Recensie: Annett Grösschner – Boeket voor een onbekende
Bloemschikster en kraanmachiniste Hanna Krause
Hanna Krause werd geboren in 1914 en stierf midden jaren 1990. Afgezien van een korte periode in Berlijn in haar jeugd woonde ze al die ruim tachtig jaar van haar leven in Maagdenburg. Ze maakte twee wereldoorlogen, de Weimarrepubliek, de nazidictatuur, ruim veertig jaar DDR en de Duitse eenwording mee, al die tijd met een schamel inkomen worstelend om het hoofd boven water te houden. Hanna Krause is een romanpersonage, maar vele duizenden Duitse vrouwen van haar generatie en sociale klasse konden verhalen als de hare vertellen. Konden, als ze daartoe de gelegenheid hadden gekregen of durfden nemen.
In zekere zin gaf Annett Gröschner (Maagdenburg, 1964), journalist, schrijver en medeoprichter van het feministische tijdschrift Ypsilon, al die vrouwen een stem door Hanna’s levensgeschiedenis weer te geven in de roman Boeket voor een onbekende, uit 2025. Hanna heeft bloemschikken geleerd en heeft lang een winkeltje overeind kunnen houden in Knetterberg, de hoerenbuurt van Maagdenburg, waar ze boeketten verkoopt. De Tweede Wereldoorlog maakt daar een eind aan. En ook aan het leven van twee haar vijf kinderen, van alles wat haar aan ellende overkomt de meest traumatisch. Het hoofdstuk waarin het grote luchtbombardement op Maagdenburg wordt beschreven, dat haar dat trauma bezorgt, behoort tot de indrukwekkendste van deze roman.
Een tweede carrière, als dat woord op zijn plaats is, begint na de Duitse capitulatie, als Hanna als kraanmachinist aan de slag gaat bij de grote ijzergieterij van de stad, die met veel moeite en improvisatie – de Sovjet-Unie heeft alles afgevoerd wat ze kan gebruiken – weer in bedrijf wordt genomen. Om het seksistisch uit te drukken: ze staat haar mannetje, anders dan haar man, die na het verlies van een been bij hetzelfde bedrijf nog slechts in wachthokjes zit. En thuis zijn roes uitslaapt.
Politiek is zo goed als afwezig in Hanna’s bewustzijn. Politici en en politiek deugen niet en dus moet je je daar verre van houden. Dat deed ze tijdens de nazi-jaren en dat doet ze ook in de DDR. Als de arbeidersklasse van de DDR op 17 juni 1953 ook in Maagdenburg in staking gaat en protesterend tegen de SED-regering door de straten trekt, gaat Hanna er heen, wacht tot haar man langs krukt, trekt hem uit de optocht en jaagt hem naar huis: ‘Hebben we nog niet genoeg problemen?’
Dergelijke passages roepen een belangrijke vraag op: waren de grote ideologische en maatschappelijke revoluties – van democratie naar nazidictatuur, van nazidictatuur naar DDR-socialisme en van DDR-socialisme naar liberale democratie – voor vrouwen als Hanna eigenlijk niet amper van belang voor hun dagelijkse bestaan?
Ook de val van de Muur ervaart de inmiddels bejaarde Hanna nauwelijks als belangrijk voor haar leven. Tot een dochter haar meeneemt naar het Mauritshuis in Den Haag – kan dat zomaar? – om het zeventiende-eeuwse stilleven met boeket van Ambrosius Bosschaert in het echt te kunnen zien, het schilderij waarvan een prent haar ooit zo hevig had geïnspireerd toen ze nog bloemen schikte.
Boeket voor een onbekende werd een bestseller in Duitsland. Terecht, denk ik. Grösschner heeft precies de juiste, onopgesmukte toon gevonden om de hardheid weer te geven van Hanna Krauses leven, een vrouwenleven waarin maar zelden wat viel te kiezen. Die toon heeft de vertaler goed weten over te brengen.
Hans van der Heijde
Annett Grösschner – Boeket voor een onbekende. Vertaling Ralph Aarnout. Cossee, Amsterdam. 286 blz. € 24,99.
