Het Alkibiades-dossier, het bronnenboek bij de roman

In 2023 verscheen de grote en grootse roman Alkibiades, van Ilja Leonard Pfeijffer. Alkibiades een historische roman noemen doet boek en auteur tekort, omdat het ook een roman is over universele thema’s die van alle tijden zijn en bovendien over bedreigingen en verval van de huidige democratie. Maar Alkibiades is dus ook een historische roman, waar Pfeijffer alle bronnen voor heeft geraadpleegd die ons zijn overgeleverd. Dat zijn er veel, wat alles te maken heeft met de fascinatie van Alkibiades’ tijdgenoten en die van generaties na hem van de hele Oudheid voor deze mateloos ambitieuze Atheense politicus, militaire strateeg, intrigant, olympisch kampioen en lieveling van Socrates.

Pfeijffer zegt dat tijdens het schrijven van Alkibiades Alkibiades bezit heeft genomen van zijn hoofd en zijn pen om voor eens en voor altijd de waarheid te openbaren. Dat zijn twee claims, een van Pfeijffer en een van Alkibiades:

(…) tussen 1 januari 2022 en 4 maart 2023 na Christus heeft hij zich aan mij opgedrongen om met nadruk en overtuigingskracht te betogen dat hij (…) zelfs op die momenten waarop iedereen op de agora, op de Pnyx, en in de haven en in de stegen dacht te weten dat hij de stad verraden had, niets anders dan het belang van Athene voor ogen heeft gehad. (…) Ik heb mijn pen en mijn talent in dienst gesteld van zijn missie. Ik geloofde hem (…).

Heeft Pfeijffer zich laten beïnvloeden? Is hij, zoals tweeënhalfduizend jaar geleden zovelen, gevallen voor Alkibiades manipulatieve talenten en heeft hij een beeld van Alkibiades geschapen, geheel vormgegeven naar diens wensen? Dat is een gerechtvaardigde vraag, vond ook Pfeijffer, die besloot zijn lezers de mogelijkheid te bieden zelf hun conclusies te trekken op grond van de bronnen. Hij heeft derhalve het volledige dossier over Alkibiades openbaar gemaakt in de vorm van een lijvig, 454 bladzijden tellend bronnenboek, getiteld De luimen van de leeuw. Bovenstaand citaat komt uit het voorwoord daarvan.

In De luimen van de leeuw zijn de auteurs Thucydides, Xenophon, Diodorus Siculus en Plutarchus ruim vertegenwoordigd met elk vele tientallen bladzijden. Veel andere bronnen beslaan niet meer dan één of enkele bladzijden. Zoals Aristophanes, van wie een fragment uit de komedie De kikkers is opgenomen, waaruit Pfeijffer ook de titel van dit bronnenboek heeft gelicht. In sommige bronnen worden daden van Alkibiades afgewogen beoordeeld, in andere wordt de loftrompet gestoken, in nog weer andere vallen hem louter verwijten ten deel en sommige scribenten lijken uit te zijn geweest op karaktermoord.

De eerste bronnen die Pfeijffer opvoert zijn inscripties. Decreten werden in Athene in marmer gebeiteld met de naam erbij van de initiatiefnemer. En op potscherven werden namen gekrast opdat ze konden dienen als ostraca, ‘stembiljetten’ voor schervengerichten. Alkibiades was een van de genomineerden voor ballingschap van het schervengericht van 417 v. Chr., maar ontsnapte daaraan dankzij een slimme coalitie-manoeuvre. De opwinding daarover leidde overigens tot het afschaffen van ostracisme. De inscripties zijn vertaald door Pfeijffer – die immers graecus is – en dat geldt verder voor alle bronnen waarvan niet al een vertaling voorhanden was. Het laatste deel van De luimen van de leeuw bevat bronnen uit de Romeinse keizertijd en sluit af met een kort citaat uit ‘Over de troost van de filosofie’ van Boëthius, geschreven in 523 n. Chr. De bronnen beslaan dus de periode tussen 416/17 v. Chr. tot 523 n. Chr., oftewel bijna duizend jaar! Heeft dat zin, bronnen uit de 5e en 6e eeuw bestuderen die gebeurtenissen en mensen beschrijven van duizend jaar eerder? Ja. Omdat die bronnen gebruik hebben gemaakt van bronnen die niet zijn overgeleverd, zodat daar indirect toch (enige) toegang tot wordt verkregen.

Het bronnenboek is opgedeeld in ongenummerde hoofdstukken, elk gewijd aan een individuele bron, zoals Plutarchus of Plato, of aan een bronnenverzameling, zoals de inscripties, redenaars, of schrijvers uit de Romeinse keizertijd. Elk hoofdstuk begint met een toelichting door Pfeijffer op die bron of bronnen. Je hoeft geen classicus te zijn of een gymnasiumdiploma te hebben behaald om De luimen van de leeuw te kunnen appreciëren. Thucydides en zeker Plutarchus konden goed schrijven en wat goed schrijven is, is sindsdien niet wezenlijk veranderd.

Voor wie gefascineerd is door Pfeijffers Alkibiades en daardoor ook door de historische Alkibiades, valt veel te halen uit dit bronnenboek.

Hans van der Heijde

Ilja Leonard Pfeijffer – De luimen van de leeuw – de bronnen voor Alkibiades. Athenaeum, Amsterdam. 454 blz. € 34,99.