Oog voor detail

Uitgeverij Fragment is een fijn boekenfabriekje dat tegen de keer de literatuur levendig houdt met secundair werk. Pas net viel het cahier van Baudelaire in de kast te zetten pal naast, om maar eens wat te zeggen, werk van Belinda Bauer, of de polemist en stilist L.H. Wiener herziet in Vadermoord al weer het werk van zijn ‘literaire vader’ Willem Frederik. Met als ondertitel Over Het behouden huis en Nooit meer slapen van W.F. Hermans.

Het eerste essay Het behouden huis revisited opent met een citaat uit De raadselachtige Multatuli van de grote meester zelf. Een rechtvaardiging als het ware voor zijn eigen ‘roesachtige’ werkwijze. Hermans die erom bekend stond dat hij vaak werken heel snel schreef en achteraf, juist ook bij herdrukken, eindeloos bleef corrigeren.

Bekrompen idealisten, van elke artistieke gevoeligheid verstoken, letten meer op inhoud dan op stijl.

En juist over stilistische onvolkomenheden valt Wiener bij herlezing van de twee titels, op milde wijze, ‘Vadermoord’ is dus ietwat sterk uitgedrukt. Het beetje zelfspot dat Wiener zich hier veroorloofd. Als jongeling van zeventien werd hij door de novelle en de roman van Hermans tegen wil en dank de literatuur ingezogen. De magistrale ervaring van een nieuwe wereld. ‘Een meedogenloos universum, vol van arglist en geweld, waarin de mens zijn ware gezicht pas laat zien als hij ontmaskerd wordt.’ Tussen de twee titels verslond de jonge L.H. nog de roman Conserve en de novellen De leproos van Molokaï en Hermans is hier geweest.

Het is de vraag of je überhaupt terug moet keren op je schreden. Je bent zelf nu eenmaal ook niet meer de persoon van lang geleden, elke zeven jaar schijnen al je cellen, op die van lever, hart en alvleesklier na, ‘over de kop’ te zijn gegaan. Wiener (1945) is uiteraard als schrijver en als lezer sterk geëvolueerd.

Hij was dertig jaar lang naast schrijver ook leraar aan het Haarlemse Stedelijk Gymnasium, maar er moet nadrukkelijk worden gemeld dat de essays niets schoolmeesterlijks hebben. Er spreekt eerder een grote weemoed uit. ‘Soms zou men iets minder gelijk willen hebben.’

Aanvankelijk verscheen de novelle Het behouden huis in de Ultimatumreeks van de Bezige Bij. Het is niet meer te achterhalen aan wie dit ultimatum was gericht. De huidige literaire wereld kan wel een ultimatum gebruiken. De verzanding in ‘ideeënboekjes’ is groot. Uitgevers zoeken krampachtig naar iets dat verkoopt, een auteur die lekker te vermarkten is. Schrijvers zweven op het moment. Een tekst kan kwaliteit hebben, goed geschreven zijn, werkelijk boeien, een boek kan vormtechnisch knap in elkaar zitten, maar dat is verworden tot bijzaak. Maar dit terzijde.

Het behouden huis verscheen verlaat omdat de jonge Hermans nog meermaals veranderingen doorvoerde. De twijfel als basis voor kwaliteit. In 1953 werd de novelle opgenomen in de bundel Paranoia. Wiener legt de verschillende versies naast elkaar en analyseert de pijnplekken, constateert dat het nog steeds een gatenkaas van slordigheden is.

Ook de definitieve versie in het Verzameld Werk wordt nog onder de loep genomen. Juist dit vergelijkende onderzoek tussen de verschillende uitgaven maakt Vadermoord zo interessant. In feite onderzoekt Wiener zijdelings zijn eigen schrijverschap, zijn bron. ‘In diverse publicaties heb ik W.F. Hermans mijn literaire vader genoemd, een eervolle vermelding, die ik hem tot mijn laatste pennenstreek zal blijven aanreiken.’  Ook al is Wiener voor de onvolkomenheden in de everseller Nooit meer slapen eveneens heel kritisch, dit cahier moet toch vooral worden gezien als een terugkoppeling, als een viering ook van het detail.

Ik ben als schrijver geboren, maar als schoolmeester in de wieg gelegd, evenals mijn literaire vader Willem Frederik Hermans.

Guus Bauer

L.H. Wiener – Vadermoord. Uitgeverij Fragment, Leiden. 36 blz. € 19,50. (Uitverkocht inmiddels)

Het stuk over Nooit meer slapen verscheen eerder op Tzum.