringen van een vrouw uit Bangladesh beschrijft’. ‘Om fictie te schrijven moet je je inlaten met georganiseerd bedrog, het witwassen in het belastingparadijs van de woorden.’
Maar dan wordt Harvey echt getroffen door slapeloosheid. De problemen beginnen met de verhuis naar een woning die aan een drukke straat ligt, waar ze soms vroeg wakker wordt van het verkeer. De slaap wordt onregelmatig. Nog erger wordt het door de boosheid over de Brexit. Al snel heeft Harvey last van insomnia: zowel inslapen als doorslapen worden problematisch. Soms ligt Harvey nachten na elkaar wakker, zwetend, haar hart bonkend, haar brein malend, haar spieren gespannen. Het probleem is dat hoe meer naar de slaap wordt verlangd, hoe minder hij geneigd is te komen. Alles probeert ze om ervan af te komen. Ze gaat naar een therapeute, stopt met koffie en suiker, gebruikt geen schermen voor het slapengaan, gebruikt voedingssupplementen en medicijnen, volgt een cursus mindfullness. Maar niks helpt. Soms staat ze dan maar op en legt een puzzel, leert Frans of speelt patience. Maar volgens sommige specialisten blijf je beter liggen. Ze is de wanhoop nabij. Functioneren wordt erg moeilijk.
Het vormeloze ongemak is niet enkel een verslag van de slapeloosheid maar ook een meditatie over wat Harvey voelt, ervaart en denkt tijdens ‘het jaar zonder slaap’. Dat doet ze door vanuit verschillende perspectieven te schrijven: soms de eerste persoon, soms de derde persoon. Maar ze gebruikt ook verschillende schrijfstijlen: een wetenschappelijk verslag, een dialoog, een verhaal, een vlot geschreven jeugdherinnering, een serieuzere feministische uitweiding. Ze benoemt haar boosheid en eenzaamheid; haar fysieke symptomen als hoofdpijn en verwardheid. Slapen is een basale behoefte en gebrek eraan zorgt voor een diepe angst. Ze denkt meer dan anders aan de dood, zowel concreet door het sterven van geliefden als op een meer abstracte manier. Ze weidt uit over het begrip tijd en over de Pirahá in het Braziliaanse Amazonegebied die geen verleden en toekomstige tijd kennen. Ze vertelt over haar verleden en een vakantie naar Wales. Ze schrijft over religie en wetenschap en over alle onbelangrijke zaken die door haar hoofd schieten tijdens het wakkerliggen. Terecht meewarig schrijft ze over de overbodige zelfvoldane hulp van velen: heb je al lavendel op je hoofdkussen gesprayd? Plots verschijnt ook een verhaal over een man die zijn trouwring verliest tijdens een overval op een geldautomaat. Blijkbaar is haar creativiteit niet opgedroogd.
Het vormeloze ongemak is een boek in de traditie die vandaag misschien al te veel wordt gepubliceerd: een mengeling van fictie, autobiografie en essay. Voor de liefhebber is dat geen probleem. Samantha Harvey – die met In orbit in 2024 de Booker Prize won – schrijft doordacht en verfijnd. Ze weet op een slimme manier poëzie, psychologie en filosofie haar boek binnen te smokkelen zonder zwaar op de hand te worden. Het boek staat vol aforismen en is ondanks het onderwerp soms ongemeen grappig. Harvey schrijft gelukkig geen zelfhulpboek maar toch zullen haar ervaringen voor velen herkenbaar zijn. Het vormeloze ongemak is dan ook een prachtig boek. Maar zij die ondertussen een indigestie hebben gekregen van het genre, lezen misschien beter één van de vijf romans die ze heeft geschreven. Enkel In orbit is naar het Nederlands vertaald. Daar zou verandering in moeten komen.
Kris Velter
Samantha Harvey – Het vormeloze ongemak. Een jaar zonder slaap. Vertaald uit het Engels door Kitty Pouwels. Uitgeverij de Bezige Bij, Amsterdam. 160 blz. € 22,99.

