Vaders en zonen | Vaders met het ego op pauze

Waarom haalde ik Vaders en zonen ook alweer uit de kast?
Niet alleen omdat het een verrukkelijk boek is: twee eeuwen oud en het leest nog steeds als een trein. Evenmin ging het me om de politieke-maatschappelijke achtergrond van het boek. Ik vind die fascinerend, maar we mogen er gevoeglijk van uitgaan dat die historische context niet top of mind is bij de 21ste-eeuwse lezer. Die is eerder op zoek naar tijdloze wijsheden over de spanning tussen twee generaties, meer specifiek tussen vaders en zonen.
Ontdoe Toergenjevs personages van alle plaats- en tijdsgebonden elementen. Wat hou je over? Mensen die je kent van op straat of op het werk, of omdat je met hen een huis deelt.
Jonge mannen laten zich in 2026 nog altijd begeesteren door grootse theorieën en idealen. Ze snakken nog altijd naar verandering, liefst van alles tegelijk en liefst door eerst een hoop dingen aan barrels te gooien. Ze zijn ook nog altijd niet dol op nuance, of bereid om hun overtuigingen kritisch tegen het licht te houden.

Het hart dat klopt onder het verhaal
En de vaders van die zonen? Als die het verstand hebben van Arkadi’s vader, dan proberen ze nog altijd eerst en vooral om hun zonen te begrijpen. Om te weerstaan aan de verleiding om zich op te winden, om een grove belediging of echt grievende sneer met gepaste munt te betalen. Om te blijven incasseren. Om van hun zoon te blijven houden.
We raken hier aan iets… cruciaals. Alsof we, rondtastend in het donker van Toergenjevs ambivalentie, plots een vinger gelegd hebben op de halsslagader van het boek. We voelen de hitte van het bloed in die ader. En in dat bloed… het kloppen van het hart.
De zonen in dit boek sturen aan op confrontatie, maar de vaders gaan niet op de uitdaging in. Zo komt het natuurlijk nooit tot een echte botsing? Waar zit dan eigenlijk het conflict dat de titel ons beloofde?
De grote vijand in Vaders en zonen is het leven. De mens is kwetsbaar. Het leven trekt zich niets aan van getheoretiseer, meningen en overtuigingen: het werkt volgens veel brutere, veel banalere wetten. Wie niet eet, gaat dood: zo simpel is dat.
De praktische noden van het leven dwingen Arkadi om het pad van zijn vader te volgen. En de onverschilligheid van het leven kost Bazarov zijn leven. Zo gaan die dingen, lijkt Toergenjev te zeggen. Dat is gewoon (met de titel van een boek dat ik later bespreek) de helaasheid der dingen.
Toergenjev portretteert de vaders in Vaders en zonen nadrukkelijk niet als tegenstanders. Als ze op hun zonen inpraten, dan is vanuit de drang om hen te beschermen. Ze proberen de scherpste kantjes van hun overtuigingen af te slijpen, omdat ze weten dat hun zonen zelf de eerste slachtoffers van die uitsteeksels zullen zijn.

De man zoals u hem zelden ziet: zorgzaam
Hoeveel ruimte Bazarov in dit boek ook inneemt, de hoofdpersoon is hij niet. Die troon is gereserveerd voor de vaders. Toergenjev zingt de lof van vaders die het geduld opbrengen om de Sturm und Drang van hun zonen te tolereren. Die niet ingaan op provocaties. Die zich niet door een gekwetst ego laten verleiden tot een tegenaanval. Dit iets tonen wat zelden met mannen geassocieerd wordt: zorgzaamheid. Toergenjevs vader geven voorrang aan het verlangen om hun zonen te beschermen. Tegen het leven, maar vooral tegen zichzelf.
Ik zei het aan het begin al: de titel van dit boek is niet Vaders tegen zonen. De ‘en’ vestigt juist de aandacht op hun verbondenheid.
Zeker, we kunnen betreuren dat Arkadi zijn idealen laat varen en zich schikt in wat het leven hem te bieden heeft. Evengoed kun je zeggen dat Arkadi’s vader zijn zoon naar een veilige haven geloodst heeft. Het had heel anders kunnen aflopen. Het leven is een enorm wild beest dat de mens kan vertrappen zonder het zelf in de gaten te hebben of om zijn slachtoffers te malen – zoals de arme Bazarov mocht ondervinden.

Volgende aflevering:
De les van Toergenjev
(Vaders en zonen, Ivan Toergenjev, 5/5)