Recensie: Connie Palmen – Johnnie Walker
Me Tarzan
‘Dochters liegen beter over hun geluk dan zonen,’ schrijft Connie Palmen aan het begin van Johnnie Walker. ‘Roman’ staat er op het omslag, maar ‘essay’ had evengoed gekund. Palmen beschouwt een roman ook als een autobiografie en zocht ‘een literaire manier om het evenzo bedrieglijke genre van de memoir te ontruimen’. Johnnie Walker is rijk aan thema’s, bijvoorbeeld: de band tussen dochter en moeder, de neiging tot zelfdestructie door drank, de innerlijke wil om schrijver te worden.
Onder al die thema’s komt één vraag steeds terug: waarom nemen mensen soms een niet doordachte afslag in hun leven. Palmen haalt de schrijver Truman Capote aan, meester van het genre true crime, die zich vereenzelvigde met een moordenaar en zich de vraag stelt hoe het komt dat je in hetzelfde huis lijkt op te groeien, maar dat de één door de achterdeur naar buiten gaat en hij door de voordeur. Diezelfde vraag boeit Palmen ook. In haar jeugd raakt ze in de ban van journaliste Ulrike Meinhof die zich aansluit bij de terrorist Andreas Baader en haar twee opgroeiende kinderen in de steek laat. Een huisvriend van het gezin Palmen is familie van Meinhof. Er wordt gefluisterd dat hij bij de geheime dienst werkt. In ieder geval weet hij meer over Meinhof dan anderen, maar ook hij blijft met lege handen staan als hij wil begrijpen waarom zij die radicale beslissing heeft genomen in haar leven.
De romanvorm zorgt ervoor dat Palmen verschillende verhalen naast elkaar kan vertellen die elkaar raken en die niet helemaal waar hoeven te zijn, zolang ze maar waarachtig zijn. Zo gaat ze in 1973, opgroeiend in Limburg, met haar Vespa naar de overkant van de Maas om daar in het café De Vriendschap kennis te maken met haar ‘liefste vijand’: Johnnie Walker. Een scène die zwanger is van betekenis, niet alleen omdat het café de naam draagt van één van haar romans, maar ook omdat het oversteken van een rivier de symbolische betekenis kan hebben dat je een leven achter je laat. Pas veertig jaar later, als ze in de ambulance haar moeder begeleidt, neemt ze afscheid van de drank.
Johnnie Walker is gelukkig geen relaas over een drankverslaving, maar meer een onderzoek naar levensbepalende keuzes die een mens maakt. Daarbij valt op hoe liefdevol Palmen over haar familie schrijft, de constructie waar je van nature bij hoort. ‘Me Tarzan,’ schrijft ze over haar rol in dat gezin. Een rol die ze bleef spelen, maar die ze pas achteraf kan duiden. Een fascinerend boek dat je aan het denken zet over je eigen leven.
Coen Peppelenbos
Connie Palmen – Johnnie Walker Prometheus, Amsterdam. 228 blz. € 23,99.
Deze recensie verscheen eerder in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 5 september 2026.
(foto: Instagrampagina uitgeverij Prometheus)
