Een mens op weg

Verlangen we niet allemaal naar dat verloren paradijs waar we nooit meer naar terug kunnen, dat kind-zijn waarin je alleen maar ‘bent’, zonder overal over na te denken, zonder het gevoel te hebben dat je voortdurend keuzes moet maken, zonder een besef van tijd? In Mensje van Paul Verrept en Janneke Ipenburg volg je Mensje, die op zoek gaat naar dit rijk van vroeger. Het prentenboek is een mythisch verhaal dat alle ruimte biedt voor de verbeelding.

De titel van het boek deed me denken aan de middeleeuwse allegorie Elckerlyc, omdat het verhaal over ieder mens zou kunnen gaan. Je leest over Mensje die eerst het leven neemt zoals het komt: ‘Ze dacht niet aan gisteren en al helemaal niet aan morgen. Ze vergat wat ze gedaan had en vroeg zich nooit af wat er straks zou gebeuren. Want alles was goed. Als het regende, kregen de planten te drinken en kon Mensje zich wassen. Als de zon scheen, openden de bloemen hun kelken en liet Mensje zich naast een vijver drogen.’ Op de prent zie je Mensje in een eenvoudige ruimte bij een tafel zitten, met haar rug naar de deur waarachter je een schim ziet. De klok aan de muur heeft wel wijzers, maar geen cijfers, waardoor de tijd er niet toe lijkt te doen. Het voelt als een eenvoudige, maar toch paradijselijke omgeving.

Maar ineens wordt het voor Mensje vandaag. Als de tijd er niet toe doet, is het altijd vandaag, maar dan denk je er niet over na. Op het moment dat je beseft dat het vandaag is, is er ook het besef van gisteren en morgen. Je voelt hoe niet alleen het besef van tijd Mensjes leven in sijpelt, maar ook allerlei zorgen: ‘Ze voelt zich wat verloren en ze denkt aan alle dagen die voorbij zijn.’ Op de prent zit Mensje op het dak van haar huis. Een ladder staat er scheef tegenaan. Achter haar is de lucht en ruimte zwart, voor haar is het licht. De schim staat beneden naast het huis. Doordat Mensje afgebeeld is op het dak van haar huis, word je uitgenodigd daar betekenis aan te geven. Gevoelsmatig klopt het dat je bij piekeren naar boven klimt in jezelf, in je hoofd namelijk. De schim, datgene waar je geen vat op krijgt, zit meer beneden. Het is of Mensje plotseling uit het paradijs gekukeld is en ineens met zichzelf zit opgescheept.

Mensje neemt een besluit: ze wil naar toen. Ze vraagt aan Konijn of ze mee gaat, maar Konijn wil maar een klein stukje. Mensje gaat wel alleen: ‘Wat weten anderen ook van mijn vroeger…’ Het is een mooi besef dat eenieder zijn eigen verleden heeft en het daarmee moet doen. Op de prent ga je algauw op zoek naar een konijn, maar je ziet een meisje op stelten met konijnenoren. Achter het meisje zie je een menselijke figuur met benen, maar ook met vleugels. Dat is verrassend en vervreemdend. In prentenboeken zie je vaak dieren die menselijke eigenschappen hebben. Hier heet het meisje wel Konijn, maar je vraagt je af waarom. Misschien is het een verwijzing naar Alice in Wonderland, waar Alice aan het begin in haar nieuwe wereld ook een konijn tegenkomt. Je verwacht door die verwijzing dat je in een wonderlijke wereld terecht zult komen.

Mensje loopt verder en verder weg. Op de prent zie je het figuurtje met vleugels achter haar aan. Ze belandt op een dichtbegroeide plek waar een gier zit. De wat naargeestige aaseter doet aan de dood denken. Op een volgende prent zie je het eenzame figuurtje van Mensje over een luchtbrug lopen. De prenten zijn weinig ingevuld en vervreemdend, roepen vragen op, waardoor je eigen verbeelding vanzelf aan het werk gaat. Je belandt steeds in een andere sfeer. Ieder mens, klein of groot zal die weer op een andere manier beleven, omdat de verbeelding je brengt bij stukjes van je eigen geschiedenis of herinneringen. Als ze bij het water uitkomt en dan bij een engelachtige figuur in een bootje stapt, zullen volwassenen algauw denken aan de Styx, de rivier die naar het dodenrijk vaart.

Waar gaat Mensje heen? Gaat ze naar de mensen uit haar verleden die ze verloren is? Gaat ze naar haar vroegere zelf op reis? Het prachtige verhaal van Paul Verrept en de rijke illustraties van Janneke Ipenburg nodigen uit om je te laten meevoeren door het verhaal, maar daarin vooral ook zelf op onderzoek uit te gaan naar wie je was, wie je wilt zijn, wie je bent.

Dietske Geerlings

Paul Verrept en Janneke Ipenburg – Mensje. Uitgeverij De Eenhoorn, Eke. 48 blz. € 19,95.