Held in hoofdstukken: 52 Édouard Louis – Ze hebben mijn vader vermoord | Dimitri Verhulst en Édouard Louis: zo dichtbij, zo veraf
Ze hebben mijn vader vermoord | Dimitri Verhulst en Édouard Louis: zo dichtbij, zo veraf
Qui a tué mon père bestrijkt hetzelfde terrein als De helaasheid der dingen. Ga maar na: een jeugd aan de onderkant van de samenleving, arme mensen die niet eens proberen om zich uit de ellende c.q. misère te worstelen, en dat alles verteld door een zoon die wel ontsnapt is.
Maar Édouard Louis en Dimitri Verhulst zijn heel andere schrijvers. Zoals ik al opmerkte in de afleveringen over De helaasheid der dingen, schreef Verhulst een ontzettend Vlaamse roman. Vlaams, daarmee bedoelde ik onder andere dat de werkelijkheid wordt bedolven onder kolder. De dingen die je hart onherstelbaar kunnen doen breken worden weggelachen, overstemd door een bulderlach met een hoog promille. Ik zie daar een strategie in om de lezer niet te overweldigen met al die bikkelharde feiten – en een heel Vlaamse strategie.
Louis heeft een totaal andere, heel Franse strategie om de harde feiten verteerbaar te houden: ‘intellectualisatie’. Hij tilt het verhaal van zijn familie naar het niveau van de sociologie en de politiek. Zijn boeken kunnen heel persoonlijk en direct zijn, maar ruim voordat de boel afglijdt naar het niveau van de tearjerker dwingt Louis de lezer om zich boven de feiten te verheffen.
Ja, heel Frans, deze hoogdravendheid, deze neiging om een literair werk te presenteren als een paper of een traktaat. Je ziet het zelfs in de titel van Louis’ vijfde roman: Changer: methode. Klinkt als een loodzwaar filosofisch werk.
C’est la vie vs. Barbertje moet hangen
Als mens lijken Verhulst en Louis op elkaar (zelfde achtergrond, zelfde getroebleerde familiebanden), maar hun boeken zijn onvergelijkbaar. En één verschil mag hier niet onbesproken blijven: strijdbaarheid.
Ik schreef eerder al dat Dimitri Verhulst zich in zijn bekendste boek heel mild opstelt. Als die roman één levensles bevat, dan is het dat we de wereld moeten aanvaarden zoals die is. Onrechtvaardigheid bestaat. Shit happens. Mensen maken fouten. Niemand heeft het recht om anderen voor die fouten te veroordelen, want we zitten allemaal vast in de onvolmaaktheid van het leven. In de ‘helaasheid’.
Édouard Louis laat geen ruimte voor ‘helaasheid’. Hij weigert zich bij de feiten neer te leggen en schrijft altijd met een doel voor ogen: verandering afdwingen. In Qui a tué mon père analyseert hij eerst de maatschappelijke mechanismen die zijn familie vermalen hebben. Daarna gaat hij op zoek naar een schuldige. Shit happens niet zomaar, zegt hij eigenlijk: er is altijd iemand die de rotzooi in gang heeft gezet. Barbertje moet hangen.
Kort gezegd gelooft Louis dat Frankrijk openlijk neerkijkt op de arbeidersklasse, dat die zich daardoor opsluit in een defensieve vorm van trots, onder andere bestaand uit ideeën over mannelijkheid waarmee ze zichzelf gevangenhouden in de armoede.
Louis’ boek eindigt met furieuze uithalen naar Nicolas Sarkozy en andere politici. Misschien dienen die een kleiner, intiemer doel: ze maken het voor de zoon mogelijk om zich eindelijk aan de kant van zijn vader te scharen. Er is immers een gemeenschappelijke vijand opgedoken: de politici die beloven om luie werklozen een schop onder hun kont te geven en daarmee de uitkering van vader Louis in gevaar brengen. Voor die mannen in maatpak is dat gewoon strategie, schrijft Louis, maar níet voor zijn vader: ‘…pour toi la politique était une question de vie ou de mort.’
Wat voor een politicus een strategie is om naar de top te praten, is voor vader Louis het verschil tussen draaglijke armoede en niet te overziene miserie. De laatste zin van het boek is een regelrechte call to arms: ‘je crois qu’il faudrait une bonne révolution.’
Dit alles is Dimitri Verhulst totaal vreemd. Net zomin als Louis veroordeelt hij zijn familie, maar hij gaat niet op zoek naar machtshebbers die sociale mobiliteit bemoeilijken. Er zit geen woede in De helaasheid, er wordt tot niets opgeroepen. Édouard Louis wil verandering zien, de verteller van De helaasheid gelooft niet dat het leven tot verandering in staat is.
Twee waardevolle bestemmingen
Ik vind niet dat die berusting van De helaasheid een zwakkere roman maakt. Misschien is het net andersom, en wordt Qui a tué mon père verzwakt door Louis’ engagement: een striemende aanklacht snijdt onvermijdelijk hier en daar een bocht af, en ik vermoed dat veel lezers zullen afknappen op de gaten in Louis’ redenering.
Voor ‘Held in hoofdstukken’ is het vooral belangrijk om te zien dat deze boeken ons naar twee heel verschillende bestemmingen voeren, die allebei uitzicht bieden op waardevolle inzichten.
Dimitri Verhulst vroeg ons om begrip: om te erkennen dat niemand, niet één mens en niet één man, perfect is. Dat we allemaal op onze eigen manier falen. Dat het aanvaarden van de nederlagen die het leven ons toebrengt onderdeel kan zijn van mannelijkheid: we moeten de kracht opbrengen om de klappen te aanvaarden, om verder te leven zonder frustratie, zonder onderdrukte woede die tot gevaarlijke uitbarstingen kan leiden.
Ook Édouard Louis vraagt om begrip, maar enkel op het persoonlijke niveau, niet voor de maatschappelijke context. Begrip herstelt de relatie tussen hem en zijn vader, ondanks jaren stilte, ondanks alle kwetsuren, de pijn en de wrok. Louis suggereert dat we die wrok tot iets constructiefs kunnen omvormen: energie om actie te ondernemen, om verandering te forceren. Wat voor zin heeft om kwaad te blijven op de vader die je afwees, als je ook de samenleving kunt aanpakken die de man zo gemaakt heeft?
Ook dat vind ik een waardevolle les. Er is online zoveel “advies” over mannelijkheid te vinden, maar onveranderlijk wordt alle druk op het individu gelegd. Altijd ben jij het die moet veranderen, altijd moet je druk op jezelf zetten, altijd blijven we steken op het niveau van persoonlijke groei. Wat als we nu eens onze blik uit onze navel zouden halen?
Wat als de man zijn blik op de wereld zou richtten en proberen om een hoger doel te formuleren voor zijn frustratie, wrok en pijn?
Mark Cloostermans
Volgende aflevering:
Een Zwart perspectief
